I can’t help myself (Sugar pie, honey bunch)

Geplaatst in Songs

Het zal je maar gebeuren! Bevriend zijn, graag zingen, maar in diverse groepjes zitten en maar één wens hebben: samen zingen. Dat was het probleem toen Levi Stubbs, Abdul Fakir, Lawrence Payton en Renaldo Benson uit Detroit mekaar ontmoetten en merkten dat ze één grote liefde deelden, zingen. Op zekere dag werden ze gevraagd om dat op een feestje dan ook eens te laten horen, wat ook gebeurde. Dat viel zo goed mee dat ze de dag nadien afspraken bij Abdul thuis om hun samenzang eens echt uit te proberen en omdat dat zo goed meeviel, besloten ze een groep te vormen, The Four Aims. In 1956 wisten ze een contract aan de haak te slaan bij Chess Records. Omdat hun groepsnaam nogal geleek op die van de  in die tijd populaire Ames Brothers, hield hun platenfirma eraan hun naam te veranderen in The Four Tops. Nu zou dat Chessverhaal van zeer korte duur zijn, want na welgeteld één single, Kiss me baby, stapten ze gelijk over naar Red Top Records. Maar die deal zat ook niet mee en zo kwamen ze snel bij Columbia Records terecht op hetzelfde moment dat die firma Aretha Franklin had binnengehaald. Slechts één single zou dit avontuur opleveren en wel in 1960 Ain’t that love.

In hun thuisstad Detroit was Berry Gordy Jr. intussen net begonnen met zijn Motown Records-label en het kon niet uitblijven of Berry zou hen uitnodigen voor een babbel. Maar The Four Tops twijfelden. Hoe zou je zelf zijn? Je maakt op dat moment deel uit van een belangrijke firma als CBS in New York en uitgerekend dan vragen ze je om te beginnen bij een net opgestarte platenfirma, een zwarte dan nog wel, in Detroit. Maar The Four Tops zagen na die eerste weigering vlug in dat dat Motown-label het zou gaan maken, vooral dankzij sterren als Marvin Gaye en The Miracles. Na een tijdje klopten ze nog eens aan bij Berry Gordy Jr. die maar wat blij was met hun beslissing en hun zonder aarzelen 400 dollar betaalde om een contract te ondertekenen. Eerst werden ze ondergebracht bij het kleinere Workshop-label, een jazzy label, waar ze de elpee “Breakin’ through”uitbrachten. In de tijd die restte, zongen ze de backing voor andere artiesten. Zo kan je ze horen op een van de allereerste singles van The Supremes When the lovelight starts shining through his eyes. Maar voor hen bleven de hits nog even uit.

Op zekere avond waren The Four Tops te gast in “The 20 Grand”, een club die erg populair was bij de meeste Motownartiesten. Ze krijgen daar een telefoontje van één van de belangrijkste producers en schrijvers van Motown, Brian Holland, met de vraag of ze na hun optreden zo snel mogelijk naar de studio willen komen. Om 2 uur ‘s ochtends arriveren ze. Brian laat hun Baby I need your lovin’ horen dat ze nog diezelfde nacht opnemen. Het zou hun allereerste hit worden, bekroond met een 11de plaats in de top honderd.

Geen wonder dat Berry Gordy Jr. aan de Motowntandem Eddie Holland, Lamont Dozier en Brian Holland vroeg nog een paar songs voor The Four Tops te schrijven en als het kon die ook te producen. Without the one you love en Ask the lonely waren de twee daaropvolgende singles die je niet echt hoogvliegers kunt noemen, maar met I can’t help myself (sugar pie, honey bunch) was het méér dan raak. Noem dit maar een Tamla Motown-plaat pur sang. Hierin zitten al de ingrediënten die het label de jaren nadien groot zouden maken. Oké, het was duidelijk hoorbaar gebaseerd op Where did our love go van The Supremes, maar toch uniek genoeg om voor vol te worden aangezien. Qua backing kregen The Four Tops tijdens de opname vocale steun van The Andantes, een meidentrio dat wel vaker tijdens de opnames bij Tamla Motwn meezong. Achteraf was Levi, die de belangrijkste zangpartij voor zijn rekening had genomen, allesbehalve tevreden. Brian beloofde hem dat hij ‘s anderendaags nog eens een paar takes mocht uitproberen, maar Brian wist wel beter, want de dag nadien was de studio niet vrij en dus werd de opname van die nacht de officiële versie, de tweede take om precies te zijn. De 19de juni 1965 hadden The Four Tops hun allereerste nummer 1 te pakken.

In Nederland was het voor The Four Tops nog even wachten om daar winst te halen, want I can’t help myself werd dan wel op de radio gedraaid , maar aanslaan was een ander paar mouwen. Ook in de Top 30 in Vlaanderen komen we hen met deze single niet tegen. De Britten hadden er wél oren naar, nu laat me zeggen één oor, want hoger dan een 23ste plaats geraakten The Four Tops niet in de Top 40. Het zou in Europa wachten zijn tot ze met Reach out I’ll be there pas echt de hoofdvogel zouden afschieten.

tekst en research: Marc Brillouet

© 2012 Daisy Lane & Marc Brillouet