Paul Anka

Geplaatst in Artiesten

Anka werd de 30ste juli 1941 als eerste kind van Andrew en Camelia Anka in Ottawa, Canada geboren. Zijn ouders waren van Syrische afkomst. Zij baatten daar het restaurant “The Locanda” uit op Laurier Avenue, vlak tegenover het Canadese parlementsgebouw.  Zij stonden van in het begin volledig achter de plannen van Paul om zanger te worden. Johnnie Ray en Frankie Laine zijn zijn idolen. Met hen in zijn achterhoofd gaat hij muziek studeren. Voor school moet hij op zekere dag een boekbespreking maken van de roman “Prester John” van John Buchan. Daarin komt een Afrikaans dorp voor Blaauwildebeestefontein. Hij is nog maar dertien, maar Paul schrijft er een liedje over en noemt het Blau Wilde De Veest Fontaine.

Pauls plannen om dus zanger te worden, krijgen vaste vorm wanneer op zekere dag “IGA Food Stores” een wedstrijd organiseert met als inzet een reis naar New York. Je kan winnen door zo veel mogelijk stickers van het merk in te zamelen. Hij wint die wedstrijd voor zijn regio en mag samen met veertig andere winnaars per trein naar New York reizen. New York is een complete cultuurshock voor hem. “This is what I want, this and my music!” wordt meteen zijn hoofddoel.

Tijdens de zomervakantie trekt hij naar uncle Maurice in Californië. Maurice is operazanger. Paul hoort daar de hele dag niets anders dan operamuziek. Zijn oom, die tevens acteur is,  treedt op dat moment op in het stuk “Bullfight” in “The Pacific Playhouse” in “La Cinema” in Santa Monica. Paul wil wat geld bijverdienen en mag daar snoepgoed verkopen tijdens de pauze. Iets verderop ligt de muziekwinkel “Wallach’s Music City” waar Paul op zekere dag het plaatje Stranded in the Jungle van The Cadets ontdekt. Op het hoekje staat de naam van platenfirma Modern Records, Culver City, California vermeld, met de auto een kwartier van de woonplaats van oom Maurice verwijderd. Paul trekt zijn stoute schoenen aan en gaat aankloppen bij Jules en Joe Bihari die samen met hun zus die platenfirma, incluis studio, zijn opgestart. Hij laat hun zijn zelfgeschreven Blau Wilde De Veest Fontaine horen en tot zijn verbazing stellen ze voor dat Paul het samen met The Cadets mag opnemen. Als producer gaat Paul Anka samenwerken met nieuwkomer Ernie Freeman die iets later de platen van Bobby Vee zal produceren alsook de hit Strangers in the night van Frank Sinatra. Samen met Ernie bereidt Paul alles voor en twee weken later blikt hij Blau Wilde De Veest Fontaine in met op de B-kant de cover I Confess. Scoren doet het liedje niet, er worden in het totaal zo’n drieduizend exemplaren van verkocht. Op zijn vijftiende is Paul Anka een eerste ontgoocheling rijk en keert terug naar Canada.

Op school vindt Anka steun bij zijn leraar John Topelko van The Fisher Park High School (Paul zingt hier in het schoolkoor) die hem aanmoedigt door te zetten om zanger te worden. Paul treedt in zijn stad inmiddels op in clubs en voor diverse lokale radio- en televisiestations. Men ziet wel dat er talent in die jongen schuilt. Hij heeft ook een baantje als journalist weten te versieren bij de plaatselijke krant “Ottawa Citizen”. Maar zijn korte trip naar New York blijft Paul door het hoofd spoken. Hij is zo in de ban van die stad dat hij honderd dollar van zijn vader leent en in het gezelschap van de Canadese groep The Rover Boys en met vier eigen liedjes die hij in de loop van 1956, begin 1957 heeft geschreven, naar New York terugkeert. The Rover Boys leren hem de juiste weg te vinden in New York en spelen hem enkele adressen door. Paul trekt zijn stoute schoenen aan en gaat aankloppen bij producer Don Costa van ABC-Paramount Records. Vergeet niet dat Paul nog maar vijftien is. Later zal Costa in een interview die eerste ontmoeting als volgt omschrijven: “There we were, jammer into my office listening to little Mr. Five-by-Five pounding out the songs. It was like the movie “Words and Music” about Rodgers and Hart. Paul was Mickey Rooney playing Larry Hart. Everything frantic, hammed up, overplayed: but he had something“. Paul is niet groot, zijn haar ziet er niet uit, maar hij heeft veel drive en weet Costa te imponeren. Die is niet  zozeer onder de indruk van Pauls stem, dan wel van de kwaliteit van zijn liedjes. Costa laat meteen Anka’s ouders naar New York overvliegen om daar een plantencontract te ondertekenen. Het contract wordt ondertekend door Pauls ouders, producer Don Costa en door enkele leden van de ABC-directie: Irwin Garr, Larry Newton en de grote baas Sam Clark. Zij komen overeen dat Paul in New York blijft wonen, daar liedjes gaat schrijven waarvoor hij een maandelijkse vergoeding krijgt van honderd dollar. Omdat Costa vindt dat Anka’s stem nog te wensen overlaat, stuurt hij hem meteen naar een zangpedagoog en laat hem ook wat extra notenleer volgen.

In de maand mei van 1957 staat Anka samen met het orkest van Don Costa in de Capitolstudio in New York. Paul wordt begeleid door vier muzikanten: gitarist Bucky Pizzarelli, pianist Irving Wexler, drummer Panama Francis en bassist Jerry Bruno. Qua backing vocals wordt hij begeleid door drie zangers en drie zangeressen. Costa ontpopt zich tot een geweldig arrangeur die Paul een pak knepen van het vak leert en volgens Anka een van de beste arrangeurs is die Amerika ooit gekend heeft. Diana wordt het eerste liedje dat zij opnemen, geschreven voor Diana Ayoub waar Paul tot over zijn oren verliefd op is. Hij had haar voor het eerst in het oog gekregen tijdens een kerkdienst en kon haar niet uit zijn hoofd zetten. Hij is vijftien, zij negentien en werkt op dat moment als secretaresse in het kantoor van The Royal Canadian Mountain Police in Ottawa. Hij maakt avances, maar Diana laat Paul meteen voelen dat zij er niet mee is opgezet. Hij vertaalt zijn verdriet meteen in een liedje ” I’m so young and you’re so old, this my darling I’ve been told”.

Tijdens de opname van Diana staat Don Costa erop dat Don’t gamble with love ook wordt ingeblikt en gelijk de A-kant van de single wordt. Paul gaat niet akkoord, maar Costa heeft het voor het zeggen, al zal snel na de release blijken dat Anka gelijk heeft. Paul kan het niet laten meteen na de opname in de studio een briefje naar Diana Ayoub te sturen:” Well, in twenty hours I’ll be releasing my new record. I helped pick out the instruments and the feel and all the arrangements are great! You want me to tell you what it’s called? ” Diana”. It’s favored as the hit record by everyone, they said it is a different sound and it’ll be the one. Now listen, don’t say a word or I’ll… I’ll just kiss you if it sells, because you started it“. Vreemd genoeg zal Paul Anka wanneer zijn Diana iets later een dikke hit is geworden en Ayoub toenadering zoekt, niet op haar verzoek ingaan en haar de rug toekeren.

De vijftiende juni 1957 wordt Diana op single uitgebracht, de negende september staat Diana op één in Billboard’s Hot One Hundred. Paul is de maand voordien net zestien geworden.  Er volgen snel optredens in de populairste shows: “The Ed Sullivan Show”, “American Bandstand”, “The Milton Berle Show”. Meteen wordt ook een tournee op het getouw gezet die in de maand september in het “Paramount Theatre” in New York begint en eindigt in de maand november in “The Mosque” in Richmond, Virginia. Op de affiche staan naast Paul Anka: The Drifters, The Eberly Brothers, Clyde McPhatter, Frankie Lymon and The Teenagers, LaVern Baker, Buddy Holly and The Crickets en Chuck Berry. Papa Anka wil niet dat zijn zoon zomaar meereist en voelt zich pas gerustgesteld wanneer hij met Irv Feld onderhandelt dat die niet alleen Pauls manager, maar ook begeleider wordt.

Opvallend is dat Diana in Engeland de negende augustus, een maand eerder dus, op één staat dan in Amerika. Bij ons in Vlaanderen zit er voor Paul in de loop van de maand oktober een tweede plaats in. Eveneens een tweede plaats in de Nederlandse Top Veertig een maand later. In 1963 zal Anka een vervolg schrijven op zijn liefdesverhaal  en dat wordt Remember Diana, maar blijft zonder succes. Voor zijn album “Amigos” neemt Ricky Martin  in duet met Paul Anka een versie op.  In 2006 doet Anka dat nog eens over samen met Adriano Celentano die het liedje van een nieuwe tekst voorziet.

Na het succes met Diana wordt Paul  in Ottawa als een ware held ontvangen. In het begin van zijn carrière houden zijn ouders zich met de boekingen en de financiële kant van de zaak bezig, maar dat wordt zo tijdrovend dat iets later Irvin Feld, Pauls manager wordt. Omdat de familie Anka hun zoon in het oog wil houden, verkopen ze hun restaurant in Ottawa en verhuizen naar New Jersey. Paul besluit de school te laten voor wat ze is en zich alleen nog maar met zijn carrière bezig te houden. De opvolger van Diana wordt I Love You Baby dat hij de vierde september 1957 samen met het orkest van Don Costa inblikt. Tijdens die maand trekt hij op tournee in “The Biggest Show of Stars” samen met Buddy Holly, The Everly Brothers, The Drifters, The Crickets en Chuck Berry. De single I Love You Baby wordt eerder koel onthaald, maar met  You Are My Destiny hijst Anka zich stevig in het hitzadel en bepaalt daarmee de stijl waarin hij wil verdergaan.  Hij geraakt tot op de zevende plaats van de top 100 met  Tequila en  Get A Job in de charts als stevige concurrenten. You Are My Destiny had hij de zevenentwintigste september van 1957 al samen met Don Costa in New York opgenomen. De vierde november wordt I’d Have To Share, eveneens een song van Paul, opgenomen.  Wat hem van zijn collega’s op dat moment onderscheidt, is dat hij zo goed als al zijn liedjes zelf schrijft. Daarbij imiteert hij niemand. Hij heeft een unieke stijl ontwikkeld zowel van componeren als van zingen. Paul wil zijn nummers nog wat meer kracht geven en weet zijn producer over te halen extra violen en blazers te gebruiken. Hippe teksten als be bop a lula en doobedoowop laat hij achterwege. Die zijn te zeer tijdgebonden en dat verklaart misschien ook waarom zijn nummers langer meedraaien. Daarom ook dat hij artiesten als Frankie Avalon, Fabian en Bobby Rydell overleefd heeft. Bij hem komt alles rechter uit het hart en hij heeft iets minder glitter en glamour nodig. De vijfde februari 1958 neemt Paul samen met Don Costa Let the Bells Keep On Ringing op en iets later de nummers It’s Time To Cry en Crazy Love. Tijdens de maand augustus van dat jaar blikken zij in de Bell Sound Studio in New York de nummers Lonely Boy, Something Happened, Your Love en Put Your Head On My Shoulder in. De eerste juni van 1959 wordt Lonely Boy op vijfenveertig toeren uitgebracht en levert iets later Anka’s tweede nummer één op. Met dit liedje is hij te horen en te zien in de film “Girls Town” van regisseur Charles Fr. Haas samen met Mamie Van Doren, Ray Anthony en Mel Tormé. Ondanks die nummer één wordt het een droevig jaar voor Paul, want zijn moeder overlijdt op 39-jarige leeftijd.

Hij krijgt de top van Billboard’s Hot One Hundred opnieuw in zicht na de release van Put Your Head On My Shoulder, een nummer twee in de maand september van 1959 met in de slipstream daarvan nog meevallers als  It’s time to cry (plaats vier) en Puppy Love (een liedje over zijn mislukte liefdesrelatie met zangeres Annette Funicello geraakt tot op de tweede plaats) dat in de jaren zeventig een gouden hit wordt in de versie van Donny Osmond.  In 1960 worden er zes singles van hem gereleaset. Alleen het nummer My Home Town bereikt daarvan de top tien (een zesde plaats). Dan wordt het een jaar wachten vooraleer Anka nog eens in die top tien halt houdt en wel met het vlotte  Dance On Little Girl dat hij al de eerste februari van 1961 in Los Angeles samen met het orkest van Sid Feller had opgenomen,  inclusief het nummer Tonight, My Love, Tonight. Voor dit laatste had hij zich laten inspireren door de aria Caro Nome uit de opera “Rigoletto” van Giuseppe Verdi. Hij brengt zijn grootste hits tot dan toe uit op de elpee “Paul Anka Sings His Big 15″, een album dat hem meervoudig goud oplevert en wereldwijd een bestseller wordt. Als opvolger van die elpee brengt hij in de zomer van 1960 het album “Paul Anka Swings For Young Lovers” uit. Als jongste entertainer in de States neemt hij live in de befaamde “Copacabana Club” in New York het album “Anka at The Copa” op. De release van deze plaat gaat gepaard met een grootse publiciteitscampagne.  Om zijn oudere fans wat te plezieren neemt hij een uptempo versie op van de Rodgers en Hammersteinklassieker Hello Young Lovers.

De 13de november 1961 laat ABC-Paramount weten dat zij een punt achter hun samenwerking zetten en stapt Anka over naar RCA die hem een meer lucratieve en wereldwijde deal aanbieden.  In het contract staat wel dat hij al zijn ABC-hits voor hen opnieuw moet opnemen, wat hij ook doet, maar het is een beslissing waar hij later heel veel spijt van heeft. Vreemd is dat die overstap hem ook niet de hits oplevert die hij verwacht had. Nog driemaal zal hij de top twintig bereiken. Love Me Warm And Tender dat hij de twintigste november van 1961 in de RCA Studio A in New York City samen met het orkest van Ray Ellis opneemt, geraakt in de maand maart van 1965 tot op de twaalfde plaats van de top honderd. A Steel Guitar And a Glass of Wine wordt de derde april 1962 in New York City opgenomen. De single bereikt in de zomer van 1962 de dertiende plaats in Billboard’s Hot One Hundred. En dan is er nog het nummer Eso Beso geschreven door Noel en Joe Sherman als een soort parodie op de bossanova die op dat moment als nieuwe muziekstijl vanuit Brazilië opgang maakt. Die single wordt de derde november 1963 uitgebracht en is goed voor een negentiende plaats. Enkele maanden voordien, in de maand februari, was hij getrouwd met het Franse model Anne de Zogheb. Zij is de dochter van een Libanese diplomaat. Zij zullen samen vijf kinderen krijgen. Wanneer hij de single Did You Have a Happy Birthday uitbrengt, laten The Beatles die ook stilaan de States aan het inpalmen zijn tijdens een televisie-uitzending weten dat zij het nummer maar niks vinden en zij krijgen nog gelijk ook, want de single geraakt in Billboard’s Hot One Hundred niet hoger dan een negenentachtigste plaats. Anka maakt op het einde van dat jaar een optelsom die hem vertelt dat hij in zes jaar tijd met vierendertig singles, acht keer in de top tien heeft gestaan waarvan twee keer op één en wel met Diana en Lonely Boy. Wat hij dan nog niet weet is dat hij zich in alle stilte mag klaarmaken voor een heuse comeback.

Intussen gaat het Paul Anka internationaal wél goed voor de wind met vooral in Duitsland veel bijval en ook in Italië waar hij met een single als  Ogni Volta (een verkoop van drie miljoen exemplaren) op enorm veel respons kan rekenen. Eén klein detail misschien: van 1964 tot 1966 heeft Paul Anka ook in Italië gewoond omdat hij een enorme affectie had met dit land. Hij wordt stilaan ook songleverancier voor zogeheten concurrent-collega’s als Tom Jones die hij de hit She’s a lady bezorgt, en Frank Sinatra krijgt van hem My Way cadeau. Bij dezen maak ik graag wat plaats vrij om het juiste verhaal uit de doeken te doen.

In 1967 richtte Claude François, die ook een zeer goede neus voor zaken had, zijn eigen platenmaatschappij “Flèche Productions” op. Op dit label verschenen niet alleen zijn eigen platen, maar ook die van Patrick Topaloff en Alain Chamfort. Als eerste single op dit label verschijnt het nummer Comme d’habitude. Wanneer Claude François in 1978 sterft, houdt het label op te bestaan, maar zal zijn zoon Claude François Jr. een nieuwe firma oprichten “Société Flèche Productions” en zich over de muzikale erfenis van zijn vader ontfermen. Het eigenlijke verhaal van Comme d’habitude begint in het piepkleine dorpje Megève, gelegen in het Franse departement Haute-Savoie in de regio Rhône-Alpes,  waar Jacques Revaux woont. Hij schrijft in de maand februari 1967 een slow die hij de Engelse titel For me meegeeft. Jacques stelt het liedje aan een aantal zangers voor waaronder Claude François, maar niemand reageert enthousiast. Maar intussen merkt Cloclo dat een aantal liedjes die Jacques geschreven heeft, het erg goed doen in de Franse hitlijsten. De 27ste augustus van dat jaar nodigt hij hem uit op zijn buitenverblijf Moulin de Dannemois. Aan de rand van zijn zwembad beluistert hij samen met Jacques het liedje For me en dringt er bij Jacques op aan de melodielijn wat aan te passen. Hij wil er ook een andere tekst bij, eentje die nauw aansluit bij zijn eigen leven en vooral bij zijn net afgesprongen liefdesrelatie met de Franse zangeres France Gall. Collo staat erop dat in de tekst het zinnetje:  “j’me lêve et je te bouscule” voorkomt. Met die idee stapt hij naar tekstdichter Gilles Thibaut. Die maakt er Comme d’habitude van.

In de maand december van 1967 klimt Claude François met Comme d’habitude in de Franse hitlijsten naar de negende plaats om een maand later op 1 te belanden. Maar een grote hit zit er niet in, dat voelt hij zelf wel aan. Een maand later zakt hij al naar de twintigste plaats en verdwijnt even snel als hij gekomen is. Op dat moment scoren in Frankrijk The Beatles sterk met Lady Madonna en Jacques Dutronc met Il est cinq heures Paris s’éveille.

Tijdens de zomermaanden van 1967 huurt Paul Anka in Mougins, een dorpje in de buurt van Cannes, een vakantieverblijf. Zittend aan het zwembad met zijn toenmalige vrouw Anne en hun kinderen hoort hij over de radio Comme d’habitude. Anka is niet alleen zanger, componist, maar ook eigenaar van muziekuitgeverij Spanka Music. Hij is er altijd op uit goede melodieën op de kop te tikken waar hij nadien wel iets mee zal aanvangen. De zeventiende december van dat jaar heeft hij in het “Plaza Hotel” in Parijs een afspraak geregeld met de bekende Franse uitgever Eddie Barclay. Hij vraagt hem of hij de rechten kan kopen van Comme d’habitude. Barclay geeft toe dat het nummer in Frankrijk niet echt goed gescoord heeft en maakt geen enkel bezwaar, integendeel. Terug thuis in New York heeft Anka er niet meteen plannen mee en stopt het nummer in zijn schuif. Iets later treedt hij op in het “Fontainebleau Hotel” gelegen in de buurt van Miami Beach in Florida. Frank Sinatra is op dat moment bezig met de opnamen van een film. Hij nodigt Anka uit samen met hem te gaan dineren. Hij vertelt tijdens dat etentje dat hij de showbizz zat is en zich wil terugtrekken. Het succes met The Rat Pack (Dean Martin en Sammy Davis Jr.) is tanende en de FBI zit hem nog steeds op de hielen voor zijn vermeende relatie met de maffia. Bij hun afscheid vraagt Sinatra of Anka voor hem geen liedje wil schrijven. Hij wil als afscheid namelijk nog een laatste elpee opnemen. Na hun ontmoeting vliegt Anka terug naar zijn appartement in New York en zet zich daar aan het schrijven. Hij haalt uit zijn schuif Comme d’habitude en met die melodie in zijn hoofd begint hij om één uur ‘s nachts te schrijven. Hij zet zich achter zijn IBM elektrische typemachine en tikt als eerste zin  “and now the end is near and so I face the final curtain“. Vier uur later staat My Way op papier (de titel was er meteen).

Waar haast nooit iemand het over heeft, is dat David Bowie in de jaren zestig een tekst heeft geschreven op de melodie van Comme d’habitude  Even a food learns to love. Bowie schreef “There was a time, the laughing time, I took my heart to every party. They’d point my way  ”"How are you today? Will you make us laugh? Chase our blues away?”… Bowie werkte in die tijd voor een muziekuitgever in Denmark Street in Londen en schreef deze tekst met in zijn achterhoofd de in die tijd bekende zanger-acteur Anthony Newley. Er bestaat een demoversie waarop je Bowie zijn tekst hoort zingen over de Franse tekst van Claude François heen, hij zingt dus gewoon met het plaatje mee. David heeft het nummer nooit definitief opgenomen. Zijn eerstvolgende single Space Oddity in 1969 betekent trouwens Bowies grote doorbraak.

Augustus 1968. Anka weet dat Sinatra aan een reeks optredens bezig is in “Caesar’s Palace” in Las Vegas. Hij heeft een ontmoeting met The Voice geregeld en laat hem My Way horen. In zijn bekende koele stijl zegt Sinatra dat hij akkoord gaat en het nummer zal inblikken. De zevende december 1968 belt Paul Anka, Claude François met de melding dat Sinatra het door hem geschreven Comme d’habitude zal opnemen. Uiteraard is Cloclo in de wolken. De dertigste december 1968 trekt Sinatra naar de “Oceanway Recording Studio” in Hollywood, Los Angeles en neemt daar in één take My Way op. De arrangementen worden geleverd door Don Costa en producer van dienst is Sonny Burke. Terug thuis belt hij meteen Paul Anka op en laat hem via de telefoon de opname horen. Anka is zo onder de indruk van het resultaat dat hij in tranen uitbarst. De achtentwintigste maart 1969 verschijnt My Way in Amerika op single. Vreemd genoeg wordt het nummer geen hoogvlieger, terwijl het een van de bekendste en meest geliefde songs van Sinatra zal worden en blijven. Er zit voor My Way in Billboard’s Hot One Hundred niet meer in dan een zevenentwintigste plaats.

“My Way” is ook de titel van het album dat Sinatra in 1969 uitbrengt. Daarop zingt hij een aantal popklassiekers zoals Yesterday van The Beatles, Mrs. Robinson van Simon & Garfunkel en nog een bekend Frans chanson, Ne me quitte pas van Jacques Brel dat Rod McKuen had vertaald als If You Go Away. In de maand december van 1970 zal Paul Anka voor de eerste keer in Parijs Claude François ontmoeten. Een hartelijke samenkomst met veel woorden van dank aan het adres van Anka die ervoor gezorgd heeft dat de bankrekening van Cloclo aardig is aangedikt. Sinatra zelf zal François nooit persoonlijk ontmoeten.

Ook Jacques Revaux heeft aan de auteursrechten van My way veel verdiend. Jacques was eind jaren vijftig begonnen als zanger en was regelmatig te zien in films van Jacques Demy. Hij richt samen met Régis Talar in 1969 platenlabel Tréma op. Zij zullen tal van liedjes schrijven en op hun label uitbrengen van onder anderen Hervé Vilard, Charles Aznavour, Johnny Hallyday, Dalida en Michel Sardou.  Jacques Revaux is ook de man die de muziek leverde voor die andere Franse megahit Les lacs du Connemara dat hij samen met Michel Sardou schreef.

In 1973 neemt Frank Sinatra nog een Frans nummer op waarvoor Paul Anka de tekst levert. Oorspronkelijk heet Let Me Try Again,  Laisse moi le temps geschreven door Michel Jourdan op een melodie van Claude Vasori. Claude Vasori is de echte naam van de Franse orkestleider en arrangeur Caravelli. Paul Anka schrijft er een Engelse tekst op samen met Sammy Cahn.

Op het einde van de jaren zestig bolt Paul Anka in de hitlijsten uit. Hij start 1969 met een geslaagde cover van de Jesse Belvinhit Goodnight My Love en houdt het bij coveren op In The Still Of The Night en Sincerely. Inmiddels heeft hij ook door dat hij het muzikaal over een andere boeg moet gooien. De tijden zijn veranderd, hij is allang geen tieneridool meer. Hij gaat zich meer en meer profileren als singer-songwriter wat we voor een eerste keer horen wanneer hij in 1971 het nummer Do I Love uitbrengt. Niet meteen een hoogvlieger, maar toch goed voor een drieënvijftigste plaats in de top honderd. Tot eenieders verbazing, en het meest die van hemzelf, staat hij met Having My Baby de 24ste augustus 1974 op de eerste plaats van de hitlijsten. Hij heeft daarmee Paper Lace van de top verdrongen die daar een weekje hadden postgevat met The Night Chicago Died. Anka had intussen zijn deal met platenfirma RCA niet vernieuwd en was nadien een beetje op de dool geraakt. Buddah Records was niet je dat, daar had hij niet echt gescoord. Hij heeft nu een kersverse deal bij United Artists te pakken en die willen er hun schouders wel onder zetten. Toen Anka hun in demovorm (You’re) Having My Baby liet horen, hielden die toch even hun adem in. Zij hadden schrik dat dit wat vrouwonvriendelijk klonk en in het verkeerde keelgat zou schieten. Maar de Amerikaanse Vrouwenorganisatie vindt dit nummer nou net een pluspunt. In hun oren klinkt het als het lied van een trotse vader die hoopvol uitkijkt naar de geboorte van zijn kind. Het krijgt een nog mooiere invalshoek wanneer blijkt dat Anka het als een ode aan zijn vrouw heeft opgedragen met wie hij op dat moment vier kinderen heeft. Tijdens een optreden in Lake Tahoe, Californië had hij het plan opgevat daar een liedje over te schrijven. Hij had net kennisgemaakt met een zangeres uit die buurt, Odia Coates. Anka regelt een auditie met haar in zijn thuishaven Las Vegas. Hij besluit voor Odia een aantal liedjes te schrijven. Zij is in de studio aanwezig wanneer hij  Having My Baby opneemt, oorspronkelijk bedoeld als solonummer. Op aanwijzen van een medewerker van United Artists besluit Anka het nummer te bewerken en er een duet van te maken. Het succes van (You’re) Having My Baby en die samenwerking met Odia Coates valt zo goed mee dat hij samen met haar ook de volgende single One Man Woman/ One Woman Man opneemt dat in het najaar van 1974 op de zevende plaats in de Amerikaanse Top Honderd staat.

Om zo veel mogelijk geld op zijn eigen bankrekening te krijgen, had Paul jaren eerder zijn eigen muziekuitgeverij “Spanka Songs” opgericht. Op die manier kreeg hij tegen het midden van de jaren zestig de controle over méér dan vierhonderd songs. Hij had al die tijd ook oog en oor voor nieuw talent. Zo hielp hij de heren John Prine, Corey Hart  en Steve Goodman een handje én dus Odia Coates die vanop de eerste rij getuige mocht zijn van zijn immense comeback. Die was er ook gekomen dankzij de interesse in het schrijverstalent van Paul Anka. Vooral zijn platenfirma United Artists gelooft daar sterk in en spoort hem aan nog meer eigen nummers op plaat te zetten. Op dat label scoort hij nog twee toptienhits: I Don’t Like To Sleep Alone en Times Of Your Life. In 1976 neemt hij een van mijn lievelingsnummers op Anytime, maar hij voelt toch aan dat hij stilaan weer zijn greep op de hitlijsten verliest. Er zit niet meer dan een drieëndertigste plaats in de top honderd in.

Na een aantal jaren voor United Artists te hebben gewerkt en nog maar eens een ommetje te hebben gemaakt via het RCA-label voor wie hij de singles This Is Love en I’ve Been Waiting For You All Of My Life opneemt, keert Paul Anka in 1983 terug naar CBS en ziet dat meteen beloond  met de hitsige  Hold Me Till The Morning Comes waarvoor hij de vocale steun krijgt van niemand minder dan Peter Cetera van de succesvolle groep Chicago die de backing vocals voor zijn rekening neemt.  Niet dat het zo’n gigantische hit wordt, want het nummer houdt halt in de staart van de top veertig, maar hij krijgt goede kritieken en koppelt er een geslaagde elpee aan vast. Tussendoor ook vermelden dat Paul Anka muziek voor een aantal films heeft geschreven waaronder “The Longest Day” waarin hem een kleine rol wordt toebedeeld, voor de Louis Mallefilm “Atlantic City” en “The Gospel Singer”. In 1962 vragen de producers van  “The Tonight Show” met als sterpresentator Johnny Carson, de kentune van dat programma te schrijven. Dit zal Paul geen windeieren leggen, want de show was een heel lang leven beschoren.

Anka is tevens een gehaaid zakenman die nog altijd miljoenencontracten weet te versieren met duurbetaalde optredens in “Bally’s Grand Resorts” in Atlantic City en “Foxwoods Casino” in Connecticut. Als vader van vijf dochters (Amelia, Anthea, Alicia, Amanda en Alexandra) weet hij zich goed omringd en dat inspireert hem om almaar voort te doen. Een optelsom leert ons dat hij ongeveer vijftig miljoen platen verkocht moet hebben en dat hij méér dan negenhonderd liedjes heeft opgenomen waarvan hij het merendeel zelf schreef. Hij werd  dan ook niet voor niets opgenomen in “The Songwriters Hall of Fame”. In 1998 bewijst hij zijn schrijverstalent nog maar eens op het album “A Body of Work” waarop hij het duet Do I Love You samen met zijn dochter Anthea zingt en de overige vocale steun krijgt van onder meer Patti LaBelle, Barry Gibb en Celine Dion. Via een technisch trucje hoor je Paul in duet met Frank Sinatra in My Way. Voor de productie krijgt hij de steun van zijn vriend-producer David Foster.

In 2000 scheidt Paul Anka van zijn  vrouw Anne de Zogheb. Acht jaar later trouwt hij met Anna Aberg. Samen krijgen zij een zoon, Ethan, maar na twee jaar loopt dat huwelijk al op de klippen. In 2006 neemt hij samen met de Italiaanse ster Adriano Celentano een remake op van Diana. Anka is vooral trots op zijn meer recente albums zoals “Classic Songs-My Way” dat hij in 2007 uitbrengt om op die manier zijn vijftigjarig jubileum als artiest te vieren. Hij zingt dertien van zijn bekendste hits samen met grote rocksterren zoals Bryan Adams, Cyndi Lauper, Foreigner, Duran Duran, Billy Joel en Bob Seger. Drie jaar eerder had hij de cd “Rock Swings” uitgebracht met daarop rocknummers in aangepaste versies zoals Smells Like Teen Spirit van Nirvana, True van Spandau Ballet en It’s A Sin van The Pet Shop Boys. Paul Anka is ook de man die Michael Bublé zo goed als ontdekte en hem de nodige duw in de rug gaf door onder meer diens debuutalbum te producen. Intussen is ook bekend dat Paul Anka  This Is It voor Michael Jackson schreef. Met het oog op de kerstdagen brengt hij in 2011 het album “Songs of December” uit met daarop de bekendste kerstsongs in een jazzy bewerking.

Tijdens de zevende auditie van “Rimpelrock” staat Paul Anka de tiende augustus 2008 op het podium in Kiewit-Hasselt samen met The Three Degrees, Frans Bauer, Laura Lynn, Rocco Granata en Middle of The Road.

Wij zullen ons Paul Anka niet alleen als zanger herinneren, maar vooral als hitleverancier en zo voelt hij zich ook. Dat had hij snel door, zelfs toen hij op 15-jarige leeftijd nog maar net begonnen was: ” After I’d had a few hits I knew I was a writer, and with writers, the power is always in the pen. When I started writing for Buddy Holly and Connie Francis, I felt that it made me different for people. They would say ‘ Hey! You can write. As a writer you can fall back on something!” . In 2013 brengt platenfirma Bear Family nog een verzamelalbum op de markt onder de titel “Dianacally Yours” met daarop geremasterde versies van zesendertig Anka hits, beginnend in 1957 met Diana en eindigend in 1962 met A Steel Guitar and A Glass of Wine, een hebbeding voor wie graag kennismaakt met een van de grootste tieneridolen uit de tijd van de Amerikaanse highschoolrock, maar dan eentje die de verdienste heeft het leeuwenaandeel van zijn hits zelf te hebben geschreven.

tekst en research: Marc Brillouet

© 2015  Daisy Lane & Marc Brillouet