Just a gigolo

Geplaatst in Songs

Soms zijn liedjes zo verbonden aan een en dezelfde artiest dat je zou denken dat hij het ook zelf heeft geschreven. Wie met de rock-’n-roll werd grootgebracht, hoorde Just a gigolo waarschijnlijk als eerste in de versie van Louis Prima. Oorspronkelijk is het liedje echter een Weens nummertje van de hand van Julius Brammer en Leonello Casucci die het in 1929 schreven, datzelfde jaar nog op plaat gezet door niemand minder dan de legendarische tenor Richard Tauber, lievelingszanger van Franz Lehar die speciaal voor hem onder meer de aria Dein ist mein ganzes Herz schreef.

In 1931  nam het bekende orkest van Ted Lewis, de man die als allereerste ter wereld z’n shows  steeds begon met de slogan “Is everybody happy?”, Just a gigolo op plaat op. De 31ste januari bereikte hij daarmee de eerste plaats in de hitlijsten of wat daar toen in die tijd toch voor kon doorgaan. Datzelfde jaar  dook Just a gigolo van een Engelse tekst voorzien door Irving Caesar, een auteur die veel samenwerkte met onder anderen George Gershwin, Victor Herbert en Rudolf Friml en teksten had geschreven voor onder meer Tea for two en Swanee, op  in de gelijknamige film van Jack Conway. In 1978 verscheen er ook een filmversie van regisseur David Hemmings die dacht: ‘Ik verzamel een aantal bekende sterren om me heen en dan zal het wel lukken , met name  David Bowie, Marlène Dietrich, Kim Novak, Curd Jürgens en Maria Schell”. Het betekende de comeback van Marlène Dietrich na 17 jaar afwezigheid . Ze speelt in de film de rol van een barones die haar brood verdient met een gigolobedrijf. Ondanks alle talent kreeg de film  quotering nul. Het publiek bleef weg en de film werd een regelrechte flop!

Dat kan dus niet van het liedje Just a gigolo worden gezegd, want dat werd een regelrechte hit, een heuse evergreen. In 1931, om daar nog even de draad op te pikken, was het ook raak voor Ben Bernie,  Bing Crosby, Leo Reisman en 22 jaar later voor Jaye P. Morgan. Voor de in New Orleans geboren zanger-trompettist Louis Prima was het een vast item geworden op zijn repertoire tijdens z’n jarenlange optredens in Las Vegas samen met zijn vaste begeleidingsband Sam Butera and the Witnesses. Prima had dat nummer in een medley verweven samen met de song I ain’t got nobody van Spencer Williams. Die song dateert al van 1921 en was dat jaar een groot succes voor Marion Harris.

Toen in 1985  de in Indiana geboren leadzanger van de hardrockgroep Van Halen, David Lee Roth die Louis Prima-versie hoorde, was hij zo enthousiast dat hij die medley meteen  wou opnemen, wat ook  gebeurde. Z’n platenfirma Warner was erg blij en eveneens verbaasd toen David de 19de januari 1985 de 2de plaats bereikte van Billboard’s Hot One Hundred.

tekst en research : Marc Brillouet

© 2012 Daisy Lane & Marc Brillouet