De calypso

Geplaatst in Genres

Wanneer we het over de muziek in de jaren vijftig hebben dan denken we meteen aan de rock and roll. We vergeten nogal snel dat de dansmuziek tout court toen nog erg in was. De hoogtijdag van de swing en de big bands lag net achter de rug, maar de mensen bleven tijdens het weekend zin hebben om de dansbenen te strekken. Het valt op dat vooral de latinodansen erg in trek waren. De mambo had zo zijn aanhangers met voorop de geweldige orkesten van Xavier Cugat en Perez Prado, er werd ook met veel graagte de chachacha gedanst én niet te vergeten de calypso.

Voor de oorsprong van de calypso moeten wij naar de Caraïben, bestaande uit de Caraïbische Zee en de Noord-Atlantische Oceaan in de buurt van de Bahama’s, vroeger aangeduid als West-Indië. Tot de Caraïben behoren landen en regio’s als Barbados, Curaçao, de Dominicaanse Republiek en Jamaica. De bakermat van de calypso ligt in Trinidad en Tobago, twee eilanden behorend tot de Kleine Antillen,  waar deze Afro-Caribische muziek graag werd gedanst en gespeeld. De naam calypso duikt voor het eerst op in de jaren dertig en zou etymologisch afkomstig zijn van kaiso, een samentrekking van de woorden ka isu. Er bestaat ook een theorie dat het woord een verbastering is van het Franse woord carrouseaux, dat op zijn beurt caliso werd uitgesproken en vervolgens calypso. De Franse eigenaars van suikerrietplantages en hun slaven uit de Franse Antillen hadden dus ook hun taal meegebracht. Niet voor niets dat in het begin de calypso vooral in het Creools werd gezongen. Het ritme lag vrij hoog. De vertolkers van die liederen werden aanvankelijk chantuelles genoemd, nadien calypsonians. In het begin zongen de zwarten die liederen op de plantages om zich af te reageren op hun meesters. Later dook de calypso almaar vaker op tijdens feesten zoals het carnaval dat de Fransen hadden geïntroduceerd en dat twee weken voor Aswoensdag van start gaat. De  slaven hadden dit feest gretig overgenomen om zich te kunnen uitleven. Vooral na de afschaffing van de slavernij in 1834 nam de populariteit van de calypso en het carnaval toe.

Lovey en Lionel Belasco waren zowat de eersten die calypsoplaten opnamen, vooral instrumentale nummers. De eerste hoogtijdagen van de calypso liggen tussen 1920 en 1930. Het genre won vooral aan stijl en vorm. Méér en méér dienden de gezongen liederen als een soort muzikale krant. Daarin werd commentaar geleverd op de binnenlandse politiek en het sociale leven. Ook werd de historiek van het eiland in die liederen geschetst. Op een bepaald moment ging de politie zich met de lyrics bemoeien, vooral wanneer ze té kritisch van inhoud waren. De censuur liep op een bepaald de spuigaten uit. Kilo’s platen die niet door de beugel konden, werden gelijk in zee gedumpt. Geen wonder dat er in de loop van de jaren dertig calypsosongs in New York werden opgenomen door uitgeweken calypsozangers. Op die manier kwam dit genre de deejays in Amerika ter ore en geraakte het stilaan verstrengeld met de Amerikaanse popmuziek. Denk maar aan die bekende hit van The Andrews Sisters Rum and Coca-Cola, oorspronkelijk een liedje van Lord Invader die samen met Lord Kitchener en Attila The Hun het genre definitief op poten zette.

De peetvader van de populaire calypsomuziek in de States mogen we toch wel Harry Belafonte noemen. Hij zette een klassieker neer als Day-O, een traditioneel volksliedje uit Jamaica dat bekend werd als Banana Boat Song. Zijn elpee “Calypso” uit 1956 werd een gigantisch succes en schoof méér dan één miljoen keer over de toonbank. Stilaan gingen Amerikaanse folkgroepen als The Brothers Four en The Kingston Trio de calypso in hun repertoire verwerken, liedjes als Jamaica Farewell en Yellow Bird. Ook songs als Mary Ann en Jump In The Line werden regelrechte klassiekers samen met het door Belafonte gepopulariseerde Man Smart, Woman Smarter. Daarnaast werden vooral Byron Lee, The Mighty Sparrow en The Merrymen populaire gangmakers van het genre. In de puur commerciële sector waagde onder meer het Duitse dansorkest Roberto Delgado zich aan één of andere bewerking van zo’n calypsohit.

Nog even dit! Op een bepaald moment smelten de soul en de calypso samen tot de soca waarin een discodrum en een dominerende bas voor de dansante aanpak zorgen.

 

tekst en research: Marc Brillouet

© 2015 Daisy Lane & Marc Brillouet