Eva De Roovere

Geplaatst in Artiesten

Eva De Roovere staat bekend als een van de mooiste stemmen van Vlaanderen. Het is een vrouw die van vele markten thuis is. Dat lazen we in de maand oktober 2012 nog maar eens in een artikel in De Standaard. Daarin gaf Eva toe dat ze ook een soort creatieve handigheid in de vingers heeft en er stilletjes van droomt om daar iets mee te doen: juwelen ontwerpen bijvoorbeeld. “Ik draag heel graag oorbellen, maar verlies ze altijd zo makkelijk. Een tijdje terug vroeg ik me af waarom ik er zelf geen zou maken. Zo moeilijk kan dat toch niet zijn? Ik bestelde op internet een setje en ging aan de slag. Als ik er nu nog kwijtspeel, is dat niet zo’n ramp, dan maak ik er gewoon nieuwe. Als kind was ik al een onverbeterlijke prutser. Ik amuseerde mij met het in elkaar knutselen van kijkdozen. Daar meubeltjes en gordijntjes voor maken, was heerlijk. Dat is een gave: ik kan me enorm lang concentreren op kleine prullen. Uren aan een stuk, tot ik er suf van word. Soms is het al avond wanneer ik besef dat ik bijna een hele dag aan juweeltjes heb gewerkt. Als ik daarmee bezig ben, voel ik me weer kind. Het ontspant me enorm. Als ik zit te frullen, denk ik aan niets anders. Na een drukke week is zoiets een verademing.” Maar muziek voert in haar leven de boventoon, zo ook in dit verhaal waarin we proberen een overzicht van haar muzikale carrière te schetsen.

Eva werd de veertiende juni 1978 in Lier onder het gesternte Tweelingen geboren. “Ze zeggen van ons dat we een double face hebben en dat is wel zo. Ik zit aan de ene kant graag thuis knus in de zetel onder mijn dekentje, genietend van een of andere soap. Dan voel ik me gesetteld. Aan de andere kant heb ik ook een avontuurlijk trekje, ben ik iemand die risico’s wil nemen, op een podium wil staan en verre reizen wil maken. Dat botst weleens regelmatig: de ene kant in mij wil weg, op stap, en de andere kant wil graag knus thuiszitten. Ben ik bijvoorbeeld twee weken weg van huis, dan verlang ik weer naar het thuisfront.” Intussen is nu, jaren later, compleet veranderd. Eva is soms maanden weg van thuis. Zo verleef ze in de maanden mei en juni 2017 in de States.

Eva groeide als enig kind op in een ambtenarengezin. Moeder was bibliothecaresse in Grobbendonk met dit voordeel dat dochterlief zowat alle jeugdboeken heeft gelezen, en papa was boswachter. “Als kind kende ik vrij snel het verschil tussen een kastanjeboom en een berk. Ik ging vaak een frisse neus halen en ben dan ook echt een mens die de buitenlucht nodig heeft.” Qua muziek stond er thuis veel klassiek op. Haar ouders zijn dol op muziek trouwens. Geen wonder dat Eva op haar achtste al naar de muziekschool trok. Ze volgde daar een klassieke muziekopleiding. “Ik heb klarinet gevolgd vanaf mijn 8ste tot mijn 18de en viool vanaf mijn 15de tot mijn 18de.”

Haar voedingsbodem thuis was vrij breed, want daar leerde ze niet alleen opera waarderen, maar ook operette én kleinkunst. Van Boudewijn de Groot tot en met Miel Cools. “Daardoor is mijn muzikale smaak nogal genreoverschrijdend. Ik word eerder aangesproken door een liedje an sich. Als het goed zit, dan maakt het voor mij niet uit in welke stijl het gebracht wordt, ook al is dat punk of jazz“, aldus een bevlogen Eva. Tijdens haar tienerjaren was ze een hevige fan van The Cure en Nirvana. Later werden dat onder meer Tori Amos, Carla Bruni en Suzanne Vega. Ook Turkse en Marokkaanse muziek zal in de loop van de jaren nadien haar aandacht trekken. In haar tienertijd wanneer ze middelbare school loopt, gaat ze graag met vrienden en vriendinnen op stap. Dromen koesterde ze natuurlijk zoals elke puber. “Ik droomde er toen al van om actrice te worden, al wou ik als kind eerst dierenarts of architecte worden, maar sowieso nooit zangeres. Ik dweepte in die tijd met een acteur als Jan Decleir en de hele Vlaamse toneelscene. Ik was in de wolken trouwens toen ik hen leerde kennen toen ik me als studente inschreef aan het Herman Teirlinck Instituut. Pas na het slagen in 1996 voor mijn ingangsexamen kwam ik aan de weet dat mijn vader aan Studio Herman Teirlinck kleinkunst wou gaan studeren, dus meer de muziekrichting uitgaan, niet persé acteur worden, maar heeft dat nooit gedaan. Dus hij maakte geen bezwaar, wat mijn keuze betreft. Maar voor mij draaide het toch anders uit dan verwacht, want na mijn tweede jaar zagen mijn leraren in dat ik niet als actrice in de wieg was gelegd, maar eerder als zangeres of toch iemand die met muziek aan de bak zou komen. Ergens begreep ik dat wel, want ik ademde muziek. Mijn moeder zong thuis altijd, ik baadde als het ware in de muziek. Dat lag me dus beter dan acteren. Stilaan begon ik mijn eigen liedjes te schrijven. Die liet ik aanvankelijk door mijn vriendinnen zingen omdat ik vond dat die een mooiere stem hadden dan ik. Pas toen ik aan Studio Herman Teirlinck ging studeren, ben ik mijn liedjes zelf beginnen zingen. Meteen bleek dat ik over een leuke stem beschikte en ook toonvast kon zingen.”

In 1998 laat Eva, veel vroeger dan gepland, het Herman Teirlinck Insituut achter zich. Zij kreeg hier onder meer les van Wannes Van de Velde, die haar de knepen van het gitaarvaak probeerde bij te brengen. Eva had intussen via een affiche op een advalvasbord vernomen dat de folkgroep Kadril op zoek was naar een zangeres en zij vroeg aan Wannes, die Kadril behoorlijk goed kende van er samen mee op te treden, wat hij daar van vond. Hij raadde haar aan zeker aan de auditie deel te nemen.  Op die manier kon Eva haar stem wat oefenen en wat kennismaken met de folkmuziek. Via een auditie gaat men in 1998 bij Kadril namelijk op zoek naar een vervanging voor Patrick Riguelle, die andere oorden wou opzoeken. Kadril was in 1976 ontstaan uit de toenmalige jeugd- en natuurbeweging Wielewaaljongeren. In 1986 verschijnt hun eerste elpee. Ze evolueren stilaan richting folkrock. Eva slaagt tijdens haar auditie en mag de plaats van Patrick innemen. Vanaf april 1998 gaat zij als frontvrouw met Kadril op tournee. Zo schittert zij als 19-jarige op het podium van Dranouter, Winterfolk, Boterhammen in de Stad en leert zij samen met hen een deel van Europa kennen. Wanneer in 1999 het nieuwe album van Kadril verschijnt, dopen ze dat meteen “Eva”, waarop De Roovere onder meer Noten kraken en Van boord zingt, in een productie van Werner Pensaert. “Dat was van mijn kant even afwegen of we dat album zo wel zouden noemen. Maar we dachten aan de eerste vrouw uit het Genesisverhaal, Eva, en dit was het eerste Kadril-album met een vrouwenstem voorop, vandaar. Ze wilden trouwens het verschil maken met de stem van Patrick Riguelle en de mijne, dat moest duidelijk hoorbaar zijn“, dixit De Roovere. Aan journalist Walter Vanheuckelom vertelde ze jaren later over die periode: “Ik ben bij Kadril begonnen toen ik nog heel jong was en daar ben ik nog steeds blij om. Op die manier kon ik beginnen met roots- en folkmuziek en dat is toch de basis waarop wij hier muziek maken, en ook de Nederlandstalige teksten spraken me wel aan.” Tussendoor volgde Eva nog zang en piano aan Jazz Studio Tritonus in de De Vrièrestraat te Antwerpen (deze school is een privé-initiatief, opgericht door onder anderen Ondine Quackelbeen). Eva wil van vele walletjes eten en neemt in de maand januari 1999 deel aan het Leids Cabaret Festival met het programma “Eeef & Coo”, dat ze samen met Colette Notenboom bracht. Zij sleept daar als eerste Belg de overwinning en de rpijs van de jury in de wacht. Toen ze in het tweede jaar aan het Herman Teirlinck Instituut te horen kreeg dat ze gebuisd was, deelde Eva deze tegenslag met haar Nederlandse medestudente Colette, die toen ook net naar huis was gestuurd. Om niet bij de pakken te blijven zitten, steken ze de koppen bij elkaar en trekken richting Leiden. Na die overwinning zetten ze het programma “Mierenneuken” op het getouw, waarmee ze de daaropvolgende drie jaren veel in Nederland hebben opgetreden.

Haar voorliefde voor folk en vooral wereldmuziek kan Eva nog meer botvieren wanneer zij in 2001 aanbelandt bij de Belgische groep Oblomow. Folk en wereldmuziek is namelijk hun dada. “Ik was Kadril niet beu, maar ik wou geen jaren na elkaar datzelfde genre blijven zingen. Ik wou mezelf niet profileren als een folkzangeres. Dat klinkt misschien cru, want ik heb dat heel erg graag gedaan. Maar ik wou andere horizonten verkennen. En toen kwam Gerry De Mol langs met zijn project Oblomow. En het klikte.” De leden van de groep komen uit Vlaanderen, Turkije, Irak en Marokko, onder anderen: Berlinde Deman, Metin Toplar, Azzedine Jazouli, Laila Amezian en Gerry De Mol. “Het was Gerry die me belde. Hij had mijn telefoonnummer gekregen van iemand van Kadril. Hij vroeg me meteen op de vrouw af of ik niet wilde meedoen aan het project ‘Sporen’, aldus Eva. “Sporen” was een totaalproject waarin tekst, beeld en muziek samenvloeiden, zonder dat ze elkaar hoefden te illustreren. Het concert bracht de muziek van de eigen volkeren van Vlaanderen. De sporen die ze achterlaten, die wij hen meegeven, die ze dragen, die we volgen. De sporen uit Spaanse, Joodse, Engelse, Amerikaanse, Vlaamse, Nederlandse, Franse, Marokkaanse, Portugese, Braziliaanse, Turkse, Iraakse en eigen stadsculturen. De eigen composities zijn van Osama Abdulrasol, Mattias Laga en Gerry De Mol. Het concert was een suite van instrumentale en gezongen liederen. Enkele verhalen lopen door elkaar. Maar steeds in de achtergrond van migratie: weglopen, terugkomen, overleven, dromen, heimwee, verwachtingen, ontgoochelingen en feesten; en daar de sporen van meedragen, van rijker worden van mooie dingen, maar ook van lange tochten, gevangenzitten in het steeds weer weggaan en onderweg zijn. Van schoonheid creëren. Van iemand missen en iemand meenemen en iemand achterlaten. De verhalen werden afwisselend door de muzikanten en zangers verteld en afwisselend met projectie van teksten (Richard Minne, Nazim Hikmet, …) en vooral de foto’s die Patrick De Spiegelaere in Latijns-Amerika en Afrika nam. De foto’s hebben hun eigen verhaal. Soms neemt de projectie van foto’s en tekst de dynamiek over tijdens stillere instrumentale nummers. Het Sporen-project van Oblomow liep in november-december 2001 en januari 2002 live in samenwerking met Vredeseilanden. De negentwintigste november 2001 had de première plaats in CC Ter Rivieren in Deurne, daarna waren er optredens in Vooruit Gent, de Minnepoort in Leuven, De Doos in Hasselt, de Stadsschouwburg in Kortrijk en de Warande in Turnhout. Er is ook het album “Sporen”. Het jaar nadien scoort Oblomow veel lof in de pers door hun optreden op het Dranouter Festival. Twee jaar later is er het album “Ya’waaw”. De muziek komt deze keer uit Sefardische bodems, Arabo-Andalousische wortels, klassiek Arabische en Europese stammen en vertakkingen naar hedendaagse singer-songwriters, Kurt Weill en eigen werk. Voor Eva was dit project en die samenwerking weer een stap in de juiste richting.

Om zo veel mogelijk haar facetten aan bod te laten komen, is er in de maand februari van 2003 Eva’s samenwerking aan het project “Hamdallaye” van Vredeseilanden met muzikanten uit Vlaanderen en Senegal, en precies een jaar later het theaterproject “Jumbalaya” met daarin aandacht voor countryklassiekers. “Jumbalaya was een van de eerste projecten van Compagnie Maandacht (Maandacht is een organisatie met als doel een aantal creatieve geesten te bundelen om culturele initiatieven te realiseren. Zij willen een brug zijn tussen artiesten, pers en organisatoren om alzo muziek- en theaterproducties te ondersteunen). Ron Reuman en ik zijn al heel lang vrienden en collega’s, hebben elkaar leren kennen bij Kadril, en Ron heeft me toen gevraagd om te zingen, samen met Nathalie Delcroix en Chris Mazarese. Mijn eerste, maar zeker niet laatste, kennismaking met het zingen van countrymuziek“, aldus Eva. “Het is inmiddels zo lang geleden dat ik er niet veel meer over weet. Ik heb geen flauw idee waar de première plaatshad. Er is daar nog weinig info over terug te vinden. Wat ik wel nog weet is dat ik onder andere ‘Jerusalem Tomorrow’ van Emmylou Harris zong: ‘Man you should have seen me way back then. I could tell a tale, I could make a spin. I could tell you black was white, I could tell you day was night. Not only that I could tell you why’. Ik vond dat erg leuk om te zingen, vooral met dat zwaar Amerikaans accent. Voor dit project heb ik ook leren jodelen. Ik had dat nodig in het nummer ‘Cowboy’s Sweetheart’. Er zijn daar meerdere versies van: de originele is die van Patsy Montana, nadien opgepoetst door LeAnn Rimes, en bij ons in Vlaanderen op cd gecoverd door Sanne.

In de maand oktober van 2004 besluit Eva na zes jaar haar samenwerking met Kadril stop te zetten. Ook Oblomow blijkt een springplank te zijn naar het volgende, het project “Kleine Blote Liedjes”, een idee van Gerry De Mol samen met Eva. “Kijk, dat was gewoon de volgende stap waar ik naartoe wou groeien. Dat lag al veel dichter bij hetgeen ik als soliste wou gaan doen. Ik vertel ontzettend graag verhalen en dat kon in dit nieuwe project met Gerry al behoorlijk goed. Het was nog niet de perfectie die ik voor ogen had, maar het kwam alvast aardig in de buurt. Ik heb me altijd een soort zingende actrice gevonden, die de verhalen van anderen en van mezelf overbrengt op het publiek. Intussen zijn dat stilaan meer en vaker nog uitsluitend mijn eigen verhalen geworden.”

Gerry en Eva treden zelfs op tijdens het Aardklop Festival in Zuid-Afrika. “Kleine Blote Liedjes” is ook de titel van de cd die de zevende februari van 2004 bij Culture Records verschijnt. Het jaar voordien al opgenomen op diverse plaatsen, waaronder de Ecole de Clerheid in Clerheid en MotorMusic te Koningshooikt. In de studio krijgen ze muzikale ruggensteun van Gert-Jan Blom, Evi Baetens, Lode Vercampt en Joni De Mol. Naast een rist eigen songs zijn er liedjes te horen van Roberto Carlos, Kris De Bruyne, een bewerking van een menuet van Bach, Gillian Welch en Richard Thompson. De eenentwintigste februari staat het album op de zestiende plaats in de Ultratop Album 200. Graag gehoord en veel gedraaid uit deze cd is Op een hoopje, waarmee ze in 2004 zelfs op de eerste plaats eindigen in de Top 20 van het Radio 1-programma “Carte Blanche”.

We zouden het nog vergeten, maar Eva herinnert ons aan hun samenwerking met de Portugese fadozanger Pedro Moutinho voor het theaterproject “Het lied der rusteloosheid”, met daarop liederen op tekst van Herman De Coninck en de Portugese dichter Fernando Pessoa. In De Standaard lezen we, vijf dagen na hun opvoering van de veertiende januari 2005 in de Arenbergschouwburg, het volgende: “De Mol wilde de gedichten van De Coninck en Pessoa samenbrengen in het fadoprogramma dat hij al langer wilde maken. De verschillen en de gelijkenissen tussen de dichters en hun werelden van papier, vormen nu het uitgangspunt van ’Het lied der rusteloosheid’, dat afgelopen vrijdag in Antwerpen in première ging. Het samenbrengen van verschillende artistieke werelden is een van de specialiteiten van Oblomow, dat overigens evolueert naar een los-vaste groep van muzikanten die in wisselende bezetting met elkaar kunnen samenspelen. Voor ’Het lied der rusteloosheid’ staan tien artiesten op de scène. Met de cellist Lode Vercampt en de accordeonist Ivan Smeulders werkte De Mol al vaker samen, daarnaast werd voor de gelegenheid het klassieke koperblaaskwartet Os Desassossegos (De rustelozen) gevormd, speelt Pedro de Castro Portugese gitaar en vond men na een lange zoektocht de fadist Pedro Moutinho om de Portugese liedjes te zingen. Hij is de broer van de wereldvermaarde fadist Camané. Met zijn bijzonder mooie stem vertolkt Moutinho een paar fadoliedjes die in Portugal op de gedichten van Pessoa werden gemaakt, en de twee geslaagde nummers die De Mol daaraan toevoegde, Relogio en het slaapliedje Dorme, criança, dorme. Ook de liedjes met gedichten van De Coninck die door Eva De Roovere worden vertolkt, passen wonderwel in het geheel. In nummers als Liedje en Verjaardagsvers vallen tekst en muziek zonder meer samen. Andere teksten vereisen uitstapjes naar de jazz, verplichten tot een parlando of vragen om muzikale spielereien die de charmante humor van De Coninck kunnen vertalen.”

In 2005 is er ook de cd “Min & Meer” met deze keer veertien liedjes waarin Eva en Gerry worden bijgestaan door onder anderen Ivan Smeulders, Lode Vercampt, Wouter Vandenabeele, Vera Coomans en Luc Van Den Bosch. Gerry De Mol schreef zowat alle liedjes, behalve Blokje om, dat een vertaling is van The long way home van Tom Waits, en Teder hart, waarin je wellicht Les cœurs tendres van Jacques Brel zal herkennen. Van 2005 tot 2006 toert Eva samen met Liesbeth List, Kris De Bruyne en Lucas Van den Eynde met de liedjescarrousel “Kleinkunsteiland”. Het wordt een vocale zoektocht naar het betere Nederlandstalige lied. Eva zingt onder andere haar eigen Op een hoopje, Mia van Gorki en Van God los van Monza. Tijdens de voorstelling kunnen de aanwezigen ook genieten van Eva’s virtuositeit op de klarinet. Ook het verhaal met Gerry kent een einde: “Ik stelde na een tijdje vast dat ik de jaren voordien steeds had samengewerkt met mensen die ettelijke jaren ouder waren dan ik. Gerry bijvoorbeeld achttien jaar ouder dan ik en dan is je beleving van en je kijk op de wereld compleet anders. En ik werkte veel met mannen samen, die trouwens die muziekwereld aardig inpalmen, nog steeds. Ik was een vrouw van 28, die haar visie op de wereld eens wou laten klinken, wat méér op zichzelf gericht. Die anderen liepen me niet in de weg, hoor. Ze hebben me heel veel bagage meegegeven, maar ik wou eens op mijn eigen vleugels vliegen. Ik vond het hoogdringend tijd om volwassen te worden. Ik moest even, sterk uitgedrukt, de zogeheten vadermoord plegen, uit mijn luie stoel komen en bewijzen dat ik het ook zelf kon. Men hoefde niet meer te dicteren wat ik hoorde te doen, ik mocht het voortaan zelf bepalen en uitstippelen.

Omdat ze zo graag op eigen vleugels wil vliegen en alleen op jacht gaan naar succes, richt Eva in 2006 haar eigen begeleidingsgroep op en verrast ons de zesentwintigste augustus van dat jaar met de release van het album “De Jager”, in een productie van Jo Francken. “Ik wou met dit album een soort statement maken, zo van: dit ben ik nu, dit is wat ik wil doen, dit is mijn eigenste verhaal. De titel ‘De Jager’ draagt in zich een gevoel van iets wat ik wil najagen. Met name zelf iets bereiken, zelf een album maken, zelf aan liedjes sleutelen. Van nature ben ik dat ook, iemand die jaagt, najaagt, maar niet ten koste van anderen. Op de hoes heb ik me voor de gelegenheid in een bruidsjurk uitgedost, ik Eva De Roovere als de jagende bruid. Met plezier draaide ik het cliché om. Deze keer niet eens de man als de jager, maar de vrouw.” Eva had vooraf met Jo Francken enkele demo’s opgenomen en die was daarmee naar Universal België gestapt. Die waren erg enthousiast, ook al omdat ze Eva kenden van haar vorige projecten. Er moest wel snel boter bij de vis komen, dus zo snel mogelijk een studioalbum inblikken. Bekende namen in de studio tijdens de opname, onder anderen: Wigbert Van Lierde, Wim Punk, Hans Francken, Tom Vanstiphout en Ruben Block. Er wordt opgenomen in de studio’s MotorMusic en Galaxy. Drie liedjes schrijft Eva in haar dooie eentje: Om mee te slapen, Dat mag niet en Fantastig toch. Wat dat laatste betreft, dit is niet de hitversie waarmee ze als Slaap lekker in 2009 groots zal scoren. Het album zet in met Niemand zoals wij van Frank Vander linden. Eva over die samenwerking: “Ik vind Frank tekstueel sowieso heel sterk, dat stond buiten kijf. Hij heeft dat Vlaams rockgehalte. Ikzelf heb geen rockstem, maar ik hou wel van die stijl. Persoonlijk had ik op dat moment nog niet echt de kunst van het schrijven onder de knie en daarom had ik vooraf een lijstje gemaakt van mensen met wie ik wou samenwerken. Op het moment dat we met de opnamen begonnen, had ik vier liedjes kant-en-klaar zelf afgewerkt. Mijn management had Frank gevraagd of hij voor mij iets wou schrijven. Hij heeft er dan drie geschreven en die me op een demobandje bezorgd, zelf ingezongen. Daar zijn Niemand zoals wij en Zonde van de tijd van overgebleven. Raar maar waar, Frank kan goed schrijven vanuit de positie, de leefwereld van een vrouw.” Niemand zoals wij werd nadien geremixt, nadat het vooraf vaak op de radio was gedraaid en men het naar de zomer toe een wat frissere touch wou meegeven. Eva werkte voor het album ook samen met Luka Bloom, Tom Van Laere, die de titelsong schreef, en met Joost Zweegers met wie ze Emma schreef. Ik had de tekst al klaar en een vaag idee over de muziek, maar het schoot niet echt op en dan heeft mijn producer Joost getipt. We zijn toen letterlijk gaan samenzitten, met Joost al zingend aan de piano, en zo hebben we samen de klus geklaard. En ik moet eerlijk zeggen, dat gaf me op dat moment toch wel een ferme boost. Speels flirtend pakt Eva op dit album uit in het nummer Laat me je lied zijn: “Krijg je me niet op papier, ik help je graag op weg. Ja, ik ben je fantasie, maar dan levensecht. Laat me jouw…”

“De Jager” staat de negende september 2006 op de zesde plaats in de Ultratop Album 200. Uit dat album verschijnen achtereenvolgens op single: De jager, Laat me je lied zijn en Fantastig toch. “Ik schreef Fantastig toch ergens midden in de nacht. Ik schreef dat over mijn toenmalig lief en de tegenstrijdige gevoelens die dat met zich meebrengt. In amper twintig minuten was de klus geklaard. In de periode dat ik het schreef, had ik net zo’n fase dat ik in mijn liedjes graag woorden samentrok. Tederstrijdig in plaats van tegenstrijdig, dat soort vondsten. Fantastisch moest hier rijmen op lastig, vandaar. Je kan dat zo hebben, dat je iemand graag ziet, maar dat de relatie toch niet gemakkelijk gaat. Een soort haat-liefdeverhouding, daar gaat het eigenlijk over“, vult Eva aan. Op het album staat eveneens het nummer Anoniem, door haar geschreven samen met Joost Zweegers, Frank Vander linden en Nadia Hoeterickx, dat Eva iets later tijdens “Mooi! Weer de Leeuw” van Paul de Leeuw live zal brengen.

Na een tijdje wordt “De Jager” met goud bekroond. “Ik kan zelf niet zeggen hoe het komt dat dat album een gouden plaat is geworden en uiteindelijk triple goud, maar ik weet wel dat heel mijn hart erin ligt en dat ik er met een grote groep fantastige mensen hard aan gewerkt heb. Het is een zoektocht geweest naar een eigen geluid en een eigen verhaal en dat heb ik gevonden. En dat wil ik heel graag delen met anderen: het publiek, de muzikanten. Het liefst wil ik met mijn muziek de hele wereld zien, maar als ik iemand op de een of andere manier kan raken met de liedjes die ik maak, dan is mijn dag goed.” Voor de verzamelaars dit even vermelden, want anders vergeten we het, de vierentwintigste april 2017 verschijnt “De Jager” op vinyl, Universal Music Belgium 5743333. Met “De Jager” breekt Eva pas echt in Nederland door wanneer ze daar mag optreden in het voorprogramma van Ilse DeLange, goed voor vier Edisons en bij ons ook bekend als leadzangeres van The Common Linnets en hun Songfestivalnummer Calm after the storm.

In de maand juli van 2007 neemt Eva deel aan een experiment, op het getouw gezet door professor Beyens van de Antwerpse universiteit. Hij trok voordien al meermaals met zijn studenten naar Spitsbergen, een eilandengroep in de Noordelijke IJszee, ten noorden van Noorwegen. Het blijft er licht tijdens de zomer en ze onderzoeken of dat noorderlicht iets doet met de natuur en de dieren. Het opzet van deze wetenschappelijke expeditie naar het noordpoolgebied met zeven wetenschappers en zeven kunstenaars (Ramsey Nasr, Caroline Coolen, Tom Liekens, Eva De Roovere, Diego Franssens, Katleen Vermeir) was na te gaan wat de impact is van het oneindige landschap op onderzoek en inspiratie. Zij moesten het landschap op zich laten inwerken om te zien wat er dan gebeurt in zo’n onherbergzaam gebied. Krijgen die artiesten hier extra inspiratie, of juist niet? “Ik heb altijd gezegd dat ik zo veel mogelijk van de wereld wil zien“, aldus Eva. “Dus toen de vraag kwam, besefte ik: deze kans krijg ik maar één keer.” Vooraf lazen we in de pers dat aan dit experiment een vervolg gebreid zou worden in de Bourlaschouwburg in Antwerpen. Johan Terryn was immers op vraag van de universiteit van Antwerpen meegereisd om heel dat gebeuren op beeld vast te leggen. “In 2007 ben ik inderdaad samen met 7 wetenschappers en 7 kunstenaars naar Spitsbergen getrokken. Ik heb daar een docufilm gedraaid en die is inderdaad een maand na onze terugkeer in de Bourla vertoond, samen met liedjes van Eva en teksten van Ramsey. Het opmerkelijke aan deze voorstelling is dat Eva haar liedjes tijdens de vertoning van de film live brengt, daarbij voor de gelegenheid begeleid door de groep Backback. Dit Gentse trio maakt door de bank het soort jazz dat in het Belgische jazzlandschap te vaak afwezig blijft. Zij spelen rockjazz in de meest non-conformistische zin van het woord. Van die liedjes die Eva in verband met dit project schreef, is er eentje vereeuwigd op de cd “Kleur In E Mineur” van Radio 1, de vijftiende juni 2012 uitgebracht op het ARS-label. We hebben het over het werkelijk prachtige nummer Lichtbevroren dynamiet, dat Eva in alle eenvoud zingt, fluisterzacht begeleid door slechts één elektrische gitaar.

 In de loop van de maand augustus 2007 staat Eva op het podium van de achttiende editie van Boterhammen in het Park, Vlaamse muziek in hartje Brussel. Zij deelt die dinsdag de achtentwintigste augustus het podium van de prachtig gerestaureerde kiosk met Thomas Lauwers. Na het succes met haar eersteling “De Jager” is er de vijfentwintigste april 2008 op het Universal-label “Over & Weer”, ook deze keer in een productie van Jo Francken. Opgenomen wordt er in Studio Dam te Sint-Amands en in de Ace Studio te Aartselaar. Dit album is gegroeid tijdens de reizen van Eva naar Senegal, waar zij een rist fantastische mensen heeft ontmoet die zich inzetten om Senegalese vluchtelingen een degelijke en betaalbare opleiding te geven. In het bijbehorende boekje lezen we dat het dertiende lied Dertien gedownload kan worden. De opbrengst van die downloads gaat integraal naar Cheikh Oumar Sy, medeoprichter van Assape/Ceppe, een vereniging die wil verhinderen dat jongeren de oversteek naar Europa wagen en ervoor wil zorgen dat die jongeren kansen krijgen in hun eigen land. Met de opbrengst wil men de studenten van Oumar Sy een toekomst bieden in hun eigen mooie Senegal. Eva is ambassadrice van Assape/Ceppe. Voor deze cd klopt Eva nog eens aan bij de Zweedse zangeres Pernilla Andersson voor Zomer in Brussel en de titelsong Over & weer. Zij bedankt Tom Helsen voor Dank u wel meneer en vertaalt ze samen met Frank Vander linden I close my eyes van Shivaree. Twaalf liedjes in het totaal, waarvan Orpheus (ze schreef dit in haar kleedkamer toen ze moest wachten om op treden op de Nederlandse televisie in “Mooi! Weer de Leeuw”) de zeventiende mei 2008 in singleversie op zeven in de Vlaamse Top Tien staat, Zomer in Brussel daarin die kans mist, en Mijn ogen toe op single de zeventiende januari 2009 eveneens op zeven in die Vlaamse Top Tien belandt.

Intussen heeft de Nederlandse rapper Diggy Dex van Fantastig toch een rapversie gemaakt. Hij maakt er Slaap lekker (Fantastig toch) van. Diggy Dex is de rapnaam van de Nederlander Koen Jansen. “Ik hoorde Fantastig toch drie jaar geleden en vond het meteen een erg catchy riedeltje. Er zit ook een bijzonder mooie klank in Eva’s stem, maar ja, misschien klinkt voor ons Nederlanders dat Vlaamse accent altijd wel een beetje schattig en sexy.” Diggy’s versie maakte Eva plots wereldberoemd in Nederland. Toen ik die vraag binnenkreeg, hield ik mijn hart vast, want uiteindelijk gaan ze een beetje met je kind stoeien. Maar dat bleek erg mee te vallen. Diggy had het met respect voor het origineel gedaan en ik werd er meteen vrolijk van. Ik ben hem natuurlijk snel gaan googelen, want ik kende Diggy ook niet, maar zijn taalgebruik bleek erg goed bij dat van mij te passen. Diggy Dex heeft er zijn eigen verhaal bij gemaakt, maar zo zie ik het juist graag bij mijn liedjes. Ik hecht niet zo aan de oorspronkelijke betekenis, ik ben helemaal voor recyclage.” In Nederland wordt het nummer op 3FM tot megahit uitgeroepen en staat het bij hen de elfde juli 2009 op één. De zevenentwintigste juni 2009 staan Diggy en Eva op één in de Vlaamse Top Tien en de tweeëntwintigste augustus op twee in de Top Dertig, en dat vijf weken na elkaar.

Dit succes noopt Universal een nieuwe versie van het album “Over & Weer” op de markt te brengen, onder meer aangevuld met Slaap lekker, Om mee te slapen, Dertien en Jongens op brommers, een vertaling van Black boys on mopeds van Sinéad O’Connor. Daarnaast ook een dvd met daarop livebeelden van het optreden van Eva tijdens de “Radio 1-sessies” in het Amerikaans Theater, in een regie van Raf De Clercq. Eva wordt begeleid door gitarist Roeland Vandemoortele, bassist Dagobert De Smet, saxofonist Marc De Maeseneer en drummer Arnout Hellofs. We horen liedjes als De jager, Fantastig toch en Anoniem. Om het geheel compleet en aantrekkelijk te maken, staat op de dvd ook de videoclip van Slaap lekker (Fantastig toch).

Een frisse neus halen, doet Eva ook graag. Vandaar dat ze meteen ja zei toen ze in 2009 werd uitgenodigd voor de vijfde editie van Dranouter aan Zee in De Panne. De vijfentwintigste en zesentwintigste april werd het publiek daar vergast op enkele graag geziene en gehoorde gasten. Een blik op de affiche: Orquesta Buena Vista Social Club, Arsenal, Buscemi & The Michel Bisceglia Live Band, Billy Bragg, Selah Sue, Imperior De Percussion én Eva De Roovere. Voor deze vijfde editie wou de organistatie op zoek gaan naar een exclusieve affiche die een waar muzikaal feest op het podium zou ontketenen, en die belofte werd moeiteloos ingelost. In de zomer van 2009 staat Eva op het podium van Radio 2 in Westende tijdens “Zomerhit” om daar de trofee in de categorie “Nederlandstalig Lied” in ontvangst te nemen voor het nummer Zoals in dat ene liedje, waarvoor ze zowel de tekst als de muziek schreef. De veertiende februari had dit nummer al op zes gestaan in de Vlaamse Top Tien en het is ook te horen op de cd “Over & Weer”. In het kielzog van het succes met Slaap lekker ontvangen onze noorderburen Eva met open armen en gaat ze in Holland de concertante boer op. In de Nederlandse brochures lezen we: “Dit seizoen brengt De Roovere live de mooiste mengeling van ‘De Jager’, ‘Over & Weer’ én al wat nieuwe frisse ideeën. Ook nu volgt een selectie van de beste Belgische muzikanten haar overal. Maar toch zal het net weer íétsje anders zijn...” In de maand augustus van 2010 zingt Eva letterlijk de sterren van de hemel en ziet ze ook sterren wanneer ze opduikt tijdens het Pukkelpop Festival te Kiewit-Hasselt aan de zijde van Snow Patrol, de Noord-Ierse/Schotse alternatieve rockband met voorop zanger Gary Lightbody. In de pers lezen we: “Snow Patrol stond, net als vorig jaar, erg hoog op de affiche van Pukkelpop. En voor deze feesteditie hadden Gary Lightbody en co een inspanning gedaan. Zo waren er extra blazers en strijkers en trad Eva De Roovere op als special guest. Zij zongen het duet Set the fire to the third bar. Het Pukkelpoppubliek reageerde dolenthousiast!” De eerste juli van 2012 doet ze dat feestje met Snow Patrol nog eens over tijdens Rock Werchter en lezen we in Humo: “Ofwel wist u al dat Spanje druk bezig was om het EK te winnen, ofwel was u onder de indruk van wat Snow Patrol u vanavond serveerde. Wij vermoeden het tweede, want wat Gary Lightbody en zijn maats vanavond lieten zien, was op zijn minst een degelijk festivaloptreden. Tijdens Set the fire to the third bar een duet met Eva De Roovere zagen we links van ons een prille festivalliefde ontluiken en tijdens het intieme New York (met Ed Sheeran als gast) leek het alsof de twee vijftigers rechts van ons een jarenlange vete aan het bijleggen waren. Mooie momenten...”

Op onze vraag of Eva De Roovere iemand is die zich ook thuis voelt op de Gentse Feesten (ze zal hier vaker optreden), toont ze ons de affiche van 2010. Dan hebben de Feesten van de zeventiende tot de zesentwintigste juli plaats op de net opgefriste Korenmarkt, waar de organisatoren op het grote podium willen hardmaken dat er alleen Nederlandstalige muziek wordt geserveerd. Zo kan het publiek er optredens bijwonen van onder anderen Kazzen & Koo, Andes en Jan De Wilde. Woensdag de eenentwintigste juli is het de beurt aan Eva, die merkt dat ze dankzij het succes van Slaap lekker (Fantastig toch) een wat nieuwer en jonger publiek aantrekt.

Eva kan het toeren niet laten en werkt samen met Nathalie Delcroix en Tine Reymer het project “Country Ladies” uit, dat ze, begeleid door Roland Van Campenhout, Wigbert Van Lierde, Ron Reuman en Axl Peleman, met veel succes tot bij het grote publiek brengen. Tom Heremans van De Standaard ging de dames bekijken en schreef er de drieëntwintigste september 2010 het volgende over: “Jongens, die meisjes kunnen zingen. Je mond valt open zodra ze, geheel a capella, hun samenzang op de zaal loslaten in de opener ‘More than a hammer and nail’, dat we ons niet beter gezongen herinneren van The Staple Singers. Je mond valt nog verder open wanneer Tine Reymer de lead voor haar rekening neemt in ‘Country in my genes’ van Loretta Lynn. Wat zou je nog acteren als je zo’n stem hebt? En zo gaat dat maar de hele avond door. Twee uur lang putten de dames uit een kleine eeuw muziekgeschiedenis, en nergens laten ze een steek vallen. Ons hart brak bijna toen we Nathalie Delcroix ‘Waiting around to die’ hoorden zingen. Datzelfde hart maakte een sprongetje toen Eva De Roovere begon te jodelen in ‘Cowboy’s sweetheart’. En die goddelijke samenzang, altijd: in het geweldige ‘White trash wedding’ van Dixie Chicks, in het verrassende ‘Pirate’s gospel’ van Alela Diane, en in het onvermijdelijke ‘To know him is to love him’. Een mens zou op den duur gewend raken aan al die stemmenpracht, maar gelukkig was er ook Roland Van Campenhout die af een toe een nummer voor zijn rekening nam met zijn gebroken geneuzel. Dat contrast werkte uitstekend in ‘Mama tried’ van Merle Haggard en in afsluiter ‘Angel band’.”

De dertigste april 2011 is er Eva’s nieuwe album “Mijn Huis”, waarmee De Roovere de zevende mei op de vijftiende plaats in de Ultratop Album 200 staat.  U hoort vooral heel veel Eva, maar ook arrangementen van Spinvis, teksten van onder anderen Piet Goddaer en Kit Hain en de aparte aanpak van de Nederlandse producer Reyn Ouwehand, samen de ideale ingrediënten voor een plaat vol verhalen. We kennen Reyn onder meer van zijn producties voor Kane en de Hermes House Band. Twaalf liedjes in het totaal, zowel in Nederland als in Vlaanderen opgenomen. “Dank aan Reyn voor veel meer dan ik hier kan uitleggen”, schrijft Eva die erg tevredne is over het eindresultaat. Het is een album geworden, waarvan de liedjes Mijn huis, Slaapt de zon en De keizer van de nacht elk apart op single belanden.  In Chocolat laat Eva zich gaan in de taal van Molière: “Pour me faire de l’effet chocolat au lait, pour me rincer la tête chocolat noisette, pour me remotiver chocolat glacé, pour pas que j’sois foutue chocolat fondu, pour tout recommencer chocolat allégé, pour refaire mon histoire chocolat noir.” In dezen een pluim op de schrijvershoed van Kit Hain en François Welgryn. Ook in het liedje Au cœur au corps laat Eva zich van haar beste Franse kant horen. Earcatchers – je mag ze ook oorsnoepjes noemen – op deze plaat en nu al goed om in het archief te bewaren, zijn de duetten Rechttoe en frontaal, samen met Thé Lau, en Antwerpen, dat een vocaal onderonsje is geworden tussen Piet Goddaer, alias Ozark Henry, en Eva. Niet voor niets voor velen een van de lievelingsnummers op deze plaat.

“Mijn Huis” is eveneens de titel van haar volgende theatertournee, waarin De Roovere haar publiek uitnodigt om binnen te kijken in haar gedachten, in haar teksten, in haar liedjes, kortom in haar muziek. Aan twee muzikanten heeft Eva deze keer méér dan steun genoeg: Karel De Backer en Tim Vandenbergh. “Deze tournee was voor mij een uitdaging, vult Eva aan. Ik wou bij de start van een nieuw seizoen meteen ook een ander geluid laten horen. Niet alleen liedjes uit mijn nieuwste album, maar daarnaast ook songs uit De Jager en Over & Weer. Met graagte trok ik ze voor deze gelegenheid een ander jasje aan.” De twintigste september heeft de première plaats in De Roma te Antwerpen, voorafgegaan door drie intieme en erg gesmaakte try-outs.

Het Antwerpse Sportpaleis vormt zaterdag de 30ste april 2011 het decor van de 18de editie van “Nekka Nacht”. Thé Lau & The Scene zijn de centrale gast van deze jaarlijkse hoogmis van Nederlandstalige muziek. Onder anderen Clement Peerens Explosition, Tom Barman, Arbeid Adelt!, Sarah Bettens, Stef Camil Carlens en Eva De Roovere spelen met veel plezier. De presentatie is in handen van Jan De Smet. Journaliste Sascha Siereveld noemde Eva na het bijwonen van die voorstelling “de nachtegaal van Gent” die het niveau wist op te krikken met een stevige aanpak van Fantastig toch en Thé Lau’s Brand dat Eva een nieuw jasje aanmeette. Jammer dat haar optreden zo kort was, maar wel beregoed. Ook Nederland staat weer te popelen om De Roovere met open armen te ontvangen. De zevenentwintigste maart 2012 start haar tournee “Mijn Huis” in Nederland in “De Kleine Komedie” in Amsterdam

, waar Eva met haar band optreedt. Nadien is Heerlen aan de beurt en het laatste weekend van de paasvakantie wordt iedereen in Wageningen verwacht. Het weekend voor de start van de Nederlandse tournee had Eva in Vlaanderen haar optredens van “Mijn Huis” volwaardig afgerond.

De zestiende november 2013 is er op het Universal-label het album “Viert”. Het album staat in de Ultratop Album 200 meteen op 21 genoteerd. “Van al mijn albums tot dan toe vind ik persoonlijk dit het beste. Je hoort heel goed hoe ik door de jaren heen ben geëvolueerd.” Deze cd werd door Luuk Cox geproduceerd en gearrangeerd door Luuk en Eva. Het blazersarrangement op Water is van Marc De Maeseneer. De muziek wordt gespeeld door Luuk Cox (toetsen, drums, bas, gitaren, percussie, programmatie), Arnout Hellofs (drums), Mirko Banovic (bas), Dominik Friede (gitaren), François Gustin (toetsen) & Marc De Maeseneer (saxen). Alles werd opgenomen in Trix Antwerpen door Luuk Cox, Studio La Frette Parijs door Nicolas Quéré, geassisteerd door Jonathan Ratovoarisoa, en ICP in Brussel door Luuk Cox, geassisteerd door Paul Edouard Laurendeau. Het geheel werd thuis gemixt door Luuk en gemasterd in New York door Fred Kevorkian. Of hoe internationaal een album kan zijn en klinken. Eva is ook deze keer zeer ijverig wat het aanleveren van nieuwe songs betreft: Hoe zou het zijn, Je raakt me, Schone schijn, Brekend glas en Luchtballon zijn van haar hand. Bij Dagen van niets kreeg ze de hulp van Mirko Banovic. Water schrijft Eva samen met Bob Neuwirth. De muziek van Onzichtbaar is van Marc De Maeseneer en de tekst van Eva. De tekst van Robin is van Ron Sexmith en de muziek van Eva, ook het gedicht dat gesproken wordt in Robin, is van Eva. Het deert me niet (I Don’t Mind) is een lied van Pieta Brown, Telefoon (The Call) is een nummer van Bob Neuwirth en Geen zorgen meer (Ain’t Gonna Worry No More) is van de hand van Peter Case. Veel dank gaat vanwege Eva uit naar alle schatten van mensen die meegewerkt hebben aan deze cd. Veel dank aan iedereen die in deze cd gelooft. Veel dank ook aan iedereen die gelooft in de kracht van muziek. Van dit album bestaat er een gelimiteerde versie met, naast de studio-opnamen, een liveregistratie van haar tournee 2011-2012 “Mijn Huis”. We horen liveversies van onder meer Mijn huis, Fantastig toch, Slaapt de zon en Dank u wel meneer.

In de schaduw van “Viert” verschijnt in de maand oktober 2013 de gedichtenbundel “Positron”, uitgegeven bij Poëziecentrum in Gent. Op Eva’s website lezen we daarover: “Positron is geschreven in studios tussen twee opnames in, tijdens autoritten, backstage voor en na concerten, voor vrienden en collegas, over alles en niets bijzonders, zomaar ergens en nergens tussendoor en gewoon voor mezelf. En nu dus ook voor u: een gedichtenbundel over verloren dagen, maskers, woestijnen en schaamhaar. Deze keer niet gezongen.” Om nog maar eens in Eva’s overdrukke agenda te bladeren: op vrijdagavond de negentiende juli 2013 staat ze bijvoorbeeld geprogrammeerd op het podium van het Hogeschoolplein te Leuven tijdens de vijfentwintigste feesteditie van Beleuvenissen. Op andere locaties kun je die dag optredens bijwonen van Natalia, Brahim, De Corsari’s en Kings of Pop. Een poppy entourage waarbinnen Eva zich best thuis voelt.

De initiatieven en projecten van De Roovere tot in het kleinste detail vermelden, is onbegonnen werk. We moeten ons binnen deze bio dan ook beperken tot een overzicht in vogelvlucht, waarin het nu volgende project wél wat aandacht verdient. Vooral bedoeld voor de Nederlandse markt bundelt Eva eind 2014, en de periode nadien, haar talent samen met dat van Hannelore Bedert. Af en toe wordt ook in Vlaanderen in die bezetting opgetreden. Daarover schrijft journalist Marc Vos na een voorstelling in de maand maart 2015 in CC Achterolmen te Maaseik: “Uitstekend concertje, maar wel wat kort. Mooie liedjes duren echter soms niet lang. Het intermezzo van Eva De Roovere – die ik de laatste tijd niet meer echt gevolgd had na haar eerste, zeer mooie soloplaat – was verrassend sterk, een beetje tegen mijn verwachting in. Normaliter treden de dames met deze duoformule enkel in Nederland op, maar voor Maaseik maakten ze graag een uitzondering, en wel omdat men het daar zo vriendelijk gevraagd had. En dat kunnen wij ons dan weer heel goed voorstellen… Theater Elckerlyc richt op zaterdag de tweede mei 2015 de spots op Eva en Hannelore, die voor de gelegenheid ook Barefoot & The Shoes en Jonas Voorter meebrengt. In Gazet van Antwerpen lezen we onder de hoofding “Twee zangeressen voor de prijs van één” het volgende: “Met vier albums en een dichtbundel op haar palmares heeft Eva De Roovere de voorbije jaren allerminst stilgezeten. Dat ze ook in Nederland op handen wordt gedragen, dankt ze aan haar samenwerking met countryzangeres Ilse DeLange en haar optreden in Mooi! Weer de Leeuw, de tv-show van cabaretier en zanger Paul de Leeuw. Ze drong ook door tot de Nederlandse hitlijsten met een rapversie van haar nummer Slaap lekker (Fantastig toch). Hannelore Bedert intussen goed voor drie spraakmakende full-cds won in 2007 de Nekka-prijs. Het leverde haar een jaar later een moment van glorie op tijdens Nekka-Nacht. Bedert concerteerde toen in het gezelschap van sterren als Bart Peeters en Ramses Shaffy. Vorig jaar nog werd ze genomineerd voor een MIA in de categorie Beste Soloartieste.” Hen beiden aan het werk zien, is volgens de media een buitenkans voor wie houdt van muzikaal vuurwerk. De persmap vult daaromtrent aan: “Deze unieke voorstelling met twee stemmen, twee vrouwen, twee verhalen moet je gezien hebben. Twee keer zoveel goede muziek in één voorstelling. Deze twee samen en toch apart: Eva De Roovere en Hannelore Bedert. In een uniek concert samen te zien. Met hun grootste hits, hun nieuwste moois. Van warm en zalvend tot stoer en staalhard. Twee keer zo veel voor de prijs van één. Fantastig toch?

De elfde januari 2016 gaat VTM van start met het tweede seizoen van “Liefde voor muziek”, met daarin deze keer Belle Perez, Ian Thomas, Dana Winner, Johannes Genard, Paul Michiels én Eva De Roovere, die er dit graag aan toevoegt: “Het was een positieve en toffe ervaring om aan dat programma te mogen meewerken. Toen ik het achteraf terugzag op tv, heb ik er ook nog van genoten. Het is wel straf, want men zet daar zeven mensen bij elkaar waarvan men denkt dat dat gaat werken, maar dat is niet evident. Het concept van het programma is zeer sterk. Ook heel leuk was dat er tussen de muzikanten onderling veel respect was voor ieder zijn werk. Omdat je allemaal met hetzelfde bezig bent, worden er ook banden gesmeed. Het was voor mij in ieder geval een heel toffe ervaring. Eva kwam achteraf ter ore dat zij op haar interpretaties een duidelijke De Roovere-stempel drukte. “Ja, ik weet het. Volgens mij komt het omdat ik ten eerste in die niche van het Nederlandstalige zit en ten tweede heb ik ook een eigen geluid gecreëerd in de loop der jaren. Neem nu Another round van Ian Thomas, een nummer dat in het geheel niet mijn stijl is. Ik vertaal dat omdat ik meestal in het Nederlands zing en ik zet daar een paar andere akkoorden onder en dan speel ik dat op gitaar. Dat ik zelf gitaar en piano speel, is wel een voordeel, omdat ik op die manier mij gemakkelijker een nummer eigen kan maken.” In de voorlaatste uitzending, op maandag de tweeëntwintigste februari 2016, staat Eva centraal. Belle Perez zingt dan De jager, Johannes Genard Orpheus, Dana Winner covert Laat me je lied zijn, Sioen Like that French Song en Ian Thomas zet het kot op stelten met Slaap lekker. Om af te ronden waagt Eva zich aan een Nederlandstalige versie van Heart Shaped Box van Nirvana.

Het ijzer moet je smeden als het heet is, vandaar dat de negentiende februari 2016 Eva door haar platenfirma Universal verzameld wordt. “Het beste uit tien jaar” met in het totaal twintig songs, beginnend met De jager en eindigend met Slaap lekker (haar duet met Diggy Dex). In het bijbehorende boekje neemt Eva de gelegenheid te baat enkele mensen te bedanken. “Mijn dank gaat uit naar mijn leermeesters op de muziekscholen van Herentals en Herenthout, Studio Herman Teirlinck en Jazz Studio Tritonus. Merci aan mijn ouders, familie en vrienden voor de onvoorwaardelijke steun. En last but not least: bedankt aan mijn publiek.” De vijfde maart staat de cd op de vierendertigste plaats in de Ultratop Album 200. Over haar liedjes was de jaren voordien al veel geschreven en werd er vaak geëvalueerd. “Ik vind het erg belangrijk dat de kwaliteit bij wat ik doe, blijft bovendrijven“, zegt Eva zelf. “Ik ben ontzettend kritisch voor mezelf. Als ik in m’n eentje dat niveau niet kan bereiken, dan voel ik me niet te beroerd om daar hulp voor in te roepen. Maar dan ga ik wel op zoek naar mensen die volgens mij al op dat hogere niveau staan.”

In de Ultratop Album 200 staat Eva De Roovere de twintigste februari 2016 op zeventien met haar nieuwste album “Chanticleer”, vijf dagen eerder uitgebracht op het label V2 Records Benelux. De song The City at the End of the Road had iets eerder als smaakmaker het album al op iTunes aangekondigd. Zo’n titel als “Chanticleer” vraagt meteen om uitleg. “Je kunt de titel op meerdere manieren vertalen,” volgens Eva, “maar hier staat het voor de naam van de haan Cantecleer, zoals in het middeleeuwse verhaal van ‘Van den vos Reynaerde’. We wilden een andere weg inslaan. Hoe mooi is het dat we daarin geslaagd zijn met een eeuwenoud woord.” Het is wel even wennen, want De Roovere verbaast haast iedereen met een volledig Engelstalig album in een productie van Peter Case, opgenomen in The Carriage House in Los Angeles. “Op dit album voel ik me vrij“, zegt Eva. “Ik reisde en nam persoonlijke en carrièrerisico’s om dit album te maken. Die risico’s zijn vertaald in vrijheid.” Het album is een verzameling van samenwerkingen met de Amerikaanse singer-songwriters Case, Cindy Lee Berryhill en Bob Neuwirth. “Bijna tien jaar geleden deed ik mee aan een songschrijversstage in Zottegem, waar ook Ellen Foley en Elliott Murphy waren uitgenodigd. ‘Song City’ heette dat, en je zat een week in afzondering om met anderen ideeën uit te wisselen en songs te schrijven. Daar kwam ik ook in contact met Bob Neuwirth, de vroegere tourmanager van Bob Dylan. Het klikte en al snel waren we samen aan het componeren.” Eva etaleert op deze plaat diverse stijlen: van folk tot hedendaagse rock en jazz, in functie van de liedjes. De pers is het erover eens dat het haar moed heeft gekost om van “Chanticleer” een all-American productie te maken. De Roovere ontwikkelde stilaan een smaak in Amerikaanse singer-songwriters. “Het begon met Billie Holiday en Ella Fitzgerald, verplaatste zich dan naar Suzanne Vega, vervolgens naar Tom Waits, totdat ik ineens samen was met een groep Amerikaanse singer-songwriters“, zegt ze. Aan journalist Walter Vanheuckelom geeft ze meer tekst en uitleg waarom ze voor het Engels koos. “Ik zong bij Kadril Nederlandstalig, maar ook in het Frans of het Engels. Ik schreef trouwens ook nummers in het Nederlands en het Engels. Op het moment dat ik solo ging, werden op de radio regelmatig nummers gedraaid uit ‘Kleine Blote Liedjes’, daarom hebben we met enkele mensen beslist om in het Nederlands verder te gaan. Het had ook helemaal anders kunnen lopen, want ik had thuis een schuif vol Engelstalige nummers en soms nam ik er daar eentje uit en vertaalde dat naar het Nederlands en plaatste dat op een album. Maar toen al vroeg ik me af of ik niet beter met al die nummers naar Amerika zou gaan om daar een album op te nemen in het Engels. De Amerikaanse songwriters die ik kende en waarmee ik regelmatig contact had, vertelden me dat als ik een groter publiek wou bereiken, ik in het Engels moest gaan zingen. Engelstaligen, Franstaligen of anderstaligen bereik je niet met Nederlandstalige muziek, bijgevolg gaan die mensen ook nooit naar een concert van je komen kijken. De songwriters waar ik mee samengewerkt heb op ‘Chanticleer’ zijn Amerikanen en ik pendelde al een tijdje tussen Los Angeles en België. Producer Peter Case, met zijn achtergrond van pop en rock, was voor mij de juiste persoon om dat album mee op te nemen. Hij heeft zijn sporen al verdiend door zijn werk bij The Nerves en The Plimsouls, en toen ik hem vroeg of hij producer wou zijn van mijn nieuwe album, kreeg ik dadelijk een positief antwoord. Het kostenplaatje om hier op te nemen of in Amerika kwam ongeveer overeen. Dus koos ik ervoor om ‘Chanticleer’ in Amerika op te nemen, om daar nieuwe ervaringen op te doen. Het was een heel toffe studio, waar ook Ben Harper regelmatig werkt.” De songs Pearl en Road to Liberty verschijnen elk nog eens apart in singlevorm.

Dat in het Engels zingen, zit Eva als gegoten, al voelde het, zoals we in de krant Metro lezen, in het begin een beetje als een debuut aan. “Dat is best leuk na vijftien jaar in het Nederlands te hebben gezongen. Daar kick je van op, dat houdt je alert. Ik heb hier en daar vooraf wat zaken uitgetest. Zo heb ik vier concerten gegeven in kleine clubs in Los Angeles. Je belt zo’n club op en vertelt de eigenaar dat je een plaat hebt opgenomen en dat je de songs wil brengen in zijn club. Je wordt er niet voor betaald en vaak speel je maar voor een man of tien, maar het is een zeer goede testcase. Je wil niet door de mand vallen voor een Engelstalig publiek en op zo’n moment sta je op scherp. Op een gegeven moment voelde het voor mij aan alsof ik in het Nederlands aan het zingen was. Toen realiseerde ik me dat het Engels en de nieuwe songs zeer dicht bij me lagen.”

De twaalfde maart 2016 treedt Eva in de Minard in Gent op om daar haar nieuwe cd voor te stellen. Zowel voor de fans als de pers is het een beetje aftasten wat het zal worden. Rudy Tollenaere schrijft daarover in Het Nieuwsblad: “Vreemd eigenlijk, dat de Minardschouwburg niet eens helemaal uitverkocht was voor het concert van Eva De Roovere, die in het verleden toch al bewees voor wat soort muziek ze stond. Vreemd ook, als je ‘Chanticleer’ door de zoekmachine van het internet jaagt, dat er nauwelijks interviews over die cd verschijnen. Terwijl het publiek in de Minard na de twee bisnummers maar bleef roepen en applaudisseren en De Roovere ter plekke met haar muzikanten moest overleggen welk nummer ze dan nog kon brengen. Tot iemand riep: ‘begin van voor af aan’. Wat ze ook deed, begeleid door The Whodads: Steven Janssens, Niels Verheest, Frederik Van den Berghe en Sjang Coenen. In De Standaard stelde Peter Vantyghem vast op: “De voorbije twintig jaar was Eva De Roovere een belangrijk gezicht in de Nederlandstalige pop. Is het daarom dat haar keuze om op haar nieuwe album in het Engels te zingen zo weinig aandacht krijgt? ’Chanticleer’ is geschreven en opgenomen in Los Angeles en is haar sterkste album sinds haar solodebuut, ’De Jager’ uit 2006. Maar de radio draait haar single niet en de Minard was niet uitverkocht. Iets verderop besluit hij: Eva De Roovere moet kiezen. Het brave moet eruit, de tanden moeten ontbloot, de lamme bindtekstjes geschrapt en het geheel moet even noodzakelijk aanvoelen als de drang naar vrijheid die uit de teksten spreekt. Ze liet soms goed voelen dat dat binnen de mogelijkheden ligt.”

Begin 2016 maakte Eva in haar agenda tijd vrij om zich in te zetten voor het project “Te Gek!?”, een initiatief van het Psychiatrisch Ziekenhuis Sint-Annendael uit Diest, dat al jaren tracht psychiatrische problemen in Vlaanderen bespreekbaar te maken. Eva zet hiervoor een voorstelling op het getouw samen met Dirk De Wachter, psychiater-psychotherapeut, en met gitarist Steven Janssens van The Whodads. Thema van hun voorstelling is “Liefde: een onmogelijk verlangen?”. Dat is ook de titel van het dan net verschenen nieuwe boek van Dirk De Wachter. De show gaat over de liefde, maar wel veel breder dan het boek van Dirk. Hij heeft het ook over wat hij meemaakt in zijn praktijk en het verdriet van mensen. Samen met Steven brengt Eva liedjes uit haar eigen repertoire, maar ook liedjes uit het wereldse oeuvre die met het thema te maken hebben. Zij leggen hun liedjes naast het verhaal van Dirk. Zo komen die twee aparte delen toch tot een geheel samen. “Tijdens de repetities vonden we het gegeven vooral grappig. Dirk is muzikant noch acteur en hij repeteerde zijn lezingen niet. Het wordt dus leuk om alles te ontdekken. Ik denk dat Steven en ik onze oren en ogen goed zullen moeten openhouden en aandachtig zullen moeten volgen waarover Dirk het zal hebben. Hij is iemand die vaak improviseert en dus moeten we ad rem kunnen reageren. Verwacht zeker niet de structuur tekst-lied-tekst-lied. Er zal zeker ook plaats zijn voor improvisatie“, vult Eva aan. Er wordt opgetreden in onder meer Wemmel, Beveren, Torhout en Antwerpen. Deze tournee was trouwens vrij snel uitverkocht.

Tussendoor tijdens ons interview de vraag hoeveel Eva van zichzelf in haar teksten wil blootleggen en of zij, wat dat betreft, een grens trekt. “Ik denk niet dat ik me tekstueel aan banden leg. Die liedjes geven me de kans dingen die ik misschien vanuit mijn opvoeding niet meteen in een gesprek durf of zal uiten, en omdat ik een beleefd meisje ben, dan wel durf te zeggen. Voor mij op dat moment een welgekomen uitlaatklep. Daarnaast is een liedjestekst een combinatie van waarheid en leugen, in die zin dat je de waarheid wat verbloemt, je maakt ze een beetje mooier, aantrekkelijker… Een filmscenarist doet dat ook. Die maakt iets wat hij of zij heeft meegemaakt wat boeiender door het verhaal op te tillen, attractiever voor te stellen. Het moet tenslotte spannend blijven.”

Om haar talent en veelzijdigheid met anderen te delen, laat Eva weten dat zij de achttiende en de vijfentwintigste april en de tweede mei 2016 in samenwerking met Dream Academy aan het Martelarenplein te Leuven een “masterclass songwriting” op het getouw zet. Onder anderen Frank Vander linden en Neeka gingen haar in dit initiatief voor. Het is de bedoeling dat tijdens deze sessies van telkens twee en een half uur Eva haar ervaring, inzichten, trucs en songschrijftips met de aanwezigen deelt. Er zijn wel een paar voorwaarden om hierbij aanwezig te mogen zijn: je moet minstens enkele basisakkoorden kennen en ook al eens een paar songs geschreven hebben. En Eva rekent op mensen met ambitie.

De negentiende september 2016 laat De Roovere op het V2-label horen dat ze het Nederlands niet verloren is met de single Façade. “Ik dacht: ik ga een beetje reizen. Leren tot waar m’n wereld reikt, maar daarvoor heb je ‘n paspoort nodig. Waar een speciale stempel in prijkt. Vroeger was toch alles anders. Vroeger was jij mijn vriendin, maar de regels zijn veranderd. Nu staan er muren tussen ons in. Vroeger was toch alles anders. Vroeger was jij mijn vriendin, terwijl ik jou altijd heb vertrouwd, heb jij een façade gebouwd.” De zevenentwintigste september 2016 verschijnt bij uitgeverij Lannoo haar essay “Ik is perfect”. In de persmap lezen we: “Perfectie is niet van deze wereld. Maar wie bepaalt dat? Wie beslist wat perfect is en wat niet? En waarom is die ene persoon perfect en die andere niet? Is perfectie goed of slecht? Of geen van beide? Perfectionisme, wordt dat bij de positieve eigenschappen gerekend? Moet ik blij zijn als iemand mij een perfectionist noemt? En als perfectie niet van deze wereld is, van welke wereld is ze dan wel? Op deze en meerdere vragen probeert Eva De Roovere een antwoord te vinden in tien persoonlijke brieven die ze schrijft naar vrienden, collega’s en idolen… De tiende oktober vertelt ze aan journaliste Veerle Beel in De Standaard daarover: Met perfectie kan het alle kanten uit. Zo kan een concert perfect zijn, terwijl de muziek toch net niet té perfect werd gespeeld.” Als je verder leest, merk je dat Eva klaar is om haar ziel bloter te leggen dan voordien, bloter zelfs dan in haar eigenste liedjes: “Ik heb een antwoord gevonden in transcendente meditatie. Tweemaal per dag zo’n twintig minuutjes stilzitten, terwijl je in jezelf je mantra herhaalt. Een mantra is als een voertuigje dat je ­verder naar binnen brengt. Op den duur lijken al je gedachten én je mantra te verdwijnen, en word je een bolletje bewustzijn dat als het ware gaat zingen naar jezelf. Het hoe van dat alles is voor de lezer niet zo belangrijk, zegt ze. Ik heb vooral willen beklemtonen wat het met mij doet. Ik ben er zowat een jaar geleden mee begonnen. Vanaf het eerste moment wist ik dat deel twee van mijn leven begonnen was. Het heeft me veel sterker gemaakt, als persoon. Want van nature ben ik nogal geneigd tot escapisme. Daarom heb ik bewust geen tv meer. Ik kijk graag naar een film of een goede serie, maar ik wil niet meer uren voor de tv liggen zappen. Dat vind ik zo hersenloos. Alcohol heeft hetzelfde effect, weet ik uit ervaring. Vanaf het eerste pintje of eerste glas verandert er iets in je persoonlijkheid. Voor veel mensen helpt het om wat socialer te zijn, wat niet per se slecht is. Maar ik ben liever helemaal mijn nuchtere zelf. Dat waardeer ik zo nu ik mediteer: dat ik bewuster in het leven sta. Ik verlies mezelf niet meer in nodeloos gepieker en getwijfel. Ik ben minder impulsief en laat me minder makkelijk uit mijn lood slaan. Het verrijkt mijn persoonlijke contacten: ik ben nu echt aanwezig, helemaal. Ik voel me geen toeschouwer meer van mijn eigen leven, ik sta er middenin. En ik heb het gevoel dat er nog rek op zit… Mensen die mij al langer kennen, zullen misschien zeggen: waar komt ze nu mee af? Ik beweer ook niet de waarheid in pacht te hebben. Ik spreek uit eigen ervaring. Ik heb altijd de neiging om te groeien. Volgens mij is het de enige manier om in het leven te staan. Altijd beter proberen te worden...”

 

Vanaf midden februari, en dat tot eind april 2017, gaat Eva zich opnieuw inzetten voor “Te Gek!?”. Deze keer met de theatertournee “Nerveuze Vrouwen”, die de zestiende februari in première gaat in Diest en die eerder in 2013 al eens thematisch aan bod was gekomen. Op het podium vier nerveuze vrouwen die stemmen horen in hun hoofd, denken in bochten en kronkels, zien wat wij niet zien. Wat doen die vrouwen samen op een podium? Ze zingen, ze zuchten en ze maken zich zorgen. Over de wereld en zichzelf. Ze vertellen u wat het is om verloren te lopen in de donkere kamers van hun gedachten, de weg kwijt te raken in hun kronkelige hersenen, op de dool te zijn tussen waan en werkelijkheid. Ze zingen het bloed vanonder je nagels, krabben aan je ziel en plukken de eelt van je emoties. De jongste nerveuze vrouw heet Ella Leyers. Samen met nerveuze moeder Tine Reymer en tierelierende Eva De Roovere zingt ze donkere duetten in coupletten, terwijl Inge Paulussen rondjes draait in waangedachten. Voor de teksten van deze voorstelling heeft Gerda Dendooven haar zinnen verloren en Hugo Matthysen heeft er zijn hoofd op gebroken. De regie is in handen van Els Dottermans. Paul Poelmans houdt de mannen van De Laatste Showband in het gareel. Zij spelen levend muziek. Aan Peter Vantyghem van De Standaard geeft Eva in verband met deze tournee en het thema toe: “Onbekende, nieuwe gebeurtenissen maken mij nerveus en onzeker, maar ze dagen me ook uit. Ik ben eens aangevallen in Gent, en ik reageerde door veel lawaai te maken. Met een fight-reflex verdrijf ik mijn angst. Zo groei ik als mens.” Sinds ze haar studie aan Herman Teirlinck heeft beëindigd, vertoeft De Roovere als muzikante voornamelijk onder mannen: “En mannen zijn het niet gewoon om te praten. Ik heb door deze productie ontdekt dat ik persoonlijk wel mensen kende die psychose hadden. Een van hen beschreef hoe haar zintuigen als het ware op 200 procent draaien. Dat herken ik meteen. Ik kan in een restaurant alle gesprekken rondom me volgen. Hoogsensitief? Ik hou niet van labels.” De songs uit deze productie en die van 2013 en 2015 staan verzameld op de cd “De mooiste liedjes uit Nerveuze Vrouwen & Manische mannen”. Het 2017-gezelschap van de “Nerveuze Vrouwen” opent het album met Als je er op begint te letten, een nieuw nummer geschreven door de altijd grappige Hugo Matthysen. Net zoals Een paling in een emmer witte wijn, dat wat verder op de cd terug te vinden is. Daarnaast vind je op deze compilatie nog veel andere originele opnamen van artiesten die al eerder een liedje schreven voor “Te Gek!?”. Zoals bijvoorbeeld het wondermooie Lore van Het Zesde Metaal en het nog altijd beklijvende Het komt voor in de beste families van Meuris.

Om voorlopig af te ronden, de vraag waar Eva het best in haar nopjes is: op een podium of in de studio? “Beide zijn zo anders. Ik ben meer een livemuzikante. Ik hoef niet eens een podium te hebben. Gewoon muziek maken, is oké. Veel muzikanten repeteren bijvoorbeeld niet graag, maar ik vind dat supertof. Een cd ligt vast. Je kan er niks meer aan veranderen. In de studio is het dan weer puzzelen met nummers. Je hebt het karkas van je nummer: tekst, melodie, akkoorden. En dan begint het. Je kan je liedje zingen, gewoon met een gitaar, maar voor een plaat mag dat toch wat meer zijn. Dus ga je er een beat onder zetten of een orgeltje. Echt knutselwerk, zoals ik vroeger een kijkdoos maakte. Muziek staat bij alles wat ik doe vooraan. Ik wil in wat ik doe als persoon bescheiden blijven, je hoeft niet zo op mij te letten, mijn liedjes zijn het belangrijkste, maar aan de andere kant sta ik live voor een publiek en denk ik: kijk naar mij. Het blijft een dubbel gevoel dat er altijd is.” Wordt sowieso vervolgd!

tekst en research: Marc Brillouet

© 2017 Daisy Lane & Marc Brillouet