A whiter shade of pale

Geplaatst in Songs

In hokjes stoppen, doe je dat ook graag? Maakt het je gemakkelijker als je meteen iets kan thuiswijzen? Toen A whiter shade of pale in de hitlijsten opdook, hadden onder meer verzamelaars en muziekcritici het even moeilijk om dat muziekje te benoemen. Voor sommigen was het progressieve rock, voor anderen psychedelische rock en nog anderen noemden het barokrock.

A whiter shade of pale was de eerste single van de Engelse band Procol Harum opgericht door zanger-pianist Gary Brooker samen met gitarist Ray Royer, organist Matthew Fisher, bassist Dave Knights, drummer Bobby Harrison en de man die er op het laatst bijkwam Keith Reid, auteur van  de tekst A whiter shade of pale. Op zekere nacht was Keith te gast tijdens een feestje op de flat van Guy Stevens, een bekend deejay en tevens producer, in Gloucester Avenue in Londen. Rond een uur of vijf in de ochtend stelt Guy aan Keith voor hem naar huis te rijden. Terwijl hij dit vraagt, kijkt hij naar zijn vrouw Diane die in de deuropening staat. Ze ziet er wat afgemat en bleek uit waarop Guy tegen haar zegt: “My God, you’ve just turned a whiter shade of pale“. Die titel bleef in Keiths hoofd hangen. De titel was er dus eerst. De rest van het verhaal was eigenlijk een gedicht in een soort Shakespeareaanse stijl geschreven. Geen nowadays Engels dus. Keith begreep achteraf niet goed waarom de mensen zijn tekst zo moeilijk vonden. Het is gewoon een verhaal verteld vanuit het oogpunt van een man. Een man die zich wat moed indrinkt om een vrouw te kunnen verleiden. We skipped the last fandango is zeggen waar het op staat, wat er gebeurde. Turned cartwheels across the floor leek Keith ook gemakkelijk om te begrijpen. In een interview stelde  hij zich wel de vraag : “Is A whiter shade of pale about getting pissed and fancying the person opposite? ” Het was uniek voor die tijd om in een popliedje zo’n hoogstaande literaire inhoud te verwerken. Beweren dat Keith wat bij de Britse schrijver Geoffrey Chaucer had gejat was volgens hem volslagen nonsens. Hij zag geen gelijkenis met Chaucers “Canterbury Tales”, overigens hij kende die auteur niet eens. Claes Johansen, schrijver van het boek ”Procol Harum: beyond the pale”, beweert dat de tekst staat voor een ontmoeting tussen een man en een vrouw die na wat heen-en-weergepraat en afspraakjes maken eindigt op een partijtje seks.  De tekst straalt nochtans zoveel piëteit uit, gedragen niet te vergeten door de hemelse muziek van Gary Brooker, dat het haast een vast onderdeel zou kunnen worden van een huwelijksviering waar dan geen plaats  meer zou zijn voor de zo vertrouwde bruiloftsmars van Felix Mendelssohn-Bartholdy. Trouwens tijdens het huwelijk van Gary Brooker speelde Matthew Fisher A whiter shade of pale op het kerkorgel.

Het wat pompeuse karakter van A whiter shade of pale is voor een groot deel te wijten aan de muziek van Gary Brooker. Hij was het die met Air on a G string en Sleepers, awake! van Johann Sebastian Bach en When a man loves a woman van Percy Sledge in zijn achterhoofd begon aan het schrijven van de melodie toen hij de tekst van Keith Reid in handen had gekregen. Het was Gary die besloot tijdens het componeren één volledig deel van de tekst weg te laten omdat de inhoud anders te bombastisch zou worden. If music be the food of love and laughter is its queen and likewise if behind’s in front then dirt in truth is clean. My mouth by then like cardboard seemed to slip straight through my head so we crashed dived straight way quickly and attacked the ocean bed. Deze strofe haalde dus de originele versie niet!

Brooker heeft die vergelijking met de muziek van Sledge en vooral die van Bach jarenlang afgestreden. Brooker was maar wat blij toen MacGowan van The Pogues later aangaf dat A whiter shade of pale één van zijn lievelingsplaten was: “People say Procol Harum nicked it from Bach. But it doesn’t matter, because what tey did with it was much better than what Bach did with it“. Mag ik er ook even aan toevoegen dat sommige muziekkenners beweren dat er invloeden te horen zijn van O Mensch bewein dein Sünde grosz BWV 622 uit “Orgelbüchlein”, eveneens van Bach.

In het voorjaar van 1967 trekt Procol Harum naar de “Olympic Studio’s” in Londen . Matthew Fisher heeft zijn Hammond M-102 orgel meegenomen dat het geluid zal leveren dat de single zo populair maakt. Er wordt een versie opgenomen met sessiedrummer Bill Eyden, maar iets later heeft Bobby Harrison zich als vaste drummer bij de band aangesloten en wordt er een nieuwe versie, deze keer samen met hem, ingeblikt. Aachteraf bleek dat die versie niet zo goed was als die met Bill, vandaar dat er voor de vroegere opname werd gekozen, een monoversie zo blijkt. Klankingenieur van dienst was Keith Grant en producer Denny Cordell. De 12de mei wordt A whiter Shade Of Pale dat ook op hun eerste album ”Procol Harum” staat, op het Deram Records-label gereleaset met op de B-kant Lime street blues. Amper twee weken later staat de single op de eerste plaats van de Britse Top 40. Een opvallend gebeuren, want het was de allereerste single van deze nog onbekende groep. Zomaar uit het niets op één. Zonder pardon werden The Tremeloes met hun Silence is golden in de top veertig aan de kant geduwd. Nadien was het de beurt aan The Beatles om met All you need is love die eerste plaats op te eisen. 15 weken lang zou A whiter shade of pale in de Britse charts blijven hangen. In landen als Nederland, Duitsland, Ierland, Australië en België werd de absolute top van de hitlijsten bereikt. In Amerika werd de 24ste mei 1967 de vijfde plaats van Billboard’s Hot One Hundred ingepalmd. En dat zonder ook maar enige vorm van promotie. Het was John Lennon die het niet onder stoelen of banken stak dat hij weg was van A whiter shade of pale en het vaak speelde wanneer hij met zijn Rolls-Royce op weg was. Lennon dacht eerst dat hij de stem van Steve Winwood hoorde die op dat moment populair was als zanger van The Spencer Davis Group.

Als je goed kijkt dan zie je op recente persingen van het liedje drie namen vermeld staan: Gary Brooker, Keith Reid én Matthew Fisher. Fisher had namelijk in 2005 een proces aangespannen tegen Keith en Gary omdat ook hij aan het nummer had meegeschreven en nooit in de auteursrechten had gedeeld. De 30ste juli 2009 won hij het pleit en werd hem 40% van die rechten toegewezen.  Betalingen met terugwerkende kracht werden niet goedgekeurd.

Van A whiter shade of pale zouden intussen méér dan duizend coverversies bestaan. Vooral die van countrylegende Willie Nelson is me bijgebleven en die van The Box Tops. In 1978 nam Joe Cocker het op voor zijn album “Luxury you can afford”. Negen jaar eerder hadden The Everly Brothers het al opgenomen voor hun elpee ”The Everly Brothers Sing”, maar laten we die versie a.u.b. snel vergeten. Ook Mike Batt en Bonnie Tyler namen elk een versie op die we niet in ons geheugen hoeven te noteren. Wel om in te kaderen is de aanpak van Annie Lennox voor haar album ”Medusa” op het RCA-label in 1995. Ook een pluim voor de remake van Gary Brooker datzelfde jaar samen met een groot symfonieorkest voor zijn album “The Symphonic Music of Procol Harum”, een versie die ik regelmatig in mijn Radio 2 -zondagavondprogramma “Funiculi Funicula” draaide.

In de maand april van 1972 dook A whiter shade of pale nog eens op in de Britse charts toen het opnieuw werd uitgebracht.

Wat de single zo uniek maakt, is dat het een van de dertig best verkochte singles ooit is geworden, méér dan tien miljoen verkochte exemplaren. De song zou ook vaak in soundtracks van bekende films opduiken zoals: “The boat that rocked”, “Purple Haze”, “The Big Chill” en “New York Stories” van Martin Scorsese.

 

tekst en research: Marc Brillouet

© 2012 Daisy Lane & Marc Brillouet