Till there was you

Geplaatst in Songs

De eerste januari 1962 nemen The Beatles in de Decca-studio’s in Londen vijftien songs op in de hoop een platencontract in de wacht te slepen, maar dat loopt met een sisser af. Ze worden niet goed bevonden. Hun manager Brian Epstein trekt iets later met die banden naar HMV in Oxford Street waar hij op 78 toeren een aantal acetates laat persen (meestal werden er van de mastertape, de moederband, acetates geperst om die links en rechts als promo aan te bieden of als demo alvorens er werd overgegaan tot de definitieve persing). Met die platen trekt hij onder meer naar George Martin, producer bij EMI, om hem te proberen te overtuigen The Beatles een contract aan te bieden. Een van die exemplaren is de acetate met daarop aan de ene kant Till there was you en aan de andere het door Lennon en McCartney geschreven Hello little girl. Dat exemplaar speelt Epstein, nadat Martin het hem had teruggegeven, door aan Les Maguire, in die tijd toetsenist bij Gerry and The Pacemakers, in de hoop dat zij het opnemen. Maguire, niet zo tuk op memorabilia, bewaart het vijf decennia lang bij hem thuis, tot zijn kleindochter het ontdekt en vraagt of zij het niet mag verkopen in de hoop dat het veel geld opbrengt zodat ze een huis kan kopen. De tweeëntwintigste maart 2016 is het zover. Omega Auctions biedt die dag in de stad Warrington in het Britse graafschap Cheshire deze acetate aan, het exemplaar dat van de hand gaat voor een bedrag van 77.500 Britse pond oftewel 97.533 euro.

Een primaire liveversie van Till there was you kan je horen op het album “Live! at the Star-Club in Hamburg, Germany 1962″. De Decca-versie is in 2013 legaal verschenen op het album “I saw her standing there”, verdeeld door Rock Melon Music.

 Till there was you werd door de in 1984 overleden componist Meredith Wilson geschreven voor de musical “The Music Man”. Die musical ging de negentiende december 1957 op Broadway in première. Nelson Riddle produceerde in de maand januari van 1958 de originele cast op elpee. Till there was you werd toen gezongen door de 17-jarige Sue Raney. Dat jaar nam jazzsaxofonist Sonny Rollins er een versie van op voor zijn elpee “Freedom Suite”. Uit die musical werd ook het liedje Seventy-six trombones een hit. Tussen haakjes, Sir Paul McCartney kocht later al de rechten van de liedjes die Meredith Wilson had geschreven.

The Beatles speelden Till there was you vaak tijdens hun optredens in de Hamburgse “Star Club” en speelden het dus ook op verzoek van Brian Epstein tijdens hun opnamesessie voor Decca Records. McCartney had opgemerkt dat een aantal popgroepen aan het begin van de jaren zestig tijdens hun optredens songs kozen die wat trager qua ritme waren, offbeat zoals dat heet. Via een oudere nicht van McCartney, Elizabeth Robbins, kwam Till there was you Paul ter ore in de versie van Peggy Lee. Haar versie is te horen op haar elpee “Latin ala Lee!” uit 1960. In 1961 verscheen trouwens in Engeland op het Capitol-label de versie van Peggy Lee op single. In de maand april van dat jaar bereikt ze er de dertigste plaats mee in de Britse Top 40. In Amerika had zangeres Anita Bryant er het jaar voordien een hit mee gescoord.

De achttiende juli 1963 trekken The Beatles naar “Studio 2″ in Abbey Road om daar een aantal songs in te blikken voor hun elpee “With the Beatles”. Producer van dienst is uiteraard George Martin. Die dag nemen ze vier liedjes op waarvan Till there was you het laatste is. Er worden van die song drie takes ingeblikt, maar The Beatles zijn niet tevreden en doen dat de dertigste juli nog eens over. Take acht wordt er uiteindelijk uit gepikt als beste en zal ook op de elpee belanden. De 4de november 1963 spelen The Beatles het live tijdens de “Royal Command Performance” samen met She loves you en Twist and shout. De 9de februari 1964 spelen ze het in de USA voor de eerste maal tijdens de “Ed Sullivan Show”.

McCartney was nadien niet te beroerd om toe te geven dat hij er zijn nummer And I love her op baseerde dat ze in 1964 opnamen voor hun eerste film “A hard day’s night”.

tekst en research: Marc Brillouet

© 2016 Daisy Lane & Marc Brillouet