The sounds of silence

Geplaatst in Songs

Paul en Art waren met The sounds of silence (de titel staat ook hier en daar  als The sound of silence vermeld) niet aan hun proefstuk toe. Zij hadden op het einde van de jaren vijftig al liedjes opgenomen als het zingende duo Tom & Jerry. In 1963 komen zij opnieuw samen en nemen als Kane & Garr enkele songs op die Paul heeft geschreven. Die liedjes baden in een folky sfeer die ze graag zongen in “Gerde’s Folk City”, een hootenanny club in de New Yorkse wijk Greenwich Village. In de loop van de maand september 1963 zingen zij daar een aantal nieuwe liedjes waaronder The sounds of silence. Toevallig komt dit producer Tom Wilson van Columbia Records ter ore die op dat moment samenwerkt met Bob Dylan. Simon weet Wilson ervan te overtuigen een auditie voor hen te organiseren die iets later leidt tot een contract bij Columbia Records.

Paul Simon weerlegt het verhaal dat hij The sounds of silence geschreven zou hebben tijdens de nadagen van de moord op John F. Kennedy. Hij zat gewoon thuis in zijn badkamer met de lichten gedoofd en zijn akoestische gitaar op schoot. De tegels van de badkamer zorgden voor een leuke weerkaatsing waardoor zijn stem plots veel ruimer klonk. Hij zette de kraan op halfzacht zodat het lichte ruisen van het water hem inspireerde tot het schrijven van The sounds of silenceDe duisternis in die badkamer vormt ook meteen de aanzet van het liedje: “Hello darkness, my old friend…” De maanden nadien blijft die tekst door zijn hoofd spoken en Paul beweert dat de song op de avond van de negentiende februari 1964 een definitieve versie krijgt. Van de 10de tot de 31ste maart 1964 neemt Simon samen met Art en met producer Tom Wilson twaalf songs op voor hun eerste elpee ” Wednesday Morning, 3 A.M.”. Op dat album een akoestische versie van The sounds of silence. Als je goed luistert zingen ze wel degelijk The sound of silence, maar op de hoes staat duidelijk vermeld The sounds of silence. Kan je nog volgen?

Wanneer Paul Simon van zijn platenfirma te horen krijgt dat van de elpee  ”Wednesday Morning, 3 A.M.” amper drieduizend exemplaren verkocht zijn, besluit hij in 1965 naar Londen te verhuizen. Daar neemt hij in de “Levy’s Recording Studio” in New Bond Street in de maanden juni en juli een soloplaat op “The Paul Simon Songbook” met daarop onder meer een herwerkte versie van The sound of silence (hier zingt hij wel degelijk over The sound of silence en zo staat het ook op de hoes vermeld). Een van de nummers op dat album is I am a rock dat Simon de veertiende december 1965 opnieuw opneemt, deze keer samen met Art, en dat bedoeld is voor de elpee “Sounds of Silence” die de zeventiende januari 1966 in de winkel ligt.

Gelukkig voor Simon & Garfunkel pikt intussen een deejay van het radiostation WBZ-FM in Boston het nummer The sounds of silence op en begint dat in zijn laatavondshow te draaien. Stations aan de oostkust pikken het ook op. Dat fenomeen merkt ook producer Tom Wilson. Intussen heeft, dankzij onder anderen The Byrds, de elektrische folk zijn intrede gedaan. Wilson komt op de idee The sounds of silence een elektrische facelift te geven. De 15de juni 1965 zit hij in de studio met gitarist Al Gorgoni, bassist Bob Bushnell  en  drummer Bobby Gregg. Hij had diezelfde dag met dit trio Bob Dylans Like a Rolling Stone opgenomen. Technicus van dienst Roy Halee mixt het nummer met heel wat meer echo dan er bij de originele akoestische versie werd gebruikt.

De dertiende september 1965 wordt deze geremixte versie van The sounds of silence op het Columbia-label als single uitgebracht. Noch Simon noch Garfunkel waren van deze nieuwe mix op de hoogte gebracht omdat zij niet meer als duo voor Columbia werkten. Paul Simon trad op dat moment in een Deense club op waar hij op zekere dag een exemplaar van Billboard in handen krijgt en ziet dat The sounds of silence het in de charts erg goed doet. Ook Garfunkel krijgt het in de gaten en belt meteen Simon op. Paul is eerst niet blij met deze versie omdat de technicus van dienst wat had geknoeid met het tempo en met de stemmen van hem en Art. Eind 1965 breekt de singleversie eerst door in de buurt van Boston om vervolgens ook veel gedraaid te worden in Miami, Washington D.C. en in de rest van Noord-Amerika. De vierde december staan Simon & Garfunkel op één en ze zullen zo’n twaalftal weken in de charts blijven met als eindresultaat in de maand januari van 1966 méér dan één miljoen verkochte exemplaren. Simon herinnert zich nog dat zij elk rond die tijd nog bij hun ouders inwoonden en dat zij op een avond samen in de auto zaten en daar de deejay van dienst hoorden aankondigen dat The sounds of silence op één staat. In de Britse Top 40 is er voor The Sounds of Silence geen plaats gereserveerd. Pas met de singles Homeward bound en I am a rock breken Simon en Garfunkel in Engeland door. In Nederland daarentegen klom de single naar de tiende plaats en werd Homeward bound vier maanden later een topvijfhit. In België zat er voor beide heren een elfde plaats in. Simon en Garfunkel scheren qua singlehits bij ons niet zo’n hoge toppen. Alleen Cecilia en El Condor Pasa worden bij ons echte hits. Het zijn eerder hun albums die hier in de smaak vielen.

In de slipstream van het succes van The sound of silence wordt in de loop van de maand januari 1966 de elpee “Wednesday morning, 3 A.M.” opnieuw uitgebracht, zowel in stereo als in mono, deze keer met méér succes. Het album bereikt de dertigste plaats in de Album Top Tweehonderd.

Eind december 1967 gaat de film “The Graduate” met in de hoofdrol Anne Bancroft en Dustin Hoffman in première. Regisseur Mike Nichols gebruikt onder meer The sounds of silence in de soundtrack. Deze film zal dankzij het nummer Mrs Robinson de grote internationale doorbraak voor Simon & Garfunkel betekenen.

Van The Sounds of Silence bestaat er een coverversie door de Britse groep The Bachelors die daarmee een derde plaats in de Britse Top 40 van de maand april 1966 bereikten. In Nederland werd het nummer door Boudewijn de Groot vertaald als Het geluid van de stilte op tekst van Lennaert Nijgh en terug te vinden op zijn eerste elpee.

tekst en research: Marc Brillouet

© 2015 Daisy Lane & Marc Brillouet