Sister Sledge

Geplaatst in Artiesten

Ik heb me altijd laten vertellen dat zussen onder elkaar graag kibbelen. Voortgaand op die van mij klopt dat niet. Wel als je het verhaal van The Andrews Sisters kent. Die konden elkaar op een bepaald moment niet meer luchten. Ik heb nooit  iets in die zin over de gezusters Sledge opgevangen. Rust in hun familiale rangen blijkbaar.

Vier zussen en die willen alle vier zingen, in een en dezelfde groep, een familiale aangelegenheid dus, want dat was Sister Sledge. Geboren en getogen in Philadelphia, bakermat van tal van populaire meidengroepen zoals: The Blue Belles, The Sapphires, The Orlons, The Three Degrees enz… Kathy, Joni, Kim en Debbie werden vooral door hun grootmoeder opgevoed die zelf graag opera-aria’s zong. Kan je zo’n beetje nagaan welke muziek de zusjes in hun kinderjaren te horen kregen. Geen wonder dat oma fier was en erop aandrong dat ze zouden zingen in “The Second Macedonia Church” of Philadelphia Chorus. Ze vormden vrij snel een groepje met hun vieren. Eerst heetten ze The Brand New Generation, dan Sledge en uiteindelijk Sister Sledge. Hun ouders hielden er niet van dat ze op straat rondliepen, dus zat er niet veel anders op dan thuisblijven en zingen maar! De meisjes deden niets liever dan luisteren naar platen van Aretha Franklin en Gladys Knight and the Pips. Ze hadden ook een niet zingende zus, Carol, die bevriend was met een van de zangers van The Stylistics en die zou ervoor zorgen dat ze een demoplaatje konden inzingen. Zo kwamen ze in contact met enkele verantwoordelijken van het Atlantic-label waar ze gevraagd werden om de backingvocals van enkele bekende artiesten te zingen, onder meer op het nummer Sunshine van Percy Sledge.

Eindelijk mogen ze na een tijdje een eigen album opnemen “Circle of love” geproduceerd door Bert De Coteaux en Tony Silvester. De 28ste december 1974 wordt als een soort eindejaarsgeschenk hun eerste single op de markt gebracht Love don’t you go through no changes on me. Het is een van de eerste platen die met een stevige beat en strijkers aangeven in welke richting disco de jaren nadien zou evolueren. Hun eerste bescheiden pophit scoren ze met Love. De dames, variërend qua leeftijd tussen de 15 en de 20, nemen nog een aantal singles op die niet veel opleveren om dan maar terug te keren naar het clubcircuit waar ze wat geld verdienen dankzij een rist liveoptredens. Pas wanneer hun platenfirma besluit hen te koppelen aan het producerstalent van de heren Nile Rodgers en Bernard Edwards blijken hun inspanningen te renderen. Door de bank wordt er  op dat moment wat dansplaten betreft, gefocust op de discotheken, het typische clubcircuit, maar Rodgers en Edwards mikken met de meiden méér op de hitlijsten, op de popcharts. Ze weten precies wat dat platenkopend publiek wil horen. He’s the greatest dancer is al het eerste bewijs dat ze doorhebben hoe Sister Sledge hoort te klinken.

Met We are family wordt ei zo na de top bereikt. Edwards en Rodgers hadden dat nummer gebaseerd op Do what you wanna do van de groep The Children of God. Ze moeten echter Donna Summer, the queen of disco, in de zomer van 1979 met Hot Stuff laten voorgaan. Vreemd genoeg wordt We are family in Nederland geen hit, een 39ste plaats bewijst het tegendeel. Hier had een nummer als All American girls méér succes. We are family slaat ook niet aan in Engeland, een 33ste plaats zit erin, niet meer. Wel zou de daaropvolgende single Frankie het erg goed doen, de 1ste juni 1985 staan ze er in Groot-Brittannië mee op één. Wat Sister Sledge en België betreft, de grote liefde werd het hier niet echt.

We are family geraakte tot op 20, Lost in music tot op 14 en All American girls tot op 6. Alleen de single Frankie, en nu loop ik wat vooruit, zou het in 1985 iets beter doen en klopte af op een vierde plaats.We are family werd dan wel een dikke hit in de States, Sister Sledge was er niet zo mee in de wolken. In het boek “She Bop” van Lucy O’Brien zegt Debbie daarover: “After the success of We are family we felt we had proved ourselves and now it was our turn to get some support. But we didn’t get it. And the reason was that we were black and we were women.”

Ik moet wel over mijn schouders terugblikken, want ik wil nog vertellen dat de dames in 1981 hun samenwerking met Rodgers en Edwards beëindigden en gingen samenwerken met Narada Michael Walden met wie ze datzelfde jaar nog hun album “All-American Girls” opnemen. Naast de titelsong scoren ze ook een hit met het nummer Next time you’ll know uit die cd. Ze maken een cover in 1982 van de Mary Wells-hit My Guy en hadden intussen al besloten de productie van hun platen in eigen handen te nemen. Zo produceren ze zelf hun albums “Sisters”, “Betcha you say that to all the boys” en “When the boys meet the girls” waarvoor ze opnieuw de hulp van Nile Rodgers inroepen met daaruit de  single Frankie die in Amerika niet zoveel stof doet opwaaien, maar gensters slaat in Europa.

Dancing on the jagged edge wordt in 1985 zowat de laatste hitsingle voor de dames Sledge. Nadien is het uit met de hitparadepret. Vier jaar later beslist Kathy wat tijd te gaan besteden aan haar solocarrière en presenteert met de nodige trots haar album “Heart”. Als Sister Sledge blijven ze optreden en nemen zelfs in 1998 het album “African Eyes” op alsook de live-cd “Live in Concert”.

De 10de maart 2017 overlijdt Joni Sledge op 60-jarige leeftijd in haar woning in Phoenix.

 

tekst en research: Marc Brillouet

© 2012 Daisy Lane & Marc Brillouet