The Shirelles

Geplaatst in Artiesten

The Shirelles hoor je te plaatsen tegen de achtergrond van het Amerika van de golden sixties, een tijdperk dat verdeeld was in vaste waarden en nieuwe idealen, een tijdperk waarin de conventioneel bewandelde paden gekruist werden door nog haast onbegaanbaar revolutionair nieuwe wegen. Ook de grenzen van het seksueel toelaatbare schoven een eindje op. I might want you so much was een jarenlang gesloten deur intrappen met alle risico’s van dien! Zo’n tekst was voor The Shirelles in die tijd koorddansen zonder vangnet, maar ze hadden het opstandige karakter van de sixties mee en vier jaar later zes Amerikaanse Top 20-hits.

The Shirelles verrichtten als geen andere meidengroep baanbrekend werk. Hun teksten gingen net iets verder dan de rest, zij zongen over die thema’s die het jonge Amerika in de ban hielden.

The Shirelles begonnen ergens in een koele kelder in Passaic, New Jersey: Shirley Owens, Beverly Lee, Doris Kenner en Addie Harris.

Hier oefenden ze dagen na mekaar in samenzang. Hun eerste vinylen pogingen ondernamen ze in 1958. Ze hadden met hun vieren een nummer geschreven over een geflopte liefdesrelatie. Tijdens een schoolfeestje waar ze I met him on a Sunday zongen, werden ze opgemerkt door Florence Greenberg die de meisjes een kans gaf op haar Tiara-label. Toen heetten ze nog The Pequellos en via een paar gesuggereerde omwegen zoals The Honeytones, werd het uiteindelijk The Shirelles.

Zoals het zo vaak ging in die tijd, werd de single opgemerkt door een grote platenmaatschappij, in dit geval Decca, die het plaatje nationaal uitbracht en in de lente van 1959 mochten The Shirelles even kennismaken met de 49ste plaats in Billboards top 100. Na nog 2 Decca-pogingen Slowtime en Stop me, haalde Florence Greenberg The Shirelles terug in huis, deze keer bij haar net gestarte Scepter Records. Hun eersteling hier werd een cover van The Five Royals’ Dedicated to the one I love, in 1959 een schuchtere hitpoging, maar dan een in de goede richting.

Twee doowoppogingen Doin’ the ronde en Please be my boy-friend misten de opslag, maar de derde poging was raak. Greenberg was steun gaan zoeken bij Luther Dixon, die al eerder zijn hitsporen had verdiend bij Perry Como, Pat Boone en Nat King Cole. Samen met Shirley Owens schreef Dixon Tonight’s the night. Shirley nam de leadzang voor haar rekening en een dozijn violen in de Leiber en Stoller-stijl deden de rest. Eind september 1960 konden de dames hun eerste Top 40-hit op hun actief schrijven. Goud lag binnen hun bereik toen Gerry Goffin en Carole King met het voorstel aankwamen Will you love me tomorrow uit te brengen. Geen slechte gok, want eind 1960 stond deze singel op één in Amerika en het was in één klap de eerste nummer één-hit voor Goffin en King. Carole King had qua arrangementen wat meegesnoept van The Drifters’ Save the last dance for me. Niet voor niets werden The Shirelles soms plagend The Drifters’ Sisters genoemd. Deze hitsingle was nog niet eens afgekoeld of het al eerder uitgebrachte Dedicated to the one I love werd opnieuw geperst, nu ineens goed voor een Top 3-positie.

The Shirelles hadden heel veel steun aan de New Yorkse D.J. Murray The K van WINS die niet alleen vaak hun platen draaide, maar hen ook regelmatig liet optreden in zijn shows. The Shirelles konden op dat moment geen enkele foute zet plaatsen. Iedereen was in hun prestaties geïnteresseerd en ze werden dan ook met belangstelling gevolgd door Phil Spector, Curtis Mayfield en Berry Gordy. The Shirelles waren een goudmijn en dat werkte aanstekelijk op de overige platenproducers. Hun voortdurend tekstueel geflirt met grijpklare jongens werd hun handelsmerk, keurig verpakt in een vlotte soulstijl, die al even luid de kassa deed rinkelen. Mama said werd een top 5-hit in 1961 en ook de singles A thing of the past en Big John deden het aardig. In 1961 dook er een nieuw schrijversduo op in de carrière van The Shirelles, Burt Bacharach en Hal David. Baby it’s you was het resultaat van hun samenwerking. Niet alleen de eindsprint sprak boekdelen, een achtste plaats eind 1961, maar ook de tekst “it’s not the way you smile that touched my heart, it’s not the way you kiss that tears me apart”. Wat het dan wel was, mag je tussen die typische jaren-zestigregels zelf invullen. Ook al hadden ze er tijdens de opnamesessie niet veel geld en tijd ingestoken, toch werd de opvolger Soldier boy een echte Shirelles-klassieker en zonder veel haperen een tweede nummer één (april 1962). Wat er ook mocht gebeuren I’ll be true to you raakte elk Amerikaans tienerhart op de zeer gevoelige plaats.

Begin jaren zestig waren langspelers niet méér dan enkele opvullers, gekoppeld aaneen of twee hits. Toch zijn The Shirelles’ elpees uit die tijd meer dan het beluisteren waard. ”The Shirelles and King Curtis give a twist party” is een goeie en ook “Baby it’s you” met o.a. de minder bekende Goffin en King-song Make the night a little longer. Een beetje in het muzikale verlengde van Ben E. Kings Stand by me en Don’t play that song geraakte Stop the Music in de Top 100 verzeild, maar te veel andere singels hielden de hitwind uit de zeilen en het was wachten op Foolish little girl vóór er nog eens een echte hit op de draaitafels terechtkwam. Luther Dixon had intussen afgehaakt, maar tot hun eigen verbazing geraakten The Shirelles ook zonder hem in die felbegeerde Amerikaanse Top 5. Toch was dit te vroeg victorie gekraaid, want What does a girl do, It’s a mad, mad, mad World en Thirty one flavors strompelden letterlijk de Top 100 binnen om totaal buiten adem achter in het hitpeloton stil te vallen. Niet dat The Shirelles aan belangstelling hadden ingeboet, maar de concurrentie kwam opzetten in de gedaante van The Chiffons, The Angels en The Ronettes. Kenners beweren dat nummers met een echte hitpotentie aan hun neus voorbijgingen. Waarom hadden ze geen beslag kunnen leggen op hitkanjers als: One fine day, Chapel of love en It’s in his kiss?

Ook de Britse invasie liet littekens na, al coverden The Beatles Boys en Baby it’s you, waarmee ze toegaven dat The Shirelles hun absolute voorkeur wegdroegen. Voeg daar ook nog aan toe dat Florence Greenberg haar handen vol had met haar nieuwe goudader Dionne Warwick, dan begrijp je dat The Shirelles hun stevige greep op de Amerikaanse tienermarkt dreigden te verliezen. Na enkele losse hitflodders als Maybe tonight en Are you still my baby was een uitzicht op een behoorlijke hitnotering helemaal zoek geraakt. In een haast zielige vocale poging werd een herwerkte versie van I met him on a Sunday uitgebracht. Krampachtig werd dan maar met de stroom meegezwommen met singles als Que sera sera, What is love en in 1968 met Hippie walk. Hun jarenlange samenwerking met Scepter hield op te bestaan en na een paar pogingen bij Blue Rock Records Don’t mess with Cupid en Call me gingen The Shirelles uit elkaar.

Shirley Owens richtte haar eigen groep ‘Shirley and The Shirelles’ op en produceerde voor Bell Records nog singles als Look what you’ve done to my heart, een compositie van Ellie Greenwich. Van dan af wordt het wat in het duister tasten. Even snel als ze verdwenen waren, duiken The Shirelles plots weer herenigd op bij United Artists, voor wie ze een medley uitbrengen van There goes my baby/Be my baby en een remake van o.a. Dedicated to the one I love. Iets later zwenken ze naar links richting RCA met o.a.  Carole Kings Brother, brotherTegen 1972 hebben The Shirelles hun tweede hitadem gevonden in het behoorlijk renderende oldiescircuit. Ze zijn in ’73 te zien in de film “Let the good times roll” en Shirley Owens neemt twee solo-elpees op voor Strawberry Records (o.a. Lady Rose met het orkest van Billy Vera).”

In 1982 overlijdt Addie Harris en een jaar later vieren Doris Kenner, Beverly Lee en nieuwelinge Louise Bethune hun 25-jarig jubileum met een optreden in The Ritz in New York. Nog een laatste keer komen Shirley Owens en The Shirelles samen voor een eenmalige opname op Dionne Warwicks elpee “How many times can we say goodbye”. In 1996 krijgen The Sirelles een ereplaats in “The Rock and Roll Hall of Fame” terwijl Beverly Lee nauwgezet toekijkt dat de naam Shirelles door anderen niet onrechtmatig wordt gebruikt. Datzelfde jaar werken ze mee aan het album ”A man amongst men” van Bo Diddley in de nummers Bo Diddley is crazy, Hey baby en Oops! Bo Diddley.  De 4de februari 2000 overlijdt Doris Kenner aan borstkanker. Als eerbetoon wordt een deel van Paulison Avenue in hun thuisstad Passaic sinds de herfst van 2008 Shirelles Boulevard genoemd.

 

tekst en research: Marc Brillouet

© 2012 Daisy Lane & Marc Brillouet