Helmut Lotti

Geplaatst in Artiesten

Er wordt weleens gezegd dat muziek in je genen moet zitten. In het geval van Helmut Lotti is dat een waarheid die sluit als een bus. Zijn overgrootmoeder van vaderszijde was een mezzosopraan. Zijn grootvader van vaderszijde, Bart Lotigiers, was een sportjournalist die in de jaren vijftig en zestig chef sport was bij de krant Het Volk. In zijn vrije tijd wad hij druk beizg met zingen, want hij was een begenadigd tenor die zijn zangcarrière beëindigde als bestuurder van de “Opera van Gent”, die hij leidde van 1974 tot 1978. Er wordt beweerd dat Helmuts vader, Luc, nog beter zou zingen dan zijn zoon zelf.

Helmut werd de tweeëntwintigste oktober 1969 om vijf uur in de ochtend geboren in Sint-Amandsberg als de zoon van Luc Lotigiers en Rita Lagrou. Het was hun eerste zoon. Later wordt het gezin uitgebreid met de zonen Johan en Kurt. Wanneer hij zes is, scheiden zijn ouders en krijgt hij er nadien nog twee halfbroers bij: James en Anthony. Mama Rita ontdekt vrij snel dat zoon Helmut erg muzikaal is. Zijzelf speelt niet onaardig accordeon en piano en moedigt haar zoon aan zijn talenten te benutten. Zo vaak hij kan, luistert hij thuis naar de platen van zijn moeder: elpees van Engelbert Humperdinck en de orkesten Bert Kaempfert, The JR7 van Jacques Raymond en Helmut Zacharias. Deze laatste bepaalde voorzeker de voornaamkeuze van haar eerste zoon. Hoog in het vaandel droeg zijn moeder hét jarenvijftigidool Elvis Presley. Die zou een enorme indruk op Helmut nalaten. Met deze smeltkroes als muzikale bakermat begint Helmut op zijn zesde graag te zingen, de liedjes van bijvoorbeeld Jimmy Frey. Van opa Bart mag hij in de Gentse opera figureren in de operette “Friederike” van Franz Lehár. Hoe klein zijn bijdrage ook is, Helmut krijgt er de smaak voor het theater en het zingen voor een livepubliek te pakken.

Op zijn twaalfde, in 1982, gaat Helmut wat noetenleer volgen. Fietsen is iets wat Helmut ook graag doet en het liefst van al op een echte racefiets. Hij droomt op zijn vijftiende van een carrière als profwielrenner op te bouwen. Daar kon je geld mee verdienen. Zingen was meer iets wat je tussendoor deed, louter voor de ontspanning en de fun. Maar Helmut ontdekt te snel dat hij een controlefreak is, die niet genoeg guts heeft om een supersnelle sprint in te zetten en door de bochten te scheuren. Hij is en blijft een voorzichtig, aftastend ventje en dat speelt hem uiteindelijk parten in zijn korte wielrennerscarrière. Hij laat die droom varen, gelukkig maar, anders was hij nooit die succesvolle zanger van nu geworden.

Dan zich maar concentreren op het betere zangwerk. Op zijn vijftiende waagt Helmut zich gedurende een maand of drie aan een muzikale opleiding. Dan haakt hij af omdat hij het niet boeiend genoeg vindt, iets waarover hij later zijn spijt zal uiten omdat hij nooit een instrument heeft leren bespelen om zichzelf te kunnen begeleiden. Mama Rita blijft Helmut aanmoedigen en schrijft hem in 1989 in voor de Vlaamse preselecties van de Nederlandse “KRO Soundmixshow”, het razend populaire tv-programma met Henny Huisman. De Gentse Helmut moet helemaal naar Aarschot voor zijn preselectie. Dat is een speling van het lot: medewerker Luc Chaltin van “ABC-studio” uit Tremelo, vist hem op uit een zak vol cassettes van niet geselecteerden, nadat een kandidaat zich ziek heeft gemeld en ze op zoek moesten naar een vervanger. Helmuts cassette met Good Luck Charm erop wordt goed genoeg bevonden, maar hij krijgt de raad om een vocaler nummer te zingen in Aarschot. Dankzij dat advies gebeurt in Aarschot iets dat voor Helmut onvergetelijk blijft: hij zingt The Wonder of You en moet vlak na die performance al een bisnummer brengen van de jury, omdat het dak eraf gaat. Dat wordt Suspicious Minds, en op dat moment is het voor iedereen al duidelijk wie in Aarschot gaat winnen. Roland Beirnaert, de medewerker van ABC-studio die Helmut de goede raad over de nummerkeuze had gegeven, komt net na Helmuts optreden met hem praten over een samenwerkingsvoorstel. Hij wordt Helmuts manager. Luc Chaltin, de man die de cassette had opgevist, verzint voor Helmut de artiestennaam Kevin Leach en zal enkele maanden later met Helmut twaalf Engelstalige demo’s opnemen, die nooit op plaat verschijnen. Ondertussen gaat Helmut naar de Nederlandse soundmixshow met alweer een ander nummer van Elvis My Boy. Tot zijn eigen verbazing eindigt hij daar in de grote finale op tv de zeventiende april op een gedeelde derde plaats met veertien percent van de stemmen. ABC Studio stelt Helmut voor het liedje Love me, geschreven door Hans van Eijck, op te nemen. Zij nemen contact op met platenfirma BMG, die het wel ziet zitten op voorwaarde dat Helmut het in het Nederlands opneemt en dat onder de naam Helmut Lotti. Medewerker Roland Beirnaert zal zich als manager over de carrière van Helmut ontfermen. Mei 1989 ondertekent Helmut zijn contract bij BMG, dat door de komst van “Tien om te Zien” bij VTM voor een Nederlandstalig repertoire wil gaan. Helmut vertaalt zelf Love me en zet het als Kom nu op plaat. De derde juli ligt de single in de winkel en schiet pijlsnel naar de eerste plaats. De opvolgers Bij jou alleen en Waarom ik doen het even goed. Beide werden ook door Helmut en Hans van Eijck geschreven. De negentiende juni 1990 trouwt Helmut, ondanks zijn populariteit bij de Vlaamse meisjes, met Kimberly Grosemans. De twintigste juli krijgt hij van Radio 2 in Blankenberge de trofee “Zomerhit” in de categorie beste Nederlandstalig lied voor Bij jou alleen. In de maand oktober van dat jaar is er zijn eerste album “Vlaamse nachten”. De productie is in handen van Hans van Eijck en er wordt opgenomen in Studio Sander Bos en De Nootberg in Huizen en de Bullet Sound Studio in Nederhorst den Berg. In Sint-Niklaas wordt meteen de eerste Lotti Fanclub opgericht. Ook Vlaamse nachten verschijnt op single en wordt een regelrechte nummer één in de Vlaamse Top Tien. Hij ligt het Vlaamse publiek na aan het hart met als zichtbaar resultaat “Het Gouden Oog 1989″ als Vlaanderens populairste zanger en winnaar in de categorie “Hit van het Jaar” tijdens de “Gouden Bertjes 1990″, een organisatie van TV1.

De samenwerking met zijn manager Roland Beirnaert loopt niet gesmeerd. In 1991 komt aan die samenwerking al een einde. Intussen was Helmut manager Piet Roelen tegengekomen, die hem hier en daar wat bijstaat. Geketend door zijn contract aan manager Roland Beirnaert mondt dit uit in een rechtszaak. September 1994 wordt door de Brusselse rechtbank beslist dat Helmut en Roland elkaar een bepaalde som geld moeten betalen, wat uiteindelijk financieel op een nuloperatie uitdraait. Helmut voelt zich intussen al een tijdje een vrij man onder de vaderlijke vleugels van Piet Roelen, die hem met raad en daad zal bijstaan en Helmut adviseert grote kuis te houden en vooral tijdens interviews niet meer zo’n grote bek op te zetten. Helmut neemt namelijk niet graag een blad voor de mond en dat wordt hem door en in de media nogal kwalijk genomen.

Op vraag van regisseur Jan Verheyen neemt Helmut in 1991 voor de film “Boys”, met in de hoofdrollen onder meer Michael Pas en Francesca Vanthielen, What kind of friend op, een vertaling van de Turahit Het kan niet zijn. Inmiddels is de samenwerking met Hans van Eijck afgerond en gaat Helmut in zee met de meer pop geörienteerde Eric Melaerts, die niet alleen als producer werk levert, maar ook als arrangeur. Hijzelf, Bert Candries, Kris Wauters, Walter Mets en Yannick Fonderie zijn de muzikanten van dienst. Songs worden er geleverd door John Terra, Eric Melaerts, Penny Els en Lotti zelf. Er wordt op aanraden van Piet Roelen een duet opgenomen met Bart Kaëll, die ook onder Piets vleugels vliegt: Gek op haar, dat op single tot op een derde plaats geraakt in de Vlaamse Top Tien van de vijfentwintigste juli 1992. Ze is mijn lief doet het iets nadien één plaatsje beter.

Maar al te graag zingt hij Als je praat in je slaap, een vertaling van If you talk in your sleep, van zijn idool The King op de verzamelaar “Elvis Belgisch”.

Piet gaat zich intens met zijn poulain Helmut bezighouden en ziet er goud en zelfs platina in mocht Helmut bestaande Vlaamse klassiekers in een Engelstalig bad onderdompelen. Als aanloop vertaalt Helmut Is er een ander van John Terra en maakt er I should have known van. Als je goed luistert, hoor je dat zijn idool Elvis qua zangstijl nooit ver uit de buurt is. Als logisch vervolg is er het album “Memories” in een productie van Emile Elsen, opgenomen in de Galaxy Studio en de Dureco Studio. Technici van dienst zijn Wilfried Van Baelen en Sytse Gardenier. Intussen is de officiële Lotti Fanclub in Turnhout terechtgekomen. Vertaald worden onder meer de hits Sancta Maria van Bobby Prins, Ik ben verliefd op jou van Paul Severs en Iemand heeft je pijn gedaan van John Terra. Het concept was dus uitgewerkt door Piet Roelen, die zijn gelijk haalde, want “Memories” wordt met platina bekroond nadat het in de maand november van 1993 op de fans was losgelaten.

Goed voor goud wordt in 1995 het album “Just for you”, zijn tweede Engelstalige, eveneens door Emile Elsen geproduceerd. Er wordt in diverse studio’s ingeblikt, zoals Studio Crescendo en Sound Atelier in Bocholt. Why don’t you, I love you too en You and me, dat wij kennen als C’est ma vie van Salvatore Adamo, uit dit album belanden op single. Lotti mag van Piet ook etaleren dat hij in zijn eentje liedjes kan componeren zoals Fly away en I won’t be alone.

Maar Roelen wil meer, hij wil Lotti in de richting van de klassieke muziek sturen. Hij heeft de jaren voordien aardig in de gaten gekregen hoe de drie tenoren (Carreras, Domingo en Pavarotti) het publiek aan zich weten te binden met songs uit het licht klassieke repertoire, hij weet hoe goed Andrea Bocelli scoort én is een trouwe luisteraar van het bij Radio 2 op de zondagavond populaire “Funiculi Funicula”. Lotti liep al een tijdje rond met de idde pophits met groot orkest te zingen, liedjes van The Bee Gees, Tom Jones, Elvis Presley, The Beatles en hemzelf. Wim Bohets schrijft de arrangementen. Met het oog daarop organiseert Piet Roelen in de maand juli van 1994 in het “Casino van Knokke” én in Breda enkele concerten, waarbij Helmut de steun krijgt van een orkest van tweeënveertig muzikanten. Piet wil dat Lotti in Breda als kers op de taart zijn versie zingt van de op dat moment bekende hit Caruso van Lucio Dalla, dat het publiek op dat moment beter kent in de klassieke versie van Luciano Pavarotti. Na de uitvoering van Helmut krijgt hij van het aanwezige publiek een staande ovatie van zomaar liefst vijf minuten. Piet staat achter de coulissen en smeedt iets daarna het gedurfde plan Lotti met groot orkest te laten optreden met een repertoire van klassieke melodieën. Niemand, zelfs Lotti, gelooft hierin. Dit concept wordt de maanden nadien hier en daar uitgetest. Piets besluit staat vast, er komt een album met uitsluitend klassiekers opgenomen met een livepubliek. Er moet meteen sfeer in de lucht hangen. Omdat Piet zo zeker is van zijn stuk, vraagt hij niet eens aan platenfirma BMG hem financieel te steunen. Het is wel zo dat Piet intussen alles in uitgeverij heeft. Bij de verdeling van de rechten tussen componist, auteur, zanger en producer gaat hij met het leeuwenaandeel lopen. Lotti zal optreden met het versterkt Golden Symphonic Orchestra onder leiding van André Walschaerts (directeur van de muziekacademie van Heist-op-den-Berg). Wim Bohets wordt ingehuurd als arrangeur en vriend Peter Koelewijn als producer.

De vijftiende september 1995 hebben de opnamen plaats van “Helmut Lotti Goes Classic” in de Koningin Elisabethzaal in Antwerpen. Vooraf werd er veel promotie gevoerd, onder meer via Radio Donna en het Radio 2-programma “Funiculi Funicula”. Piet krijgt de zaal vier keer na elkaar uitverkocht. De reden waarom er live wordt ingeblikt verklaart Piet als volgt: “Ik was bang van de studio. Technisch is alles er natuurlijk perfect, maar je verliest toch veel aan emotie. Hier nemen we vier opeenvolgende concerten op en kiezen we voor de beste fragmenten. Wat vreemd genoeg altijd de derde avond is!” Omdat beeld even belangrijk is, worden de concerten ook op video opgenomen. Het orkest bestaat uit tachtig muzikanten. Qua repertoire wordt er gekozen voor bekende songs en/of bewerkingen van klassieke melodieën. Een selectie daaruit: Santa Lucia, Funiculi Funicula, Ciribiribin, Caruso, O sole mio, La donna è mobile en Granada. Voor diverse liedjes schrijft Helmut een nieuwe tekst.

Wat niemand verwachtte, gebeurde. “Goes Classic 1″ wordt een bestseller. Op de teller staat na een tijdje het megagetal van 550.000 verkochte exemplaren. Gigantisch als je weet dat Michael Jackson jaren na elkaar met “Thriller” aan de top stond qua verkoop met een totaal van 360.000 exemplaren. In de slipstream van dat succes plant Helmut meteen een rist concerten: de dertiende december in de Stadsschouwburg van Antwerpen, de zes- en zevenentwintigste december in het Cultureel Centrum van Hasselt, de achtentwintigste december in het I.C.C. in Gent, de negenentwintigste december in de Stadsschouwburg van Antwerpen en de dertigste december in het Casino van Oostende.

Wallonië volgt wat de cd-verkoop betreft niet meteen, maar wel de Nederlanders. De tiende maart 1996 treedt hij daar live op in het Chassé Theater in Breda.

Omdat Piet door zijn jarenlange ervaring het klappen van de zweep kent, voelt hij aan de gigantische respons op het album en de concerten aan dat er meteen een vervolg gebreid moet worden. Opnieuw wordt de Koningin Elisabethzaal geboekt, deze keer van de negentiende tot en met de tweeëntwintigste september 1996. Piet weet ook dat je een gouden formule niet hoeft te veranderen. Ook deze keer is The Golden Symphonic Orchestra op de afspraak onder aanvoering van André Walschaerts en wordt Peter Koelewijn als producer ingehuurd. Ook al merk je dit niet meteen bij een eerste beluistering, qua repertoire zit dit album homogener in elkaar. Jaren later zal Helmut in een interview beamen dat hij dit zijn beste album in die reeks vindt. Op “Helmut Lotti Goes Classic 2″ staan evergreens zoals Amapola, Parlami d’amore Mariù, Valencia, Toreador, de Triomfmars uit Aïda, het bekende Duet uit De Parelvissers… Ook deze keer mag Helmut zich uitleven in de Engelse teksten; Piet staat Helmut zelfs toe zelf een liedje te schrijven dat perfect binnen het concept past: I don’t know why. Het succes van dat eerste album herhalen is haast onmogelijk, dat weten Helmut en Piet als geen ander. Toch gaan er van dit album 250.000 exemplaren de deur uit, alleen in voorverkoop al zo’n 200.000. Uiteraard wordt er ook een concerttournee op het getouw gezet, die de dertigste oktober 1996 in Haarlem van start gaat en de negende augustus 1997 in Oostende wordt afgerond.

Op kousenvoeten komt op zekere dag de manager van de Zuid-Afrikaanse platenmaatschappij Transistor Music bij Piet aankloppen met de vraag of de “Goes Classic 1″ niet in hun thuisland kan worden uitgebracht. Zo gevraagd, zo gedaan. Enkele maanden later mag Helmut ook daar zijn eerste gouden exemplaar in ontvangst nemen. Inmiddels hangt er thuis van de “Goes Classic 1″ een super exemplaar tegen de muur, goed voor twaalf keer platina oftewel méér dan zeshonderdduizend verkochte exemplaren. De gouden versies belandden al in een uithoek om plaats te ruimen voor het platina werk.

In de pers laat Helmut duidelijk horen dat hij niet de pretentie heeft een operazanger te zijn, laat staan iemand die met veel verve opera-aria’s brengt. Hij bewerkt ze juist om een zo breed mogelijk publiek van deze onsterfelijke melodieën te laten genieten. Daarom dat hij er ook vaak een tekst bij verzint die niet eens in de buurt van de originele komt, hij schrijft een tekst zoals hij voelt dat die bij de sfeer van het liedje past. Vanuit professionele hoek wordt gewaarschuwd dat Helmut wel voorzichtiger met zijn zangstem moet omspringen, dat hij niet gewoon is in dit register te zingen. En hoog uithalen doet Helmut voortdurend, zeker op zijn eerste twee klassieke albums. Een bezoekje aan een professionele arts zal hem leren vaker een toontje lager te zingen, zijn stem zal hem er eeuwig dankbaar voor zijn. De critici zal hij de mond blijven snoeren door voorop te stellen dat hij een popzanger is, niet meer of niet minder, en dat hij geen enkele ambitie heeft om hun heilige huisjes, lees operazalen, onveilig te maken.

Stilaan gaat ook Wallonië overstag en zien wij Helmut opduiken op foto’s naast Maurane, die haar klassieke voorkeur al liet horen in haar chanson Sur un prélude de Bach. Alleen krijgt zij iets te veel eer toegewezen door er niet bij te vertellen dat die oorspronkelijk geschreven werd door Riccardo Cocciante als Preludio di Bach. Intussen werd in Nederland de eerste “Goes Classic” ook al met platina bekroond.

Wanneer in april 1997 in Monaco de “World Music Awards” worden uitgereikt, staat Helmut op het erepodium samen met Céline Dion. Hij ontvangt daar de award “Best Selling Benelux Artist Worldwide”. De zeventiende mei kunnen wij dit van op de eerste rij meemaken dankzij een sfeerverslag dat VT4 die dag uitzendt.

28 oktober 1997: Lotti wordt die dag niet alleen achtentwintig, het is ook tijd om “Helmut Lotti Goes Classic 3″ in de markt te zetten. Deze keer wordt er opgenomen met het Kasteel Cleydael in Aartselaar als decor. Die opnamen vinden plaats van de zevende tot de tiende augustus. De beelden worden met graagte en gretigheid ingeblikt en later met evenveel graagte en gretigheid door de VRT en RTL uitgezonden. Helmut kan zich lekker uitleven in een rist klassiekers die hem na aan het hart liggen: La Paloma, Comme facette mammeta, Amazing Grace, Muss I denn, Stenka Rasin… Ook deze keer schrijft hij een pak teksten bij bekende songs én voegt er eentje eigenhandig aan toe: My love will never die. Er worden ook twee gasten uitgenodigd: zangeres Alice Libell en pianovirtuoos Jan Vayne. Ook deze keer is producer Peter Koelewijn van de partij, dirigeert André Walschaerts en verzorgt Wim Bohets de arrangementen. In voorverkoop gaan er al tweehonderdduizend stuks de perserijen uit, goed voor vier keer platina. In november zijn er al driehonderdduizend de deur uit en mag Helmut zes platina exemplaren aan zijn collectie toevoegen. In de pers lezen wij rond eindejaar dat zijn “Goes Classic 3″ het bestverkochte album van 1997 is geworden.

Helmut wordt geen rust gegund, want diezelfde maand augustus 1997 trekt hij naar Canada om daar het eerste goud voor zijn “Goes Classic 1″ (enkele maanden later wordt dat al een platina exemplaar) in ontvangst te nemen en met veel bijval op te treden in Montreal en Quebec. In Noord-Amerika wordt via PBS op tachtig kanalen zijn “TV Special” uitgezonden (bij ons vertoond als “Goes Classic 2″). De achttiende november mag hij, na een optreden tijdens “Der Goldene Löwe”, in het Gürzenich Theater in Keulen zijn eerste concert op Duitse bodem lanceren. Er zullen er de jaren erna ontelbare volgen, alle telkens tot de laatste stoel uitverkocht. Duitsland wordt zelfs op een bepaald moment Helmuts tweede vaderland. In november van dat jaar wordt Helmut goodwill ambassadeur voor UNICEF. De dertigste november zendt Eén zijn “Goes Classic 3″ uit. De Nederlandse televisie programmeert dat concert op de vijfde en achttiende december.

Als kers op de taart mag Helmut glunderend genieten van de show “Christmas in Vienna”, die de vijfentwintigste december wordt uitgezonden. Wij zien Helmut zingend naast wereldsterren als Placido Domingo, Riccardo Cocciante en Sarah Brightman. Dit geeft zijn carrière wereldwijd een extra boost. Begin januari lezen wij in de pers dat Helmut, na overleg met zijn echtgenote Kimberly Grosemans, besloten heeft in alle stilte uit elkaar te gaan. De jaren die volgen zullen voor Kimberly niet over rozen gaan, zij zal vaak negatief in de pers opduiken. Voor hun dochter Messalina evenmin. In een artikel dat in 2012 in de pers opduikt, geeft Helmut toe dat hij vooral een afwezige vader voor haar is geweest. Hij was voortdurend op tournee en het juridische getouwtrek na hun scheiding heeft hun contact erg vertroebeld. Toen hij in 2012, Messalina is dan al 21, het liedje Voed me op schreef, kon hij wat van zijn negatieve gevoelens kwijt en groeiden zij weer naar elkaar toe. “Land na land veroverd, maar nooit mijn eigen bloed. Veel te druk voor touwtjespringen of sprookjes voor het slapengaan. Ik schoot tekort met ongepaste spoed, van het eerste lief tot de laatste klas is me allemaal ontgaan! Ik werd nooit papa, wij werden nooit wij!”

Iets blijer van toon die maand januari 1998 is het bericht dat Helmut een “Zamu Award ’97″ krijgt overhandigd. Hij ontvangt ook nog maar eens een “Gouden Oog” van VTM als beste zanger. In de maand juli van dat jaar trekt hij naar Montreal, waar hem het ereteken van de stad wordt opgespeld en hij platina exemplaren ontvangt voor zijn “Classic-cd’s” en een platina video voor meer dan vijftienduizend verkochte exemplaren van zijn video’s.

Piet smeedt ondertussen snode plannen, muzikale dat wel, en besluit om de twaalfde, dertiende en veertiende augustus in de Sint-Romboutskathedraal in Mechelen de classicreeks af te ronden met “The Final Edition”. Ook deze keer zijn The Golden Symphonic Orchestra, Wim Bohets, Peter Koelewijn en André Walschaerts op post. Lisa del Bo mag hem flankeren tijdens Love is life, een bewerking van de Canon van Pachelbel. Voorts eigen interpretaties van Greensleeves, Pourquoi me réveiller, Plaisir d’amour, het Menuet van Boccherini, Danny boy en het Adagio uit het Klarinetconcerto van Mozart. Ook Piet Roelen zet zich aan het componeren en schrijft samen met Helmut How I wish. Helmut in zijn dooie eentje You’ll be my love. Een belangrijke stap in de verdere uitbouw van de carrière wordt zijn overstap van BMG naar platenfirma Polydor/Universal. BMG vangt achter het net omdat ze daar niet in de internationale carrière van Lotti geloven, zij aarzelen. EMI gaat in Duitsland met de eer lopen. Piet sluit de deal af in naam van zijn bedrijf Piet Roelen Productions. Die deal met Polydor moet wat opleveren, want het Amerika-avontuur alleen al heeft zo’n miljoen dollar gekost. Het zit Piet dan ook wat hoog dat op het moment van die overstap en de release van “The Final Edition” BMG België op de markt komt met de verzamelaar “Helmut Lotti Romantic 20 Unforgettable Ballads”, een verzameling van twintig in het Engels gezongen songs die Lotti eerder voor hen had opgenomen. Binnen de kortste keren bereikt deze cd de platina status. Een jaar later verschijnt het vervolg “Romantic 2 More Unforgettable Ballads” op de markt. Deze zet is begrijpelijk, want door de niet-verlenging van hun contract weet BMG dat zij door dat vroegtijdig ophouden van het Lottiverhaal miljoenen verliezen.

“The Final Edition” wordt door VTM op tv geëtaleerd: een eerste keer de eenentwintigste november 1998 tijdens “The Making Of” en de achtentwintigste november het concert zelf. Van het album zelf gaan er nog voor het einde van het jaar tweehonderdduizend exemplaren over de toonbank. Omdat het blijkbaar niet op kan, blikte Helmut intussen ook nog eens het “A Classical Christmas with Helmut Lotti” in, eveneens in de Romboutskathedraal in Mechelen. Alle bekende en gekende kerstklassiekers passeren hier de revue. Samen met kindsterretje Michael Junior zingt hij Panis angelicus. Speciaal voor deze cd schrijft Helmut It’s Christmas. De elfde december zendt VTM dit kerstconcert uit. Waar hij de nodige adem vandaan haalt, blijft voor ons een raadsel, want de twaalfde, dertiende, zestiende, zeventiende, achttiende en negentiende december is “Helmut in Concert” te zien in Vorst Nationaal. Omdat hij er zijn hand niet voor omdraait, maar er blijkbaar toch enorm van onder de indruk is, wanneer hij op levensgrote billboards zijn foto ziet afgedrukt, treedt Helmut de zestiende januari 1999 met veel bravoure op in de legendarische Avery Fisher Hall op Broadway in New York. Deze zaal maakt deel uit van het Lincoln Center For The Performing Arts, vaste thuisbasis van The New York Philharmonic, goed voor 2738 zitjes. In Amerika maakt Piet gebruik van de connecties die Paul Ambach van organisatiebureau Make It Happen daar door de jaren heen heeft opgebouwd. Ambach koppelt aan dat optreden in New York ook een concert in Boston. Beide geraken tot verbazing van heel wat critici uitverkocht. De Amerikaanse pers reageert door de bank gematigd. Toch vallen een aantal artikels op, onder meer in The Boston Globe : “Lotti Classic Repertory with a Chippendale’s Act”. Amerikanen vergelijken Lotti in dezen met sterren als Tom Jones en Liberace. Marketing doet in dezen méér dan zijn werk. In het totaal zal Helmut drie weken Canada en de USA toeren, in de USA alleen al goed voor negen concerten, waarvan acht volledig uitverkocht.

Helmuts concertagenda staat bol van de optredens. Tussen eind 1998 en het voorjaar van 1999 geeft hij negen concerten in België, veertien in Nederland, twee in Canada, twee in de USA, acht in Zuid-Afrika, acht in Duitsland, één in Zwitserland en één in Denemarken. Vooral Zuid-Afrika ligt Helmut bij dit alles na aan het hart. Zijn “Classics” zijn daar elk goed voor telkens tweehonderdduizend exemplaren. Vooral zijn optredens in Midrand in de buurt van Pretoria zal hij nooit vergeten. Kers op de taart is zijn optreden de elfde juni 1999 in de “Olympia” in Parijs. Ook hier wordt de steun van Make It Happen ingeroepen. Zij krijgen een halfjaar de tijd om het concert in de markt te zetten en aan te prijzen. Niet makkelijk, want Lotti heeft bij onze zuiderburen op dat moment nog geen enkele cd aangeboden. Daar wordt aan tegemoetgekomen door de negende maart “Goes Classic 3″ uit te brengen onder de titel “Helmut Lotti chante les Classiques”. Drie maanden later zijn er negentigduizend exemplaren van verkocht. Helmut is vervolgens te gast in de populaire tv-shows van Patrick Sébastien over Michel Drucker tot en met Jean-Pierre Foucault en Pascal Sevran. Eindresultaat: de Olympia geraakt tot de nok gevuld.

De zevenentwintigste juni van dat jaar, de pret kan blijkbaar niet op, staat Helmut te zingen in het Olympisch Stadion in München naar aanleiding van een benefietconcert, op het getouw gezet door niemand minder dan Michael Jackson ten voordele van het Nelson Mandela Kinderfonds en het Rode Kruis. Op de affiche staan onder meer ook Boyzone, All Saints, Luciano Pavarotti, Zucchero en Andrea Bocelli. Een optelsom op het einde van dat jaar leert hem en zijn management dat hij vier miljoen cd’s heeft versast. In ons land alleen al goed voor vierendertig platina en drie gouden platen.

In 1999 zet Helmut weer het record neer van bestverkochte album in ons land met zijn cd “Out of Africa”, in voorbestelling alleen goed voor meer dan honderdduizend exemplaren en meteen drie keer platina. De titel spreekt boekdelen: Afrikaanse klassiekers zoals Malaika, Shosholoza, Sarie Marais, Tula Tula en Pata Pata. Er is ook een cover van de bekende hit The lion sleeps tonight van The Tokens. Ook nu weer zijn Peter Koelewijn, The Golden Symphonic Orchestra en André Walschaerts te gast. Opgenomen wordt er in de Galaxy Studio in Mol en de Wisseloord Studio in Hilversum. Van eigen makelij zijn de liedjes Out of Africa, Minapendawe, dat Helmut samen met Will Tura schrijft, en African sunrise van de hand van Peter Koelewijn. Gezweet wordt er tijdens de opnamen van “Out of Africa” in Zuid-Afrika zelf. Deze keer is de show voor de eerste keer te zien op La Une, begin december. Wie het live wil meemaken, kan de zeventiende, achttiende en negentiende december 1999 terecht in Vorst Nationaal.

Samen met Toots Thielemans, Koen Wauters en Ingeborg zingt Lotti in het kader van de VTM-actie Levenslijn 2000 het lied Wondere reis, een cover van Wonderful life van Black in een productie van Eric Melaerts, dat negen weken op één blijft staan in de Vlaamse Top Tien, goed voor goud. Het album “Out of Africa” wordt enkele dagen later tijdens de “Zamu Awards” uitgeroepen tot het bestverkochte album van het voorbije jaar. En het blijft onderscheidingen regenen. Uit handen van justitieminister Marc Verwilghen en Europees commissievoorzitter Romano Prodi krijgt Helmut een platina award voor de verkoop van enkele miljoenen albums, een initiatief van IFPI (International Federation of the Phonographic Industry).

Met veel toeters en bellen wordt begin maart 2000 het boek “Helmut Lotti, het Succesverhaal” van muziekjournalist Thierry Coljon door uitgeverij Houtekiet aan de pers voorgesteld.

Privé heeft Helmut na zijn scheiding steun gevonden bij zijn nieuwe geliefde Carol Poe, een meisje uit Luik dat in Knokke woont. Angstvallig houdt hij haar voor de pers verborgen. Zijn voormalige platenfirma BMG wil nog een graantje van zijn succes meepikken en brengt begin 2000 de verzamelaar “Vlaamse Hits” op de markt met zijn vroegere hits zoals Bij jou alleen, Het meisje van de buren, Trein naar Oostende en Kom nu.

Ondanks een overvolle concertagenda blijft Helmut gul naar zijn fans toe en laat hen zeker niet op hun honger zitten. In 2000 is er het album “Latino Classics”. Er kan lustig worden meegezongen met zuiderse evergreens zoals Guantanamera, La Cucaracha, Cuando calienta el sol, La Bamba en Besame mucho. Van de hand van Paul Anka is er de hit Eso beso. Wij hoeven het team niet meer op te sommen, want alle getrouwen zijn ook deze keer van de partij. Never change a winning team geldt meer dan ooit. Het begint wat saai te lijken, want ook deze keer gaan er gemakkelijk tienduizenden cd’s in voorverkoop over de toonbank, nog voor de release al goed voor platina, acht weken aan de top van de Album Ultratop Vijftig. Toch zal Helmut achteraf toegeven dat hij vond dat er niet uit kwam wat erin zat. Productioneel vindt hij deze albums namelijk zowat het beste wat hij ooit heeft ingeblikt. In oktober is er de bijbehorende video en de achttiende november zendt VTM de reportage uit “The Making of Helmut Lotti Latino Classics”. Een week later wordt het hele album uitgezonden, voorzien van beelden die eerder in Mexico werden opgenomen. Vanaf de zesentwintigste december gaan zijn latinoconcerten in Vorst Nationaal van start, waarna het Forum in Luik, de Limburghal in Genk en de Koningin Elisabethzaal in Antwerpen de revue passeren. Ook Nederland mag meegenieten van deze wervelende show, waarin ook Michael Junior als special guest optreedt.

De zestiende februari 2001 treedt Helmut in Oosterzele in het huwelijk met Carol Jane Poe. Carol heeft een Belgische moeder en een Amerikaanse vader. Zij ontmoette Lotti eerder toen zij haar vader, een opticien in Knokke, hielp bij het fotograferen van een wieleraankomst waar ook Helmut aanwezig was. Een jaar later ontmoeten zij elkaar opnieuw. Het klikt niet meteen, maar na een trip naar Parijs die eindigt aan het Gardameer, wordt vriendschap gesmeed. Via een zelfgeschreven liedje zal hij haar nadien vanuit Duitsland telefonisch ten huwelijk vragen. Het wettelijk huwelijk heeft op het gemeentehuis in Merelbeke plaats, waarna in de kerk in Landskouter, een gehucht van Oosterzele, het kerkelijk huwelijk wordt ingezegend. Aan de kerk merken wij zelfs Nederlandse en Duitse cameraploegen op, al staan er buiten amper vierhonderd kijklustigen opgesteld. Veel zullen wij de jaren nadien over hun relatie noch horen noch lezen. Al snel blijkt dat zij elk hun eigen leven gaan leiden. Carol begint met de financiële steun van Helmut met haar eigen duikschool Bubble & Dive annex winkel in Gentbrugge. Door zijn overdrukke agenda is Helmut amper thuis en moet zich steeds aanpassen wanneer hij nog eens in zijn eigen bed kan slapen. Het valt hem almaar vaker op dat hij en Carol niet dezelfde passie delen. Hij houdt niet eens van duiken. Ook hun karakters blijken uiteindelijk té ver uit elkaar te liggen. De negenentwintigste maart 2005 laat Piet Roelen via Belga weten dat Carol en Helmut een punt achter hun relatie zetten. “Beide partijen namen deze beslissing in alle vriendschap en willen die nu in serene stilte verwerken”, zo staat er te lezen. Gelukkig voor Helmut heeft hij veel uit zijn eerste scheiding geleerd, zodat zijn tweede scheiding hem contractueel minder problemen oplevert.

Dit even om dat verhaal in een paar alinea’s af te ronden en weer over te stappen naar Lotti’s carrière. Hij ligt in Duitsland erg goed in de markt en mag “Die Goldene Stimmgabel” in ontvangst nemen als beste vertolker van klassieke muziek en een “Amadeus Austrian Music Award”, in Oostenrijk de hoogst bereikbare prijs in de populaire muziek. In september 2001 ligt als verlengstuk van zijn vorige album “Helmut Lotti Latino Love Songs” in de winkel. Ook deze keer is Helmut apetrots over de productie, niet zo’n hoge score als hij met zijn classics gewoon was, maar tweehonderdduizend verkochte exemplaren is uiteraard nog altijd een resultaat om mee te pronken. Gekozen wordt er qua repertoire voor romantische songs als Cucurrucucu Paloma, Ave Maria no Morro, Amor, Quiereme mucho en Quizas quizas quizas. Een uitschieter en erg goed gezongen is en blijft Puerto Mont. De Galaxy Studio’s zijn ook deze keer de perfecte plek om in te blikken. De special “The Making Of” die VTM de eenentwintigste oktober 2001 uitzendt, laat een Lotti zien die met volle teugen geniet van zijn succes en van de liedjes die zijn stem erg goed liggen. De achtentwintigste oktober wordt het concert in de Limburghal in Genk ingeblikt en vermengd met beelden in Mexico opgenomen, die resulteren in de special “Helmut Lotti Latino Love Songs”. Wat opvalt is dat dit album in Oostenrijk gul onthaald wordt, goed voor de gouden status. Ook de gouden status voor dit album in Nederland, België, Zwitserland en Scandinavië. Een jaar later ontvangt Helmut “Die Goldene Feder” in de categorie “Unterhaltung”, een mediaprijs toegekend door een aantal hoofdredacteuren. Lotti mag voor de aanwezigen in zijn beste Duits speechen. Onder de aanwezigen niemand minder dan voormalig bondskanselier Helmut Kohl.

Het kon niet uitblijven of in deze reeks cover-cd’s moest en zou er eentje bij zitten van zijn idool Elvis Presley. Waarom geen album aan hem ophangen en voor de opnamen van de special ervan naar de woonplaats van The King trekken, daar waar het allemaal gebeurde: in Memphis, Nashville, Las Vegas en zijn geboorteplek Tupelo. Er wordt zelfs één nummer ingeblikt in de legendarische Sun Studio in Memphis, daar waar het Elvisverhaal in de jaren vijftig begon. Lotti wordt er begeleid door drummer D.J. Fontana en gitarist Scotty Moore. Dat levert schitterende en unieke beelden op voor de special “My Tribute To The King – The Documentary”. Die wordt de zestiende augustus om twintig over negen uitgezonden op VTM en om acht uur op Club RTL. Het album zelf wordt in de Galaxy Studio in Mol ingeblikt. Producer Peter Koelewijn is deze keer nergens te bespeuren. Zijn plaats wordt ingenomen door Wilfried Van Baelen en Helmut Lotti zelf. Toch zal Helmut in een later interview vertellen dat hij niet volledig akkoord ging met de liedjes die op het album zouden verschijnen. De keuze van Piet Roelen kreeg iets te veel de bovenhand. Piet hield eraan dat er vooral gegaan werd voor de Presleyklassiekers en die staan er dan ook op: Suspicious minds, Crying in the chapel, Are you lonesome tonight, Such a night, Heartbreak Hotel, Kiss me quick… Helmut kan het niet laten ook zelf iets te schrijven en dat wordt Thank you en If you were mine. Hij tekent voor zowel de tekst als de muziek. In de persmap lezen we: “Dit album is zoals het schilderij van René Magritte ‘Ceci n’est pas une pipe’. ‘My Tribute To The King’ is niet Elvis Presley.” Het album wordt de vijfde augustus 2003 voorgesteld in “Château du Lac” in Genval en tweetalig voorgesteld door Mark Uytterhoeven. Op de achterflap schotelt Helmut ons zijn concertagenda voor: de vijftiende augustus treedt hij in de Capitole in Gent op en iets later in het “Casino van Oostende”. Wij zullen hem pas terug op Belgische bodem zien de vierde januari 2003 in de “Limburghal” in Genk en de twaalfde januari in het “Forum” in Luik. Tussendoor spendeert hij het leeuwenaandeel van zijn tijd in Oostenrijk, Zwitserland en Duitsland. Februari 2003 is weggelegd voor concerten in Denemarken en Finland. Hij verneemt tijdens de concerten door dat “My Tribute To The King” in België en Nederland met platina werd bekroond en in Duitsland en Zwitserland met goud. Hij komt tegemoet aan zijn weddenschap dat wanneer van dit album meer dan één miljoen exemplaren worden verkocht, hij zijn Saab Cabrio roze laat spuiten. In Duitsland ontvangt Helmut uit handen van kroonprins Filip de “Goldene Kamera”, een felbegeerde award als beste “classic-popzanger”. Ondanks de drukte dat jaar maakt Lotti graag tijd vrij om deel te nemen aan de eerste editie van “De Slimste Mens” op Eén, gepresenteerd door Bruno Wyndaele. . Hij mag zetelen naast Tom Lenaerts, Jo de Poorter, Siegfried Bracke, Bart De Pauw, Ben Crabbé en Alain Grootaers. Helmut houdt twee ronden stand. Erik Van Looy weet als gangmaker Helmut te strikken voor de editie van 2007, het jaar dat Helmut het vijf ronden volhoudt en tijdens zijn zesde ronde struikelt in de finale tegen de uiteindelijke winnaar Annelies Rutten. Wanneer in 2010 de speciale editie “De Allerslimste Mens ter Wereld” plaatsheeft (elke kandidaat moet minimaal voor de tweede keer deelnemen) strandt Lotti na zijn eerste ronde.

We mogen in dit overzicht  de prestaties van Helmut in de Top Dertig niet uit het oog verliezen. Een kort overzicht leert ons dat hij, om er een paar te noemen, de dertiende januari 2007 op twee staat met The most expensive girl, de negende november 1996 op drie met Tiritomba, de elfde januari 1992 op drie met What kind of friend, de vierde oktober 2008 op vier met Time to swing, de negenentwintigste juni 2002 op zes met Suspicious minds, op zeven de vijfentwintigste december 1993 met I should have known, op tien de drieëntwintigste augustus 2003 met Mandy enz. ( voor een volledig overzicht, zie de website van Radio 2).

Intussen worden er al druk voorbereidingen getroffen voor het volgende project. Piet Roelen bedenkt de titel “Pop Classics in Symphony”. De klassiekers in dit genre liggen gemakkelijk voor het rapen: Bohemian Rhapsody, A whiter shade of pale, Nights in white satin, Eloise, Sailing… Piet wil graag een internationale act aan Helmut te koppelen en dat wordt Sir Cliff Richard. Een poging om ook Engeland aan hun lijstje te kunnen toevoegen? Samen met Sir Cliff zingt Helmut Danny boy. Vertederend is het duet Sailing, dat Helmut zingt met de negenjarige Laura Seys. Deze keer doet de Grote Markt in Brussel dienst als decor. De tweeëntwintigste september wordt “Pop Classics in Symphony” aan de pers voorgesteld. Terug van weggeweest is producer Peter Koelewijn. Voor Helmut is daarmee de cirkel rond. Hij is aanbelandt bij zijn oorspronkelijke idee, popsongs zingen met een groot symfonisch orkest. Piet heeft dat blijkbaar goed onthouden en richt er de volle spots op. Qua concerten is de eerste helft van januari 2004 Vlaanderen aan de beurt met onder meer het “Sportpaleis” in Antwerpen en het “Koninklijk Circus” in Brussel. Tot aan de zomer treedt hij op in Zweden, Nederland, Oostenrijk, Finland en Canada. Regelmatig duikt in het voorprogramma zanger Freddie Birset op die het publiek met zijn vertolking van Franse klassiekers weet te begeesteren.

Apetrots is Lotti wanneer hij de dertiende september 2004 zijn nieuwe cd “From Russia with Love” in de Russische ambassade in Berlijn voorstelt. De Russische ambassade in België gaat als één man achter deze release staan. Er wordt opgenomen in de Fendal Sound Studio in het gezelschap van producer Peter Koelewijn. Wim Bohets tekent zoals steeds voor de arrangementen. Lotti schrijft eigenhandig de openingstrack “From Russia with Love”. In de persmap lezen wij: “Mineurakkoorden als de galop van een horde Kozakken, spoorslags over de steppen. Priegelende balalaika’s, geplukt uit de rijkversierde salons van de grootstedelijke paleizen. De zware nagalm van pure melancholie die uitdeint over de Siberische dorpen. Muziek uit een verloren gewaande tijd, gebundeld en bewerkt door Helmut Lotti.” Hij zegt over dit album zelf: “Wie naar deze cd luistert ontmoet mijn ware ik. Ik heb het gevoel dat die Russische traditionals uit mezelf komen. Dat ik misschien zelfs, diep geworteld, eigenaar ben van een Slavische ziel.” Hij zingt zich die Slavische ziel uit het lijf in nummers zoals Lara’s Theme, Otschi tschornije, Kalinka en Two guitars. Om het geheel een extra touch te geven, wordt hij vocaal begeleid door The Black Sea Cossacks Choir onder leiding van Peter Orloff. Tijdens de maand juli die aan de release voorafgaat, wordt er in Rusland de bijbehorende roadmovie ingeblikt, een megaproductie waaraan honderden figuranten deelnemen. Samen met muziekvirtuoos Andrej Kotov trekt hij door Rusland op het ritme van de Trans Siberian Express. Die reis levert onvergetelijke beelden op. Er wordt zelfs speciaal voor deze documentaire een echt Russisch dorpsfeest in scène gezet.

Uit handen van koning Albert II ontvangt Helmut eind 2004 de onderscheiding Grootofficier in de Leopoldsorde.

Helmut wil het onderste uit de kan halen wat zijn Russische avontuur betreft en spreekt met Piet af dat zij in 2005 geen nieuw album uitbrengen. Hij wil zich een jaarlang op het podium uitleven, zijn taak als goodwill ambassadeur van UNICEF ter harte nemen en werken aan het nieuwe cd-project dat stilaan de juiste vormen aanneemt. Hij snijdt 2006 aan met het liedje Love belongs to everyone, dat hij speciaal geschreven heeft voor de film “Dennis van Rita” van de Vlaamse regisseuse en actrice Hilde Van Mieghem. Piet Roelen maakt bekend dat Helmut intussen in alle stilte een punt heeft gezet achter zijn tweede huwelijk. Om de fans niet op hun honger te laten zitten, wordt er besloten een compilatie uit te brengen van zijn voorbije cd’s op het album “My Favorite Classics” met onder meer Santa Lucia, Auld Lang Syne, Greensleeves en als aanloop naar zijn nieuwste album de evergreens Moon River en How could I ever forget you. Bij dit album schrijft Helmut in het cd-boekje: “Eind september van dit jaar is het dan zover. Dan mag ik u het resultaat van de vele maanden schrijven, voorstellen. En het wordt nog méér, een dubbel-cd zelfs. Eén met eigen werk, een tweede vol met de beroemdste crooners die ik een persoonlijke interpretatie heb gegeven. En natuurlijk wordt het album opnieuw de aanzet van een reeks concerten.” Lotti houdt woord, want de dertiende september wordt zijn dubbelalbum “The American Way” en “My Way” aan de pers voorgesteld onder de gemeenschappelijke titel “The Crooners”, opgenomen in De Synsound Studio’s in Brussel. Helmut houdt de productie zelf in handen, daarin bijgestaan door Dan Lacksman. Voor “My Way” schrijft Helmut twaalf liedjes, waarvan het duet There’s a sparkle in your eyes, dat hij samen met de Nieuw-Zeelandse sopraan Hayley Westenra zingt, een pareltje is. Op “The American Way” zingt hij samen met Isabelle A True love en voor de rest topsellers zoals Hello Dolly, Caterina, Mona Lisa, Blue moon en That’s amore. Uiteraard wordt er ook een dvd ingeblikt, waarvoor zij deze keer richting Hamburg trekken om daar een plaatselijke pub helemaal om te bouwen tot een typische Amerikaanse bar met een maffiatintje die als decor dient voor zijn “My Way”-album. Voor “The American Way” wordt er voor enkele liedjes zelfs als decor naar het Italiaanse Toscane getrokken. Al dat werk loont, want “The Crooners” is in ons land alleen al goed voor dubbel platina. De special wordt de zeventiende december op VTM uitgezonden.

De eerste oktober 2006 had Helmut ook van zich laten horen tijdens de “0110-concerten”, georganiseerd in het kader van een actie voor meer verdraagzaamheid en tegen racisme, extremisme en zinloos geweld, op het getouw gezet door Arno, Tom Barman en Sioen. Die concerten hadden op vier locaties plaats: Antwerpen, Brussel, Gent en Charleroi. Helmut schrijft speciaal voor deze gelegenheid in het Gents dialect Oaster iets scheelt en zingt het samen met Frederik Sioen en Roland Van Campenhout.

Omdat Helmut een graag geziene gast is, ook in politieke milieus, wordt hij de vijftiende februari 2007 ontvangen door Guy Verhofstadt, de toenmalige Belgische premier, die hem een award overhandigt voor de massale verkoop van zijn cd’s zowel nationaal als internationaal. De teller staat dan op dertien miljoen exemplaren. Het is de enige award die nadien in zijn huis in Antwerpen een ereplaats zal krijgen. De rest van zijn edelmetaal krijgt een hoekje toegewezen op zolder. Over zijn relatie met Selina wordt niet meer gepraat. Zij heeft hem tijdens een tournee in Zuid-Afrika diets gemaakt dat zij een verdere relatie met Helmut niet meer ziet zitten. Onder meer hun leeftijdsverschil speelt een té grote rol. Geluk in de liefde lijkt voor Helmut voorlopig niet weggelegd. Omdat hij zich graag trakteert op een uitstapje, denk maar aan zijn samenwerking voor de cd “Viva Tura” (2005), waarvoor hij een Lottiversie neerzet van Vergeet Barbara, zingt hij met plezier Daar gaat ze voor het album “Braveau Clouseau” ter gelegenheid van 20 jaar Clouseau. In de maand september van 2007 vernemen wij dat Helmut tot over zijn oren verliefd is op journaliste Jelle Van Riet. Samen met haar telt Helmut het edelmetaal dat hij intussen verzameld heeft: vierentachtig gouden en honderdenvijf platina platen. Zijn allereerste “Goes Classic” is de bestverkochte cd aller tijden met op de teller voor ons land alleen al zevenhonderdachtenzestigduizend exemplaren. Op twee staat zijn “Goes Classic 2″, in het totaal goed voor zeshonderdnegenenzeventigduizend stuks. Toch zullen die platen in zijn huis geen ereplaats krijgen toebedeeld. Helmut legt uit dat hij zich in zijn woning graag als een gewoon mens beweegt en niet als een of andere wereldster.

Tijdens het Koningsfeest dat de vijftiende november 2007 gevierd wordt, zingt Helmut een opgemerkte versie van de Brabançonne, zoals dat een goede Belg betaamt, in de drie landstalen. Meteen nadien verschijnt daarvan een versie op single-cd. Op het einde van dat jaar maakt hij nog maar eens zijn koffers, deze keer voor de start van zijn “Wunschkonzert-Tournee” in Duitsland. Piet Roelen heeft een deal gesloten met hun platenfirma voor Australië, waar zijn albums in een aardig opeenvolgend tempo gereleaset worden (op het einde van 2009 zijn al zijn cd’s daar in een speciaal pakket verkrijgbaar).

Jelle Van Riet heeft inmiddels in de pers geschreven dat zij Helmut had ontmoet tijdens een interview. Maanden later ontmoet zij hem voor een tweede keer. Lotti heeft haar op Radio 1 gehoord in een programma met Friedl’ Lesage waarin Jelle aan het woord kwam naar aanleiding van de boekenprijs “De Gouden Uil Jeugdliteratuurprijs”, waarin Jelle een grote vinger in de pap heeft. Zij stelt zich tijdens dat interview erg kritisch op en dat spreekt Helmut wel aan: die durf, die spirit. Hij belt zijn persattaché met de vraag hem zo snel mogelijk haar gsm-nummer te bezorgen. Van het ene gesprek komt het andere en de rest van het verhaal leest als een sprookje. Jelle heeft speciaal voor Helmut tijdens een van hun eerste ontmoetingen een gedichtenbundel van Hugo Claus bij zich. Helmut trakteert haar op zijn beurt op een etentje. Van dan af bellen ze elkaar vaak, voeren lange gesprekken. Jelle woont een van zijn croonersconcerten bij (iets wat zij een tijdje voordien nog voor onmogelijk had gehouden) en hij trekt op concertreis met een boek van Tom Lanoye in zijn koffer.

Met man en macht wordt er naarstig aan het volgende album “Time to Swing” gewerkt, dat de twaalfde september 2009 aan de pers zal worden voorgesteld. Helmut heeft Piet gesmeekt nog wat liedjes te mogen leveren. Robbie Williams had het hem al voorgedaan, dus waarom zou hij zijn tanden niet zetten in swingende evergreens als Mack the Knife, Fever, Reet Petite, La mer, Danke schön en nog enkele doorbloeiers. Van zijn hand belanden er vier songs op deze cd: Heavenly match on earth, In the arms of a stranger, Around you en Time to swing. Dan Lacksman is opnieuw van de partij en er wordt opgenomen in zijn “Synsound Studio’s” in Brussel. Omdat hij graag duelleert, zingt hij samen met Clare Teal, drie jaar na elkaar verkozen tot beste jazzzangeres in Engeland, L.O.V.E., geschreven door Bert Kaempfert en een hit geweest voor onder meer Nat King Cole en Johnny Mathis. Het album werd in juni al voorafgegaan door de single Time to swing, die hij op de Amerikaanse ambassade in Brussel voorstelt. De single is meteen goed voor dertigduizend exemplaren én platina. Opvallend, want Helmut was al een tijdje geen singleartiest meer. De show “Time to Swing” wordt de achtste en negende augustus in “De Roma” in Antwerpen opgenomen, een historisch decor dat zeer goed aansluit bij de sfeer van het album. VTM zendt de veertiende december de special uit.

Zijn liefde met Jelle Van Riet blijkt elke storm te trotseren. Zij kondigen dolgelukkig én met trots aan dat zij de negende mei 2009 op “‘t Schoon Verdiep” van het stadhuis van Antwerpen in het huwelijk zullen treden. Om twee uur in de namiddag voor enkele intimi en een uur later voor het publiek, opgeluisterd met een groot volksfeest op de Grote Markt van Antwerpen.

Na zo’n twintig jaar Jan met de pet te hebben opgevrolijkt met walsen, bolero’s, evergreens en popklassiekers, besluit Lotti in 2010 dat het welletjes is geweest. Hij heeft twintig jaar de liedjes van anderen gezongen, op een aantal eigenhandig geschreven songs na. Hij besluit “definitief dat pluchen doek dicht te schuiven. Lotti trekt zich een tijdlang terug in alle stilte, in een pseudosauna, zijn thuis, gaat alles een plaats geven en vooral tijd voor zichzelf vrijmaken, de kostbare tijd die hij twee decennia lang aan zijn fans heeft besteed. Hij heeft er wel veel voor teruggekregen, vooral veel geld. Hij kan, mocht hij dat willen, rustig op zijn lauweren gaan rusten, maar daar voelt hij zich nog te jong voor. Dus gaat hij op zoek naar die muziek die hem na aan het hart ligt, of tenminste op zoek naar dat muzikale ei dat hij nog kwijt moet. Hij gaat daarbij doortastend te werk en komt uit bij het blootleggen van zichzelf in een rist liedjes die uiteindelijk op het album “Mijn hart & mijn lijf” belanden.

Op zoek naar een geschikte producer laat Helmut zijn netwerk compleet links liggen en gaat aankloppen bij een man die met plezier voor hem opendoet, al was het maar omdat werken met Helmut Lotti ook voor hem een uitdaging is, Stef Kamil Carlens. Vrij snel besluiten zij de idolen van Helmut in de koelkast te laten en op zoek te gaan naar de warme ziel van Lotti zelf. Hij mag zich laten gaan in liedjes die hij al jaren aan de goegemeente kwijt wil. Als tekstschrijver vindt Helmut een geweldige woordleverancier in de persoon van Bart Vanegeren, die intussen een vriend voor het leven van hem is geworden. Bij hem kan Lotti zijn ziel kwijt en Bart weet precies hoe hij die in degelijke teksten moet gieten. Zij schrijven samen negen nummers. Geert Hellings mag ook een liedje aanreiken en ook Jelle draagt bij aan een tekst. Het twaalfde liedje op het album is een eerbetoon aan Hugo Claus en de liefde.

“Mijn hart & mijn lijf” neemt Helmut op samen met een aantal onderlegde popmuzikanten zoals Nicolas Rombouts van Dez Mona, Bert Huysentruyt van Gorki, Geert Hellings van Stanton, Bjorn Eriksson van Maxon Blewitt en Wim De Busser van The Baboons en Zita Zwoon. Opperhoofd van dienst is dus Stef Camil, alias Zita Swoon himself, die de touwtjes strak in handen houdt, en dat is aan het eindresultaat te horen ook. Wanneer het album klaar is, voelt Helmut het aan alsof het zijn eerste is, al leert een optelsom ons dat het zijn achttiende is geworden. Het album wordt in de markt geprezen als: “Voor deze renaissance greep Helmut Lotti terug naar de essentie: zichzelf. Uit zijn twijfels en angsten, luim en lichtheid, hart en lijf puurde hij twaalf Nederlandstalige liedjes die samen een even ruw als eerlijk beeld schetsen van wie hij is: een lichtvoetige jongen met een donkere ziel. ‘Mijn hart & mijn lijf’ is een sprong in het diepe. Een sprong die Helmut Lotti moest wagen!”

Niet vergeten dat het album “Mijn hart en mijn lijf” nog in volledige samenspraak met Piet Roelen op het getouw werd gezet. Helmut is een livebeest en besluit met zijn nieuwe liedjes op tournee te gaan. Hij wil in een vijftal grote zalen optreden, maar Piet ziet het liever gespreid over Vlaanderen in een rist culturele centra, dertig in het totaal. Die concertreeks gaat de achtste maart 2013 van start in de Antwerpse Roma en eindigt de achtste juni in de Brusselse AB. Niet alleen het publiek, zijn fans, maar ook de media staan te popelen. In de Humo van dinsdag de achtste maart vertelt Helmut aan Diego Franssens: “Mijn voornaamste ambitie was ouder worden dan Elvis. Het is zover. Vanaf nu is ‘t alleen nog drugs, seks en rock-’n-roll. Toen ik dertig werd, maakte ik voor de eerste keer de balans in mijn leven op. Ik zou niet elk jaar meer een album uitbrengen, maar om de twee jaar. Dus niet langer elk jaar een tournee om die cd te promoten. Het werd een stuk gezelliger, maar ik voelde dat ik mezelf aan het herhalen was: deel twee van mijn toenmalige show was een soort ‘best of’ geworden en bleef zo een hele tijd, onveranderd. Er was wel een soort vrijheid, maar ik moest toch altijd binnen een opgelegd kader blijven en daar wou ik stilaan uit breken.” Heel lang heeft Helmut daarover zijn mond gehouden, ook naar zijn manager Piet Roelen toe. Na zijn album “Time to swing” ging Helmut diep nadenken en toen hij daarmee klaar was, kwam hij tot de vaststelling dat hij niets liever doet dan op een podium staan en zelf liedjes schrijven.

Aan journalist Jeroen Denaeghel van P-Magazine wil hij een paar weken verder kwijt: “‘Mijn hart & mijn lijf’ is mijn wedergeboorte. Zijn toupet en pitteleer liggen al een tijdje in de vuilnisbak, maar nu maakt Lotti ook komaf met zijn Tiritomba-verleden. Geen evergreens meer, maar een plaat met uitsluitend zelfgeschreven Nederlandstalige nummers.” Hij wijst er ons op dat hij voor zijn vierde album “Just for you” zo’n zeventig procent van de teksten zelf schreef, dus is hij met zijn nieuwste album niet aan zijn proefstuk toe. Hij wil koste wat het kost kwijt dat hij met zijn nieuwe cd alle commerciële paden links laat liggen en dat hij zich terdege bewust is van het risico dat hij neemt, een pak van zijn fans tegen de borst stuiten. Maar hij wil die stap zetten. Hij kan niet anders. Hij weet maar al te goed dat hij zich moet herpositioneren, zich een nieuwe plek moet zoeken in het Vlaamse muzieklandschap. Dat voelt soms akelig aan. Isabelle A en Kate Ryan zijn ook op een soort alternatieve zoektocht gegaan en kwamen wat bedrogen uit. Lotti weet dat hij tussen wal en schip kan belanden. Maar de steun die hij van Radio 1 van meet af aan kreeg, was voor hem een hart onder de riem. En dat Radio 2 inpikt, is ook een pak van zijn hart. Op beide zenders airplay te krijgen, is altijd een droom van hem geweest. Journalist Philippe Nuyts heeft zijn album aandachtig beluisterd en schrijft: “‘Mijn hart en mijn lijf’ is een moedige blik vooruit, méér dan een zoveelste gemakzuchtige blik achterom. Altijd toe te juichen. Het album verraadt nog veel marge en zal vooral live met een uitstekende begeleidingsband nog groeien. En het doet alvast lichtjes vermoeden dat die echte ‘classic’ bijna achttien jaar na die eerste concertreeks er wel eens in zou kunnen zitten over enkele jaren. Het is hem gegund.”

De achtste maart 2013 gaat de concertreeks “Mijn ziel & mijn lijf” dus in première in “De Roma” in Borgerhout. Meteen de dag nadien schrijft De Standaard het volgende: “Voor Lotti is het time to rock. Dit is geen fluwelen entertainer meer, maar een Vlaamse bluesman die zich voortbeweegt in het kielzog van The Rolling Stones. Lotti staat niet meer te heupwiegen als een Vlaamse Elvis, maar zit helemaal vastgeketend in de sound van zijn band die de groove als een verpletterende golf laat aanzwellen, met krijsende solo’s in een muur van chaos. De sterkte momenten waren die waarin hij de song was en vaak de meest uitgepuurde. Helmut treedt op samen met De Gieren: pianist Wim De Busser, gitaristen Bjorn Eriksson en Geert Hellings, basgitarist Nicolas Rombouts en drummer Bert Huysentruyt.” Een maand later lezen wij in Het Belang van Limburg: “De klankmix en de belichting lijdt soms aan onder- dan weer aan overconsumptie. De teksten zijn uitdagend en vragen om op cd nog eens herbeluisterd te worden. Deze show staat in schril contrast met de grandeur van zijn ‘Goes Classic’ en ‘Out of Africa’. Hier moet je wennen aan de haast gezellige intimiteit van het podium en dat kan wat oefening vergen.” Maar de loftrompet wordt niet door alle journalisten gestoken. De tiende juni 2013 lezen wij: “Kale Helmut Lotti krijgt geen halve zaal meer vol. Het nieuwe (haar)werk van Lotti doet het niet meer bij de fans. Bij zijn slotconcert in de AB, de achtste juni, kwamen slechts driehonderd mensen opdagen. Minder dan een halve zaal dus. En dat deed pijn bij de Tiritomba-zanger. Respons van Helmut in de pers: “Ik weet dat ik de oude fans ontgoochel met hetgeen waar ik nu mee bezig ben, maar ik had wel gedacht dat er sneller nieuwe mensen gingen komen, maar blijkbaar hebben die nog een probleem met het feit dat Helmut Lotti zo’n plaat heeft gemaakt. Ik denk dat als mijn plaat was gemaakt door een jonge band met een zanger die zij niet kenden, zij het veel beter hadden gevonden.” Toch lezen wij in datzelfde artikel iets verder: “Maar wel respect dat hij eens iets nieuws probeert en zich niet laat inpakken door zijn eigen publiek.” “Ik sta op het podium met de beste muzikanten van Vlaanderen. Het zou zonde zijn om daarmee te stoppen omdat het niet meteen bij iedereen aanslaat. De mensen moeten maar volgen!” De diehard fans zijn bij dezen dus gewaarschuwd. Toen recensent Johan Giglot Helmuts nieuwe album besprak, gaf hij, zonder het misschien echt zo te bedoelen, al de richting aan die Helmut na deze uitstap opnieuw moet inslaan. Het lijken haast profetische woorden: “Subtiliteit siert, net als de eenvoud. Helmut Lotti fluistert en streelt een hele plaat lang: tedere liefdesliedjes, sombere mijmeringen of dwarrelende fantasieën. De echte stemverheffingen die de zanger typeren, zijn zeer zeldzaam. In een uptempo countrynummer als Eeuwig duet grolt hij ‘ik wil je vanavond in bed’ en stijgt het energiepijl samen met de hormonenspiegel. Heel even komt die vibrerende falset toch boven. Eenzelfde gejaagde cadans horen wij in Veel te doen met een knipoog naar Herman van Veens Opzij, opzij. Het is de ironie en zelfs een lichte knipoog richting Kommil Foo die dit album wat zuurstof geeft, hoewel Lotti nooit in Absurdistan belandt. Op zijn album staan geen hits, geen singles, geen meezingers. Met ontbloot bovenlijf op de hoes toont Lotti zijn ware ik op een plaat die muzikaal dan misschien niet altijd even gemakkelijk klinkt, maar die wel alle gevoelens en emoties op een presenteerblaadje zet. Een album als dit zou elk zichzelf respecterend zanger eens moeten maken. Nu kan Lotti opnieuw meedraaien in de entertainmentkermis!” En of hij nog zo beroemd wil zijn als tijdens zijn hoogtijdagen? In Humo, daterend van de vijftiende december 2009, zei hij met het nodige sarcasme: “Beroemd zijn verveelt snel. Na veertien dagen heb je alle buiken en billen gesigneerd die er te signeren vallen, hoor! Het grappige is dat sinds ik mijn haarstukje heb afgedaan, ik op straat bijna niet meer herkend word, zeker niet in het begin. Zonder dat haar, die strik en die pitteleer bestaat Lotti niet. Veel mensen hebben nooit naar mij gekeken, maar naar een personage. Dat besef ik nu nog beter dan vroeger!”

De derde februari 2014 brengt Helmut in samenwerking met de organisatie Tutti Fratelli de single Armoe uit ten voordele van de actie Baby’s Tegen Armoede van het Kinderarmoedefonds. Hij schrijft dit nummer samen met Bart Vanegeren in een productie van Nicolas Rombouts. Twee weken later staat hij op twee in de Radio 2 Vlaamse Top Tien.

Eind oktober 2015 laat Helmut Lotti weten dat hij zo goed al verrezen is nadat hij de maanden voordien druk in de weer is geweest in “Studio Powertone” in Bonheide en “British Grove Studios” in Londen (eigendom van Mark Knopfler van Dire Straits) om daar de hand te leggen aan een nieuw album. Producer van dienst is Wouter Van Belle. De arrangementen heeft Helmut toevertrouwd aan de legendarische Andrew Powell die samenwerkte met onder meer The Alan Parsons Project, Kate Bush en John Miles. Als rode loper naar dat nieuwe album dat de zevenentwintigste november in de winkel zal liggen, lanceert Helmut de single Faith, hope and love. In de media lezen we dat de nieuwe cd een croonersalbum zal worden, dat niet alleen in België, maar ook in Duitsland, Zwitserland en Nederland zal worden uitgebracht.

Na zeven jaar afwezigheid maakt Lotti in het najaar van 2016 zijn comeback in Duitsland. Die markt is goed voor zo’n 90 miljoen potentiële fans. “Het heeft lang geduurd, maar het begon weer te kriebelen. Ik miste het podium. Ik wil graag opnieuw Helmut Lotti zijn. Ik kan niet wachten om weer in de schijnwerpers te staan.” Helmut sloot een platendeal bij RCA, goed voor een eerste single Faith, Hope and Love die vrijdag de 17de september in de Duitse winkels ligt. De 21ste oktober volgt “The Comeback Album”  dat reeds eerder in ons land verscheen onder de titel “Faith, Hope and Love” aangevuld met een aantal gloednieuwe songs. Vanaf 27 april 2017 start “The Comeback Tour”, goed voor 21 concerten in één maand tijd in Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland.

Via Facebook laat Helmut Lotti de 15de januari 2017 weten dat hij een punt zet achter zijn huwelijk met Jelle Van Riet. “Voor mij wordt 2017 een jaar van belangrijke veranderingen. Zo ga ik hoofdzakelijk in Duitsland wonen, het succes van The Comeback Album en The Comeback Tour achterna. Een verhuizing die absoluut niets afdoet aan mijn trouw aan België, ik blijf zeker intens contact onderhouden met mijn Belgische fans. Mijn keuze gaat ook gepaard met spijt. Mede door mijn verhuizing scheiden de wegen van Jelle en mezelf. Een moeilijke en van verdriet vervulde beslissing. Daarom wil ik iedereen uitdrukkelijk vragen onze privacy te respecteren. Ik zal er verder het zwijgen toe doen en wil het houden bij de vaststelling dat ik terugkijk op bijna tien hoofdzakelijk mooie, boeiende en zeer intense jaren samen. Ik zal ze altijd koesteren”.

Op het moment dat Helmut Lotti druk bezig is met zijn “Comeback Tour” in Duitsland, laat hij de 5de mei 2017 via zijn manager Piet Roelen aan de media weten dat hij terug naar zijn heimat keert en dat met volle goesting. Hij neemt de 1ste november in ons land de vocale rode draad weer op met de release van zijn cd ” The Comeback Album” en geeft de 25ste november in de Koningin Elizabethzaal in Antwerpen een groots ” The Comeback Concert”, op de plek waar het voor hem de 15de september 1995 allemaal begon met zijn “Lotti Goes Classic”.

De 16de augustus 2017, 40 jaar na het overlijden van Elvis Presley, brengt Helmut Lotti een cover uit van The King uit 1972 I’ve got confidence. “Voor mij was de keuze voor I’ve Got Confidence snel gemaakt. Het is misschien niet meteen het meest bekende nummer van Elvis, maar het behelst voor mij wel perfect zijn geest en de drive die hij had. Ik breng nog steeds Elvis-nummers tijdens mijn concerten en zal dat ook blijven doen. Elvis Presley mag en zal nooit vergeten worden, en zolang zijn muziek leeft, leeft The King”. De 15de september zal zijn nieuwe cd “The Comeback Album” gereleased worden.

Dinsdag de 19de september 2017 wordt de nieuwe Loitt-cd “The comeback album” gereleased met uiteraard zijn nieuwste single I’ve Got Confidence  en de herwerkte nummers van het eerder uitgebrachte album “Faith, Hope And Love”. Daarnaast gloednieuwe covers  zoals Hallelujah, Bridge Over Troubled Water en You’ll Never Walk Alone. Ook voor dit album kroop Lotti in zijn componistenpen, met als resultaat A Lonely Road en Make-Believe. Hij stond er tevens op dat de Elvis-song My boy, waarmee het in 1989 voor hem allemaal begon in de Nederlandse Soundmixshow, voor het eerst in zijn versie op cd wordt uitgebracht.

 

tekst en research: Marc Brillouet

© 2016 Daisy Lane & Marc Brillouet