Luc Steeno

Geplaatst in Artiesten

Luc werd de achtentwintigste juni 1964 in Leuven geboren in een gezin van drie kinderen: hij, een tien maanden jongere broer en een zus die pas zestien jaar later arriveert. Over een nakomertje gesproken. Papa had een tuinbouwbedrijf, een erfenis van zijn vader: groenten kweken voert de boventoon. Niet alleen mama hielp mee in het bedrijf, ook de kinderen staken regelmatig een handje toe. Luc herinnert zich nog goed dat er thuis naast praten over groenten vaak en veel naar muziek werd geluisterd, waarbij Radio 2 dé favoriete zender was. Er klonk dus veel Vlaamse muziek ten huize van Steeno. Papa had geen tijd om platen te kopen, maar wanneer Luc twaalf wordt en naar aanleiding van zijn plechtige communie een platendraaier cadeau krijgt, worden de eerste singles en elpees gekocht, en laat de eerste plaat er toch geen van Will Tura zijn, van die dag af het grootste idool van Luc. Ook de platen van Marva en Willy Sommers vallen bij hem in de smaak. Luc gaat niet alleen naar liveoptredens van Will Tura kijken, maar zingt thuis luidruchtig mee met de liedjes van zijn idool met een haarkam als microfoon, pal voor de spiegel, om toch maar te zien dat hij zich ook vlot beweegt.

 

Lagere school loopt hij in zijn geboortedorp Haasrode, Oud-Heverlee, om nadien naar de Paters Jozefieten aan de Oude Markt in Leuven te trekken om daar aan het Drievuldigheidscollege de middelbare school te volgen, richting economie-moderne talen. Luc is een jaar of negentien wanneer er notenleer op zijn menu verschijnt. Hij volgt pianoles privé, maar een echte virtuoos zit er niet in. Die lessen verliepen nogal stroef. Luc mag dan ostentatief dwepen met Nederlandstalige liedjes, de hits van Boney M., ABBA en The Dolly Dots gaan bij hem ook vlotjes naar binnen. In de loop van de jaren tachtig worden playback- en soundmixshows almaar belangrijker. Wie zich toen als zanger wilde profileren, moest via hier de revue passeren. In 1985 zet het tienerblad Joepie “Talent ’85″ op het getouw. Luc schrijft zich in en wordt met zijn versie van Tura’s Vergeet Barbara finalist. Het jaar nadien is er de “Story Soundmixshow”. Luc had toen al in het Leuvense een bescheiden bekendheid opgebouwd als imitator van Will Tura. Om zijn show te verfijnen, gaat hij op zoek naar een volgspot. In het krantje Passe-Partout ziet hij een annonce van een verkoper die, zo blijkt tijdens een gesprek, het geluid verzorgt voor de soundmixshow die Story organiseert. Die man tipt Luc Steeno dat ze genoeg kandidaten hebben, maar dat er te weinig Nederlandse liedjes in het aanbod zitten. Luc ziet het meteen zitten om zich in te schrijven. Die man neemt contact op met het organisatiebureau Benelux, dat de show ondersteunt, én met presentatrice Micha Marah, en de deal is geklonken. Luc stoot na de voorronde en de halve finale in mei 1986 door naar de finale in het Alpheusdal in Berchem en wint die finale met zijn vertolking van Vergeet Barbara. In het kielzog daarvan volgen een hele rist optredens in de Storykaravaan, is er een platencontract bij Telstar én… moet Luc onder de wapens. Hij wordt ingelijfd bij de luchtmacht, waar hij dienstdoet als chauffeur van wacht gekazerneerd in Brustem bij Sint-Truiden. Een tijdje later wordt hij overgeplaatst naar het munitiedepot in Meerdaal, een paar kilometer van zijn ouderlijk huis verwijderd. Wanneer Luc dringend moet optreden, zorgt zijn commandant ervoor dat hij verlof krijgt. Al bij al wordt zijn legerdienst geen al te groot struikelblok in zijn nog prille carrière. In augustus mag hij zijn eerste plaatje opnemen, Hoe lang blijft liefde duren. De maand nadien ligt zijn allereerste single in de winkel, een liedje dat Will Tura speciaal voor Luc had geschreven op tekst van Jeroen Lecompte. Plaatselijk wordt het plaatje een succes, maar daar blijft het bij. De opvolger Iets grijzer, iets wijzer, een nummer van John Terra, slaat wél aan! Voor de volgende single stapt Luc over naar platenfirma Centropa, waar hij een nummer van Frank Michael vertaalt, Als ik het vond. Luc is iets later te gast in het programma “Te Bed of Niet Te Bed” van Jos Ghysen.

En kijk, zijn carrière krijgt daardoor een flinke boost. Guy Beyers, de toenmalige echtgenoot van Micha Marah, wordt de manager van Luc. Guy laat Luc een Duits liedje van Jean Frankfurter coveren, Ich brauch’ dich jeden Tag ein bisschen mehr, een toenmalige hit van Andy Borg, door Guy vertaald als Ik mis je elke dag een beetje meer. Guy had de originele geluidsband gekocht. Luc is niet zo wild van die keuze, maar Guy dringt aan en het nummer wordt toch op single uitgebracht. Het is meteen raak, vooral dankzij een optreden in “Tien om te Zien”, waarmee VTM in 1989 haar start niet gemist had.

De carrière van Luc is gelanceerd. Die van Sandra Kim, die bij hetzelfde artiestenbureau als Luc zit, is tanende. Waarom haar bekende naam niet aan die van Luc gekoppeld? Het kan hun carrière alleen maar van pas komen. Gekozen wordt voor een oude hit van Amen Corner uit 1968, Bend me, shape me, vertaald als Bel me, schrijf me. Luc wordt in september 1990 door het Belgisch koningshuis uitgenodigd om samen met Sandra te komen zingen tijdens de viering “40 – 60″, een muzikale hommage aan wijlen koning Boudewijn. Ze brengen Ik hou van mijn land, J’aime mon pays, een liedje dat Sandra Kim al eerder op een van haar albums had gezet. Dit is voor hen beiden qua publiciteit meer dan meegenomen. Pa en ma Steeno zijn apetrots. Met die wind in de zeilen brengt Luc in het najaar van 1990 het album Wat moet ik zonder jou op de markt in een productie van Pino Marchese, Luigi Bongiovanni en Stan Verbeeck met daaruit als singlekeuzes: Voor jou, geschreven door Salim Seghers, Liefde is en de knaller Holiday. Dat liedje had Luc tijdens een vakantie in Mallorca meegepikt. Je hoorde dat ginder in haast elke discotheek en het was oorspronkelijk een hit van de Duitse zanger Klaus Densow, die er op dat moment als Holi-Holiday een vakantiehit mee scoorde. Een deel van dat succes herhaalt Luc wanneer hij twee jaar later door Mark Uytterhoeven voor diens tv-programma “Het Huis van Wantrouwen” wordt gevraagd een parodie op dat nummer te zingen. Luc brengt in de laatste aflevering een aangepaste versie van Holiday met de slagzin Yo de mannen yo, een van de vele kreten die in dat programma gelanceerd werden. Luc scoort er een voltreffer mee. Tussendoor worden lk leef voor jou alleen en het duet Niets is mij teveel, dat hij samen met Micha Marah zingt, met aardig wat bijval op single uitgebracht.

In de zomer van 1992 krijgt Luc van Radio 2 de “Zomerhittrofee” voor zijn wellicht grootste hit Hij speelde accordeon, een nummer geschreven door John Terra op tekst van Jan Theys. Bij de release mag Luc meteen optreden in het programma “Ochtendkuren” van Luc Verschueren en Dirk Somers én de hittrein is alweer vertrokken. Acht weken na elkaar voert Luc de Vlaamse Top Tien aan. De dertiende juni staat hij daar al op één. In de Ultra Top 50 staat hij de vijfentwintigste juli op tien. Dat zal voor de rest van zijn carrière daarin zijn hoogste notering blijven. Nadien is het de inmiddels betreurde Bart Van den Bossche die Luc aan zijn volgende single mag helpen, Ik geef je alles.

Om in 1993 zijn album “Liefde wint het toch altijd” oogverblindend aan te prijzen, verzint zijn manager Guy Beyers een mediastunt. Samen met zijn collega’s Luc Caals, Marleen en Micha Marah vliegt Luc met de verzamelde pers op zaterdag de zestiende oktober naar het Egyptische Hurghada om daar in een nomadenkamp onder een loodzware zon en tussen de kamelen zijn album te lanceren. Hurghada is een toeristische trekpleister aan de Rode Zee die in de reisbrochures als “The Red Sea Riviera where the sun shines the year around” wordt aangeprezen. Leuk meegenomen voor de reisorganisator die de hele stunt bekostigt. Met Marleen zingt Luc op dat album het duet Een zomer ging voorbij, er is de titelsong Liefde wint het toch altijd, geschreven door Salim Seghers, en dé absolute uitschieter Ga dan, dat Luc voor het eerst had gehoord in het café “La Dolce” in Brussel. Het is de patron die Luc met het nummer …Dann geh doch van de Duitse zanger Howard Carpendale laat kennismaken, die daar in 1978 al een hit mee had gescoord. Op tekst van Guy Beyers wordt het een van de grootste hits die Luc zal scoren, een blijver ook! Luc viert iets later zijn vijfjarige carrière met een geslaagd optreden in de Elisabethzaal in Antwerpen met als eregast Will Tura. Vervolgens is er in 1994 de single De Rode Duivels gaan naar Amerika. Achteraf volgens Luc een gemiste kans. John Terra had een erg leuke melodie geschreven, alleen werd het fout geproduceerd. Qua ritme té opgeklopt. Hadden ze het wat rustiger verpakt, dan had er volgens Luc een grotere hit in gezeten.

Luc wil de touwtjes almaar meer in eigen handen houden. Hij zet zich voor zijn nieuw album “Liedje(s) van de liefde” samen met Miguel Wiels aan het schrijven. Het openingsnummer heet niet voor niets Met twee. Opgenomen wordt er in de BSB Studio in Brussel. Pino Marchese neemt de arrangementen voor zijn rekening en Marc François de mixing. Er staat ook een liedje van Pierre Kartner op, Dat zomerse gevoel, maar het meest beklijvend is en blijft Africa Hakuna Matata. Luc had in Kenia een aantal natuurparken bezocht en wilde die indrukken in een liedje vertalen en voorgoed vasthouden. Samen met zijn manager Guy Beyers komt Luc tot een akkoord dat hij naar een andere platenfirma mag overstappen. Zij zijn wat op elkaar uitgekeken. Dat wordt Play That Beat, bekend door hun producties met artiesten zoals Get Ready en Mama’s Jasje. De zoon van Guy, Ilia, wordt Lucs nieuwe manager. Luc wil aan kwaliteit winnen, meer tijd in de studio doorbrengen, langer aan de nummers sleutelen, hij wil cd-hoesjes met daarop de liedjesteksten enzovoorts. Een onbetaalbare zet op dat moment in de carrière van Luc qua exposure wordt het moment waarop hij in het najaar van 1996 mag meedoen aan het megasuccesvolle TV1-programma “Het Swingpaleis” met aan het roer de legendarische Felice, alias Dré Steemans. Vijf dames nemen het al zingend, gekscherend, provocerend… op tegen vijf heren. Luc ontpopt zich in dit team als een sympathieke, vlotte gast met wie je gezellig een avondje kunt stappen. Luc weet zijn wat houterige gedrag en zijn stroefheid van zich af te schudden op het moment dat de camera aanstaat. We leren hem kennen als een goedlachse kerel die plezier maken hoog in het vaandel draagt.

De eerste single bij Play That Beat wordt De molen op het plein, een song van John Terra waarmee gepoogd wordt een schlager af te leveren, maar dan een met iets meer inhoud dan gewoonlijk. De reacties zijn echter matig. De volgende single wordt a lucky shot, eentje waar ze snel bij moeten zijn. Frank Michael staat in 1997 torenhoog in de Waalse hitlijsten met Toutes les femmes sont belles. Lucs platenfirma weet dat ook Danny Fabry plannen heeft om dat nummer te vertalen en dus wordt er in zeven haasten naar een nieuwe studio overgestapt, The Groove in Schelle onder aanvoering van Peter Bulkens, waar Mooi zijn alle vrouwen wordt opgenomen op tekst van de in die tijd drukbezette Marc Van Caelenberg. Luc is in de wolken, want zijn versie wordt razendsnel met goud bekroond. Er volgt in de loop van 1998 het album “Geen dag meer zonder jou”, dat in Rome aan de pers wordt voorgesteld, kwestie van qua release in het oog en het oor te blijven springen, met daarop een paar covers zoals A la Espagnola van John Terra en Hopeloos van Will Tura. Marc Van Caelenberg vertaalt ook de Duitse hit Mädchen mit den traurigen Augen van Bata Illic uit 1976 als Dan gaan de lichten aan. Ook dat nummer wordt op single een succes.

Wat die Duitse hits betreft. In 1991 had Harry Thomas, de toenmalige gangmaker achter het Duitse “Schlagerfestival” in Kerkrade in Nederland en manager van onder meer Dennie Christian, geprobeerd de carrière van Luc Steeno bij onze oosterburen op gang te trekken. Luc neemt een Duitse versie op van Hij speelde accordeon, treedt daarmee op tijdens het festival, maar nadien heeft hij daar nooit meer iets van gehoord, voor een groot deel waarschijnlijk te wijten aan het feit dat Harry op het einde van 1991 plots overleed. Luc, die van snelle wagens houdt, ontsnapt de elfde november 1996 aan de fatale gevolgen van een zware slipper en wordt tijdens de nacht van de achtentwintigste maart 1999 in het centrum van Brussel het slachtoffer van een heuse carjacking. Iets nadien wordt naar aanleiding van tien jaar Luc Steeno in een productie van John Terra in The Groove het album Elke dag denk ik aan jou ingeblikt: twaalf nummers, waaronder als aardigheidje een Engelstalige cover van To know him is to love him van Phil Spector en voor het overige liedjes aangereikt door Roland Verlooven, Peter Van Laet en uiteraard John Terra, die op dat moment veel liedjes samen met Daniel Ditmar schrijft. Er worden uit dat album een sliert singles gelicht: Zonder jou, Eleonore, Geen vreemde meer, Elke dag denk ik aan jou, Zeven dagen lang en Wanneer.

We schrijven het jaar 2000. “Tien om te Zien” is gestopt en vele Vlaamse artiesten merken dat aan hun platenverkoop. Play That Beat gaat zwaar schrappen in zijn artiestenstal. Bart Kaëll, Willy Sommers en Luc Steeno moeten op zoek naar een andere platenbaas. Samen met Ilia Beyers richt Luc een eigen label op, BSM (Beyers-Steeno-Music), maar dat wordt zoekwerk om de juiste muzikale balans te vinden. Zij brengen enkele singletjes uit zoals In Marbella en Alicia Madonna bella, maar hoogvliegers worden het niet. In 2001 maakt Luc Steeno samen met enkele BV’s deel uit van een speciale editie van “Big Brother”. Tot het team behoren onder meer Brigitta Callens, Jean-Pierre Van Rossem, Sam Gooris, Eddy Planckaert en Harry Van Barneveld. In 2002 sluit Steeno een platendeal met Warner Brothers. Die stellen Eric Melaerts als producer aan, die wel wat ziet in het vertalen van een handvol hits uit de jaren zestig: J’entends siffler le train van Richard Anthony, Oasis van Toto Cutugno, Bachelor boy van Cliff Richard, Ma belle amie van Tee Set, maar ook covers van Vlaamse klassiekers, waaronder Als je de taal van de liefde verstaat, Samen een straatje om en Annemarie. In de maanden maart en april van dat jaar trekt Luc met een liveshow naar de culturele centra van onder meer Bornem, Tongeren, De Schakel in Waregem en De Minnepoort in Leuven. Luc mag dan wel opnemen met de meest gerenommeerde studiomuzikanten, het verhoopte succes blijft uit. Zij blijven qua repertoirekeuze té ver uit de buurt van de geijkte Steenoformule: de schlagergevoelige liedjes blijven uit en dat weet Luc ook wel! Ilia Beyers kan het niet langer aanzien en zet eindelijk zijn idee waarmee hij al een tijdje rondloopt, op de rails: een album afleveren waaraan meegewerkt wordt door drie bekende zangers, een muzikaal triootje dus. De keuze valt op Willy Sommers en Lisa del Bo, onder het toeziend oog van Piet Roelen, de bekende manager van onder meer Helmut Lotti, die als goede vriend van Ilia en Lisa zijn schouders onder dit project wil zetten. Mieke, Freddy Breck en Dennie Christian hadden het hun jaren voordien als gelegenheidstrio al voorgedaan, het is een formule die werkt. Als titel van het album dat in 2003 wordt gelanceerd, wordt gekozen voor “De Mooiste Duetten & Meer” met daarop versies van Islands in the stream, Cinderella Rockefella, Sun of Jamaica, Vluchten kan niet meer, Sing C’est la vie... Voor de productie staat Peter Koelewijn in, die de jaren voordien voor Piet Roelen de cd-reeks “Lotti Goes Classic” had geproduceerd.

De vijftiende januari 2005 viert Luc zijn vijftiende jaar als succesvol artiest in Vlaanderen. Luc heeft snel door dat hij op de hittrein die het “Schlagerfestival” van VTM blijkt te worden, moet stappen. De dertigste en eenendertigste maart en de eerste april van 2007 gaat in de Ethias Arena in Hasselt dat schlagerfestival van start. Twee jaar later staat Luc opnieuw op de affiche en sindsdien is hij zogoed als onlosmakelijk met dit festival verbonden. In 2009 vindt hij de tijd meer dan rijp om het album “20 jaar Luc Steeno” uit te brengen met daarop zevenendertig van zijn grootste hits, beginnend met Leun maar op mij tot en met Alicia Madonna bella, verdeeld over twee cd’s.

Intussen heeft de nieuwe baas van Universal België, Patrick Busschots, Luc aan het werk gehoord en wil hem koste wat het kost in zijn platenstal, ook al huist Luc op dat moment nog bij CNR, waarvoor hij het liedje Neem me een keer in je armen heeft opgenomen, een vertaling van Mes mains sur tes hanches, dat snel een nummer één wordt in de Vlaamse Top Tien. De tweeëntwintigste januari 2011 staat Luc bovenaan. Hij wil dolgraag als concept een cd uitbrengen met uitsluitend vertalingen van hits van Salvatore Adamo, maar CNR aarzelt en… ARS gaat met de idee en het album lopen, dat wordt ingeblikt in een productie van Phil Sterman. Het merendeel van de vertalingen is van de hand van Lieve Decock, de echtgenote van Phil. Op de luxe-editie van “Luc Steeno zingt Adamo” vertolkt Luc zestien vertalingen van bekende Adamoklassiekers zoals C’est ma vie, Les filles du bord de mer, Petit bonheur, Inch’ Allah en Amour perdu. Dit album zal uiteindelijk singles opleveren als Jij alleen, waarmee Luc de vijfentwintigste februari 2012 op de tweede plaats van de Vlaamse Top Tien belandt, M’n klein geluk, goed voor een nummer één, en Ik hield van jou. In de pers lezen we links en rechts dat dit een Luc Steenoproduct is geworden “hors catégorie”. De videoclip van Jij alleen, een vertaling van C’est ma vie, die hij opneemt met onder anderen Lindsay en de dames Sugarfree als attractieve ruggensteun, wordt een van de favoriete clips bij Ment TV. De zestiende maart 2013 staat Luc op één in de Vlaamse Top Tien met Ik voel me goed, een vertaling van Freedom come, freedom go, ooit een hit voor The Fortunes. In de slipstream van het Adamoalbum verschijnt in de maand mei van 2013 op aanraden van zijn manager Ilia Beyers de cd “Luc Steeno zingt Claude François” met daarop vertalingen van hits zoals Cette année-, Le mal aimé, Chanson populaire, Même si tu revenais, en er is ook een Clo Clo Medley. Het album duikt begin mei meteen de Ultratop Album Vijftig binnen en vat daar post op de vierde plaats. In het totaal zou de cd meer dan twee en een halve maand in die lijst genoteerd blijven. Als single valt de keuze op Het wordt nooit meer als toen, een vertaling van J’y pense et puis j’oublie, dat op zijn beurt een vertaling is van de Amerikaanse song It comes and goes van Burl Ives. De keuze viel op het repertoire van Clo-Clo omdat het in 2013 vijfendertig jaar geleden was dat deze Franse megaster plots om het leven kwam.

 

In 2014 staat de viering vijftig jaar Luc Steeno in de steigers. Luc hoopt dat hij bij ARS kan en mag blijven, maar dat hangt van de nieuwe directie af. De achtentwintigste juni, de dag dat hij vijftig wordt, geeft Luc in CC “De Zandloper” in Wemmel een jubileumconcert om zijn verjaardag extra glans bij te zetten en dit feest vooral met zijn fans te kunnen delen. Hij weet intussen van zichzelf na al die jaren wel dat hij niet de beste zanger in Vlaanderen is, maar wel dat hij tot de beste entertainers in ons land behoort, hij weet hoe hij een volle zaal op zijn hand moet krijgen. Zelf dweept hij met mooie zangstemmen. Hij koopt niet alleen hun cd’s, maar staat er ook op om hen live aan het werk te zien: Barbra Streisand, Whitney Houston, Céline Dion en Lara Fabian. In een gulzige droom Luc een duet met die dames laten zingen? Daar zouden wij met zijn allen een prachtig verhaal aan overhouden. Doen dus!

De zevenentwintigste mei 2014 lanceert Luc zijn nieuwste single Diep in je ogen, die hij tot verrassing van velen uitbrengt als duet samen met Laura Lynn. Het is de vertaling van Oh mi amor van Tony Christie. Hij kondigt bij de release aan dat hij het tijdens de zomermaanden op diverse Vlaamse podia samen met haar zal zingen. Luc viert de achtentwintigste juni zijn vijftigste verjaardag en brengt naar aanleiding daarvan het album “25 jaar hits” uit, een cd met daarop twee bonustracks én vijf nieuwe nummers, waaronder Diep in je ogen, dat op dit album ook in een soloversie te beluisteren is. Niet zo’n meevaller voor Luc wordt de release van Dicht bij jou, een nummer van Alan Ward en Will Tura, waarmee Luc slechts tot op de tweeëntwintigste plaats in de Vlaamse Top 50 geraakt.

Op zijn website laat Luc tijdig weten dat hij zondag de elfde januari 2015 speciaal voor zijn fans in “Hotel Courtyard” in Brussel een nieuwjaarsbrunch organiseert met daaraan gekoppeld een exclusief optreden. Wij lezen ook dat hij de zeven-, acht- en negenentwintigste maart en de vierde april zal optreden tijdens het “Schlagerfestival” in de Ethias Arena in Hasselt. Begin 2015 stapt Luc over naar een nieuwe platenfirma, het ‘Vlaamse Sterren’-label van CNR Records. Samen met Luc’s management Globe Entertainment beloven zij garant te staan voor een mooi muzikaal vervolg op Luc’s eerdere succesalbums “Luc Steeno Zingt Adamo” (2012), “Luc Steeno Zingt Claude François” (2013) en zijn jubileumalbum “25 Jaar Hits” dat vorig jaar verscheen. Het eerste wapenfeit van de nieuwe samenwerking is Luc’s nieuwe zomersingle De Zomer Van Je Leven. Kenners horen er wellicht meteen het nummer La Camisa Negravan Juanes in terug. Het originele nummer werd een grote hit in 2004, met de hulp van Bart Herman schreef Luc er een nieuwe zomerse tekst voor en producer Phil Sterman zorgde voor een geslaagd arrangement. De dertiende juni noteren we Luc op de zesde plaats in de Vlaamse Top Vijftig en de vierde juli op de eenentwintigste plaats in de Radio 2 Top Dertig.

Woensdag de 24ste juni 2015 wordt in het gezelschap van Will Tura tijdens een persconferentie in Blankenberge de cd “Vlaanderen zingt Tura” voorgesteld. Speciaal voor dit album neemt Luc een cover op van Tura’s hit Speel Bouzouki.

tekst en research: Marc Brillouet

© 2015 Daisy Lane & Marc Brillouet