Winchester Cathedral

Geplaatst in Songs

Tegenwoordig kom je ze niet vaak meer tegen in de hitlijsten, liedjes waarin geen woord, maar dan ook geen woord gezongen wordt, instrumentaaltjes dus. De voorbije decennia leverde dat nochtans aardig wat hits op, maar ja, orkesten waren toen meer in dan nu. Die waren toen nog betaalbaar. En geef toe, de synthesizer heeft wat dat betreft veel stukgemaakt. Ook het sampelen van instrumenten hield in dat orkesten niet meer nodig waren. Tegenwoordig kan je met één toetsenman en een kleine bezetting de klank van een groot orkest oproepen.

De achtste september 1966 stond op de vierde plaats in de Britse Top 40 een sextet met het nummer Winchester Cathedral. De groep bestond uit honderd procent Britse muzikanten onder aanvoering van Geoff Stephens die ook wel eens zelf in een hitlijst wou staan. Tot dan toe had hij hits geschreven voor onder meer The Applejacks die goud hadden gescoord met Tell me when en voor Dave Berry The crying game. Geoff was van opleiding leraar Frans en Engels, maar zag zich niet zijn leven lang voor de klas staan en trok dan maar richting reclamebureau. Hij geraakte zelfs als tekstschrijver tot bij de BBC, maar toen hij een aankondiging in de krant zag staan dat een uitgever op zoek was naar een liedjesschrijver, liet hij meteen alles vallen wat hij in zijn handen had, letterlijk en figuurlijk! Hij komt terecht bij een muziekuitgever in de Londense Denmark Street, te vergelijken met het Amerikaanse Tin Pan Alley op Broadway. Op zekere dag zit hij daar op kantoor wat te niksen. Zijn gedachten dwalen af en hij blijft een tijdje staren naar een foto die op de dagkalender te zien is. We kijken even mee en zien een afbeelding van een gotische kerk die, als we even naderbij gaan kijken, Winchester Cathedral blijkt te zijn, een kathedraal in Hampshire waarvan de bouwwerken al in 1079 begonnen waren. Zonder dat hij er eigenlijk erg in had, begint Stephens de eerste noten te schrijven van wat na een tijdje de melodie Winchester Cathedral zal worden. Hij hield nogal van muziek in de stijl van de Britse musichall, in Amerika vaudeville genoemd, lekker ouderwets, en zo moest Winchester Cathedral ook klinken. Hij gaat op zoek naar enkele sessiemuzikanten en neemt de zangpartij voor zijn eigen rekening, want het moest klinken zoals de zangers in de jaren dertig klonken, het liefst zoals Rudy Vallée klonk. Een megafoon moet het gewenste effect oproepen. Omdat hij geen muggenzifters in zijn buurt wil produceert Geoff zijn nummer zelf. En omdat het kind een naam moet hebben, doopt hij de groep The New Vaudeville Band. In Engeland werd de single, uitgebracht op het Fontana-label, op applaus onthaald. In  Amerika kreeg de single zelfs een  staande ovatie. De derde december 1966 prijkt Winchester Cathedral daar op de eerste plaats nadat The Supremes met in hun kielzog You keep me hangin’ on zo vriendelijk waren geweest hun biezen te pakken. Een week zou The New Vaudeville Band op één staan fonkelen tot ze zo galant waren om The Beach Boys die ereplaats heel even te laten inpalmen  met Good vibrations, maar een week later werd er opnieuw van plaats geruild en mocht Winchester Cathedral nog eens twee weken na mekaar op het ereschavot staan. Dan was het de beurt aan The Monkees met I’m a believer.

Vreemd genoeg werd Winchester Cathedral in Nederland géén hoogvlieger. Er werd vrij laag gescoord met een 31ste plaats in de Top 40. Wij Belgen vonden het liedje iets leuker klinken en hadden er een zesde plaats in onze Top 30 voor over. Nu Winchester Cathedral een internationaal succes was geworden, moest er ook een echte band worden opgericht om op te treden. Dus ging Geoff op zoek en kwam aandraven met: drummer Henry Harrison, gitarist Mick Wilsher, trombonist Hugh Watts, saxofonist Robert Kerr, bassist Neil Korner en pianist Stan Heywood. Omdat Geoff geen zin had om avond na avond live op een podium te staan, werd zanger Alan Klein in huis gehaald.

Na het succes met Winchester Cathedral nam de band met succes Peek-a-Boo  en Finchley Central op, maar die konden niet eens in de schaduw van het succes van Winchester Cathedral staan. Toch slaagde de groep erin een jaar lang op te treden in het “Aladdin Hotel” in Las Vegas. Eenmaal terug in Engeland gaan ze vaak in het cabaretcircuit optreden. In diezelfde speelse stijl van Winchester Cathedral schreef Geoff Stephens even later de hit There’s a kind of hush voor Herman’s Hermits.

In 1966 kreeg Winchester Cathedral een Grammy Award for Best Contemporary Recording. Het nummer zou gecoverd worden door onder meer: Petula Clark, The Shadows, Frank Sinatra en Claude François.

tekst en research: Marc Brillouet

© 2012 Daisy Lane & Marc Brillouet